Lucas begint met te zeggen dat een talloze menige met Jezus meeging. En wij stellen dan ook de vraag: “Wat bezielde die mensen om Jezus te volgen?” Wat verwachtten ze van Hem? Wat verwachten wij vandaag van Hem ? Wat verwachten we van de Kerk, waarin Jezus leeft ? Eens waren ook massa’s mee met de Kerk. Een plotse blinde verliefdheid op Jezus? een voortvarend en overhaastig enthousiasme, om de tekenen die Hij deed, dat nog eerst moet worden geblust ? Minder zuivere motieven, die nog moesten gecorrigeerd of uitgezuiverd worden ?
- Jezus wil vandaag klare wijn schenken. En dat zegt Hij niet voor een selecte groep, maar Hij staat met zijn gelaat voor die massa. Zijn woorden zijn voor iedereen. Ook voor ons . Hem volgen is niet zo vanzelfsprekend. De eisen van Jezus hier zijn een verzameling van diverse uitspraken, door Lucas hier gebundeld. Het komt erop aan leerling van Jezus te worden. Legt Jezus de lat hoog ? Bij Hem is er een voortdurende wisselwerking enerzijds van veeleisendheid, radicaliteit en anderzijds van barmhartigheid. Maar de woorden die Hij vandaag spreekt zijn klaar.
a) “Als iemand naar Mij toekomt, die zij vader en moeder en andere verwanten… zelfs zijn eigen leven niet haat, kan hij mijn leerling niet zijn.” De vertaling bij Mt 10,37 is duidelijker: " Wie vader of moeder, zoon of dochter… boven Mij bemint is Mij niet waardig." Jezus sprak Hebreeuws of Aramees. Die taal kent geen trappen van vergelijking, zoals bij ons: goed, beter best; veel, meer, het meest… Zoiets drukken zij uit door een tegenstelling. Daarom staat “haten” hier voor " minder beminnen, ondergeschikt beminnen". - Bedoeling is dat wie zijn leerling wil zijn, absolute voorrang geeft aan God. God is immers de uiteindelijke werkelijkheid; en wie in relatie leeft met God leeft in de waarheid, en handelt juist. Deze voorrang verdringt daarom alle andere liefdes. Of beter: de andere liefdes worden als ondergeschikt opgenomen in Gods Liefde. En daardoor worden ook die andere liefdes veel dieper, rijker en bestendiger. Als God niet op de eerste plaats komt, weet dan hoeveel afgoden ge dient. De leerling van Jezus wordt dus zoals Paulus de “gevangene” van Jezus ( Filemon 9-17, 2de lezing). En dat heeft tot gevolg dat hij zijn kruis wil dragen, en dat hij zich bevrijdt van wat hij bezit (zich bevrijdt: geen slaaf is van zijn bezit).
b) Zulke taal is in tegenstroom tegenover al wat vandaag in de huidige genotcultuur evident is. Onlangs deelde Kard. Murphy O’Connor, de kath. Aartsbisschop van Westminster, mee dat het christendom in Engeland op stervens na dood is onder de druk van de absolute voorrang aan de markteconomie en de consumptie. In zijn boek “New Rules” (nieuwe regels) schreef Daniël Yankelovich, (enquêtes in de VS) reeds ruim 20 j. geleden: Men is overgegaan van een tijd van offergezindheid naar een tijd van zelfrealisatie volgens autonome planning. Het begon in de universiteiten, en het waaide over naar de brede gemeenschap. Waar in studentenkamers destijds de letters waren opgehangen D.O. ( Dagelijks offer), zag ik later in de hall van een school reuzengroot: “Leer genieten”. Het werd, schreef Yankelovich, een zelfvernietigingstrategie. Niet wij realiseren ons. In God worden wij een nieuwe schepping, waarover Paulus: “Gods liefde is in onze harten uitgestort door de H. Geest die ons werd geschonken.”( Rom. 5,5). “Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn Woord onderhouden; mijn Vader zal hem liefhebben, en Wij zullen tot hem komen en verblijf bij hem nemen.” (Joh. 14,23). Die inwoning is dan ook de draagkracht van wie Jezus volgen wil.
- Leerling van Jezus worden is dus een heel avontuur. Alvorens ge verder met Mij meegaat, zegt Jezus, moet ge even gaan zitten. Dat woord is uniek bij Lucas. Als er iets belangrijks moet gebeuren moet men erbij zitten. De jonge Jezus “zat” in de tempel, luisterde en stelde vragen aan de rabbijnen. Maria van Bethanië “zat"aan Jezus’ voeten. Ook hier: wie een toren wil bouwen of met een leger wil optrekken moet eerst gaan zitten en alles goed overwegen. Met een koel en uitgeslapen hoofd. Jezus consequent volgen is ook een zaak van bouwen en strijden. Het betekent vooruitzicht en organisatie. Welke verzekering neemt ge ? Geen enkele, tenzij de zekerheid dat God u nooit in de steek zal laten, indien ge echt overgeeft aan Hem.- Het doet me denken aan die jonge huismoeder, die zei: “Juist op de dagen, dat ik het meest te doen heb, moet ik even gaan zitten. Zo win ik tijd.” Toen Priester Edw. Poppe overspoeld was met werk, ging hij eerst een of twee uren bidden. En dat is juist was ons ontbreekt in deze tijd van activisme, en in de drukte van zoveel geluiden. Even tot stilte komen, voor Christus, gaan zitten, aanbidden, afdalen in ons hart, de ruimte van ons hart openen en zeggen dat Hij binnen mag. En stellen we onszelf de vraag: " Waarmee zijn we feitelijk bezig ?” “Wat is de zin van mijn bestaan ?” Willen we enkel officieel tot het christendom behoren, of willen we leerling van Jezus zijn ? Velen worden gedoopt, gevormd, doen hun eerste H. Communie… en worden kerkelijk begraven. Maar het christendom is meer dan een formaliteit. Alleen wie zichzelf echt aan Christus geeft, zal Christus’ vreugde smaken.