Beste lezer,
Vandaag gaan beide lezingen over gasten en gastvrijheid, heel passend in de zomer wanneer opeens onverwachte gasten ons met een bezoek verrassen.
Gasten krijgen of hebben en gastvrijheid, dat zijn in onze tijd verschillende dingen. Een hotel kan gasten krijgen, een familie kan grootouders, kleinkinderen, een studiegenoot te gast hebben. Je verwacht hen, alles is afgesproken dank zij de telefoon of e-mail, je bent er op berekend en je hoeft er niet alles voor overhoop te halen, zoals Abraham, hoogstens de gastenkamer even op orde te brengen.
Nog niet zo heel lang geleden was het anders. Ik kan me herinneren dat er op een hete zomerdag iemand aan de deur kon staan die om een glas water vroeg. Zo iemand liet je binnenkomen, om in de schaduw wat te eten en te drinken. Of een fietser die om wat hulp vroeg om zijn band te repareren. Of een herder die op een heel koude winteravond om onderdak voor zich en zijn schapen zocht. Altijd onverwacht, iemand legde even beslag op je.
Het eerste verhaal, over Abraham en zijn gasten. In zijn tijd was gastvrijheid een kwestie van leven of dood van de kant van de gast èn van de kant van de gastheer en gastvrouw. Een vreemde werd uitgenodigd om gast te zijn omdat hij een balling was, een vluchteling of een hulpbehoevende vreemdeling in een onherbergzame en vaak levensgevaarlijke wereld. Je vroeg een gast nooit zijn naam, je vertrouwde hem. In een gast kon God zich verbergen. Maar het kon ook een misdadiger zijn die misbruik maakte van je gastvrijheid. Gastvrij zijn, dat was iets heiligs, altijd.
Het verhaal van de barmhartige Samaritaan herinnert daar aan.
In onze tijd zijn mensen uit het rijke noorden gast in de arme landen in het zuiden. De armoede en de vriendelijkheid van de arme mensen daar is een bezoek waard en die armen verdienen er nog wat aan ook.
Maar het omgekeerde ligt heel wat moeilijker: velen hebben er moeite mee mensen uit die arme landen bij ons als gast welkom te heten. Gelukkig niet iedereen!
De vorige week heeft Minister Ella Vogelaar, van wonen, wijken en integratie, in een interview de durf gehad om te zeggen dat Nederland ooit een land zal zijn waar islamieten, die nu nog vreemden en nauwelijks gasten zijn, ooit deel gaan uitmaken van onze cultuur en onze traditie. Zij weet nog, juist als Abraham, dat gastvrijheid heilig is en dat je gast een grote verrassing kan meebrengen. Dat geldt nu al als we zien hoeveel Islamieten, mannen en vrouwen, al helemaal zijn opgegaan in het hedendaagse Nederland, in de politiek, kunst, media en arbeid. Mèt hen mogen we blij zijn dat ze hier gastvrijheid gevonden hebben. Zij maken Nederland rijker.
Het is zomer, daarom nog een keer gastvrijheid maar dan anders!
In de zelfde tijd Dat Ella Vogelaar sprak, liet ook het Vaticaan van zich horen: In het document: Antwoorden op enkele vragen met betrekking tot bepaalde aspecten van de leer over de kerk stelde het Vaticaan voor de tweede keer in zeven jaar tijd vast dat alleen de Rooms Katholieke Kerk de kerk van Jezus Christus is. Dat geldt niet voor de kerken uit de Reformatie. Op welk gezag, uit welke geest spreekt het arrogante Rome? Welke gast wordt daarmee buitengesloten?
Abraham nodigde onbekenden uit, Minister Vogelaar ziet de Islam als deel van onze cultuur. Maar het Vaticaan weigert broeders en zusters die delen in hetzelfde geloof binnen te laten. Welke gast blijft daarmee buiten de deur?
In het evangelie hebben we gehoord dat Jezus logeerde bij zijn twee vriendinnen, Marta en Maria. Marta maakte zich heel druk als gastvrouw, en ze kon geen aandacht geven aan Jezus zelf, de gast.
Jezus suggereert dat het niet gaat om wat je op tafel zet, maar om de aandacht die je geeft aan je gast. Ook de gast heeft wat te bieden, niet alleen de gastvrouw!
Uiteindelijk mogen we zeggen: als je gastvrijheid betoont, aandacht hebt voor je gast, dan komt ware menselijkheid helemaal tot haar recht.
Dat het zo moge worden.
Een notitie uit een brief van Sandra Baetsen, Kaapstad, Zuid Afrika, die helemaal uitpakt wat er in het begrip gastvrijheid verborgen zit:
“Het woord Ubuntu komt uit het Ngumi, een taal in Zuid Afrika. Ubuntu betekent : al wat nodig is om te zijn wat je kunt zijn.
Dat houdt in de deugden van welwillendheid, genegenheid, samen delen, edelmoedigheid, gastvrijheid, vriendschap, meeleven.
Ubuntu houdt in dat we het op ons eentje niet goed kunnen maken of gedijen, dat we alleen door communicatie over en weer binnen onze gemeenschap een volgroeide persoon worden.
Zinnen als: “Alleen door andere mensen worden we zelf een persoon, iemand die er zijn mag,” en: “Ik ben iemand die er zijn mag,” vatten samen wat Ubuntu wezenlijk is - dat er genoeg bestaansmiddelen voor iedereen zijn, als we ze weten te behoeden en te delen met elkaar en dat we alleen kunnen overleven, het goed maken, als we om elkaar geven, ons om elkaar bekommeren.”