20e zondag door het jaar: Lucas 12, 49-53.
Geen lieve vrede !
Ik kan het me nu heel goed voorstellen dat je bij dit evangelie verhaal even je wenkbrauwen fronst en dat je twijfelt of je het wel goed gehoord hebt.
Op het eerste gezicht lijken deze woorden van Jezus immers haaks te staan op zijn boodschap.
‘ Denken jullie dat Ik ben gekomen om vrede te brengen op aarde? vraagt hij aan zijn leerlingen. Hierop geeft Hij zelf daarop het antwoord: ‘ Neen!
Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar eerder verdeeldheid!’
Als dat zo is, wat bedoelt Jezus er dan wel mee ?
Laten we even stilstaan bij de aanhef van het evangelie,
waarin Jezus zegt Hij vuur is komen brengen op aarde en dat Hij graag zou willen dat dat vuur in alle hevigheid zou ontbranden.
Over welk vuur gaat het hier?
Is het, het vernietigend vuur, dat overal waar het voorbijgaat dood en vernieling zaait? Neen, helemaal niet!
Want Jezus spreekt ook van een doopsel met de heilige geest en met vuur.
Het vuur dat Jezus wil zien ontvlammen is dus duidelijk het vuur van zijn Geest,
waaraan we ons hart kunnen verwarmen. Dit vuur van gratuite liefde brandt ook in ons hart. Ik stel me de vraag
In welke mate zijn we be geest erd door het vuur van zijn Geest?
Dit lijken mij fundamentele vragen te zijn die het evangelie ons stelt.
Want net zoals 2000 jaar geleden in Palestina is het ook hier en nu niet vanzelfsprekend dat je je leven afstemt op de golflengte van het evangelie.
In en om ons heen zijn heel wat stoorzenders die onze keuze voor Jezus
en voor God in vraag stellen en bemoeilijken.
Wie in verzet komt tegen onrecht dat anderen wordt aangedaan of zelf positieve kritiek geeft kan rare klappen verwachten.
Het gaat altijd om het goddelijke in de wereld te beschermen dat wat heilig is,
mag niet stuk gemaakt worden.
Wapens en drugs geven aan kinderen om hen in een vuile oorlog te laten meevechten is heiligschennis. Zieke mensen aan de kant duwen is onaanvaardbaar
in Jezus ogen. Als een wet hulpeloze en onschuldige mensen straft, is die wet niet goed.
De mens gaat voor, ook als dat verdeeldheid oproept in familieverband of vriendenkring. Vrede betekent niet : alles maar goed vinden .
Omwille van de lieve vrede wordt er dikwijls gezwegen ook al strookt het niet met je geweten. De laffe vrede van diplomatieke oplossingen of het goedpraten van misstappen die vrienden begaan is niet waar Jezus is voor gekomen.
Er zijn grenzen en de grens is niet de wet maar de kleine mens die wordt geknecht en geslagen. Mensen die niet meekunnen met onze ingewikkelde samenleving, mensen die door eigen onvermogen geïsoleerd raken en in de put zitten.
Wie hoort hen nog?
Jezus predikt geen geweld en roept niet op om verdeeldheid te zaaien.
Hij verdedigt allen die een evangelische keuze maken en daarvoor soms zware tol moeten betalen en net zoals Jeremia in de put geraken.
En altijd is de gebroken mens de inzet :
Het kind dat geweld wordt aangedaan, die weduwe die genegeerd wordt,
de boze puber die wegloopt.
De dagelijkse gekwetste heiligheid in onze omgeving.
Ja, Jezus bedoelt ook ons, wij die proberen ons vast te houden aan gerechtigheid aan onvoorwaardelijke liefde die de ander optilt en bij zichzelf brengt.
Wij die ons zorgen maken over onze zieke buurman of die drie keer slikken voordat we anderen hun fouten kunnen vergeven.
Zo een levenshouding vraagt steeds een keuze voor waarachtigheid.
De weg naar geluk en vrede,
bouwen aan Gods nieuwe hemel en aarde gaat niet zonder weerstand.
Verdeeldheid is onvermijdelijk om tot eenheid en ware vrede te komen.
Zo is ook onze geloofsgemeenschap onderweg, zoekend naar nieuwe vormen van parochie zijn. Het is een teken van leven, er is vuur.
Laat er daarom gesprek zijn, mening tegenover mening, en zo : ruimte voor velen, ruimte voor liefde, ruimte om hartverwarmende activiteiten te ontplooien waar de boodschap van het evangelie ingang kan vinden.
Dat kost soms modderige voeten zoals de profeet Jeremia dat overkwam, maar er is ook altijd het vertrouwen dat God zelf bij ons is en blijft en telkens opnieuw ons vuur gaande houdt Moge het zo zijn !