God wil zich verloven met deze wereld (2007)

C-cyclus · Tijd door het jaar · 2e zondag · groen

Misschien herinnert u zich nog dat u in uw collegetijd De Witte van Ernest Claes moest lezen. Twee tegenspelers in het boek zijn pastoor Munte en de smid, de socialist van het dorp. Pastoor Munte had die zondag gepreekt over de bruiloft van Kana, voor hem de mooiste passage in heel de Bijbel. De pastoor dronk zelf graag een goed glas wijn en dat Jezus mensen met zijn mirakel uit de penarie had geholpen vond hij ontroerend. Maar de smid had met een andere ingesteldheid naar de preek geluisterd en had even uitgerekend hoeveel liter wijn er niet gedronken was: 6 kruiken elk met een inhoud van 80 à 120 liter; dat kon tellen. De smid zag er een mooie kans in om de pastoor te jennen, die op zijn beurt helemaal ontdaan was, want zo had hij het verhaal nooit bekeken. Wij zouden op vandaag zeggen: noch de pastoor noch de smid hadden gelijk, want ze begrepen het verhaal veel te letterlijk. Zoals op zoveel andere plaatsen is ook deze tekst van Johannes één grote opeenstapeling van symbolische verwijzingen. (cfr. J. NIEUWENHUIS, Johannes de ziener. Kok, Kampen, 2004,52-59)

Ik noem er een aantal.

  • Dit verhaal is in het evangelie van Johannes het eerste teken van Jezus. Daarom staat er “op de derde dag”. Voor Johannes zoals trouwens elders in de Bijbel is term ‘de derde dag’ altijd een aanwijzing dat iets heel bijzonder gaat gebeuren (In het scheppingsverhaal verzamelde God op de derde dag de wateren zodat land tevoorschijn kwam en God zag dat alles heel goed was, na dagen van dorst ging Mozes op de derde dag op zoek naar water, op de derde dag daalde God van de bergtop af om zijn verbond te sluiten, op de derde dag trok het volk door de Jordaan, de derde dag van de week was de dag dat men Israël meestal trouwde, enz. ). Na een periode van wachten en uitzien gebeurt er iets nieuw zoals ook nu met Jezus optreden.

  • Op de derde dag heeft te Kana in Galilea een bruiloft plaats. In die godvergeten streek viert men feest. Zoals God zijn bruid, Israël, huwde in de woestijn, verbindt Hij zich opnieuw met mensen. Het bruiloftsfeest verwijst naar de tederheid en trouw waarmee God zich engageert, een engagement dat mensen feestelijk stemt. Johannes brengt echter een dramatisch element binnen: de wijn waarmee het feest wordt gevierd raakt op. Met één eenvoudig beeld wil Johannes zeggen: ons Joodse geloof (waartoe ook hijzelf had behoord) is leeg geworden. In de tempel worden wel offers opgedragen, maar het rouwmoedige hart ontbreekt. De Thora was uitgehold, zonder ziel, letterlijk verwaterd. Er stonden daar alleen nog 6 kruiken met water. Het cijfer 6 wijst op iets dat niet af is, dat verlangt naar de 7, het heilig getal.

  • Op dat ogenblik treedt een belangrijke figuur op: Maria de moeder van Jezus. Zij speelt een belangrijke rol bij het nieuwe dat gaat komen. Maria is bij Johannes echter meer dan de moeder van Jezus. Zij staat voor hem ook symbool voor al die Joodse gelovigen die uitzagen naar een nieuwe tijd. Zij komt daarom in het evangelie van Johannes maar twee keer voor. Hier en onder het kruis. Op het kruis zegt Jezus tegen de geliefde leerling ‘ziedaar je moeder’, anders gezegd: ‘jullie aanhangers van Jezus zie daar jullie moeder, het volk waaruit je komt’, en ‘jij moeder, zie daar je zoon’, Israël zie daar de nieuwste twijg aan je stam. Johannes was erom bekommerd dat deze twee geloven tezamen zouden blijven. Maria is representant van dat deel van het Joodse volk dat uitzag naar een nieuwe tijd, ze is de belichaming van een bezielde Thora. Daarom heeft Maria dat vreemde gesprek met Jezus en met de dienaren. Ze wijst Jezus erop dat het niet goed gaat met het geloof van haar volk (ze hebben geen wijn meer) en ze zegt tegen de dienaren: “Doe wat Hij jullie gebiedt”. Het klinkt als een vermaning naar de leiders van het volk. Ook hier wijst Johannes erop hoe de twee geloven met elkaar zijn verbonden en elkaar nodig hebben. Als de uitvoerders van de Wet uitvoeren waartoe Jezus oproept zal een nieuwe tijd aanbreken.

  • Wat die nieuwe tijd zal zijn zegt Johannes niet zakelijk, maar met een beeld: de beste wijn is voor het laatst gehouden. In plaats van het water in de kruiken waarmee men ritueel de voeten wast is er nu de feestelijk wijn die het hart raakt. Van binnenuit krijgen de oude voorschriften en rituelen een nieuwe betekenis. Jezus brengt een nieuwe boodschap over de eigenlijke aard van God en raakt zo de diepste kern van de mens. Het vernieuwde geloof is er een van vreugde, bevrijding en dankbaarheid.

Zo kom ik na een hele omweg en symbolische lezing van dit eerste teken van Jezus bij een belangrijke gedachte: zoals het geloof van het oude Israël dreigt alle geloven altijd en overal dicht te slibben en te verstollen. Sterker nog: het kàn niet anders dan dat aan de Blijde Boodschap altijd tekort wordt gedaan. Waarom? In de eerste verzen van zijn evangelie schrijft Johannes: “het licht scheen in de duisternis, maar de duisternis kon het niet aan” (ook vertaald als: maar de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen). Jezus’ boodschap over God is van zo’n overdadige nieuwheid dat wij haar diepte nooit helemaal zullen begrijpen en dat we in de praktijk altijd naar verstening toe zullen neigen. Precies omwille van zijn radicale andersheid zal Gods verschijnen in de wereld altijd weer verwateren want deze wereld, wij allen, zijn op andere dingen afgestemd. We moeten daarom altijd opnieuw weer trachten terug te keren naar die ongrijpbare kern, uitgedrukt met dat beeld van een nieuwe, sprankelende wijn die ons wordt aangereikt. Slechts dan kunnen we genieten van een echte Bijbelse vreugde.

Zoeken in Preken Online