Dit is zonder meer een slechte titel boven dit stuk. Wat in het evangelie lezen staat, is gewoon een pleidooi voor Maria. Ik zal dus wel verkeerd hebben gelezen? Maria wordt geprezen en Martha wordt afgewezen. Dat staat duidelijk in het evangelie van Lucas. In zijn tiende hoofdstuk. Het staat er zelfs zwart op wit: ‘Maria heeft het beste deel gekozen.’ Is het één wel zo wit en het andere wel zo zwart? Dat houdt me bezig. Keurt Jezus Maria goed en keurt hij Martha af? Wat is hier aan de hand?
We zijn in dit hoofdstuk van Lucas nog altijd bezig met de ernstige vraag van de joodse jurist: wat moet ik doen?Vorige keer zei Jezus dat het taboe van onreinheid geen struikelsteen mag zijn en geen excuus om de geslagen en gewonde man in zijn bloed te laten liggen. Hij geeft de ‘doender’ een compliment. De doender heeft gelijk. Hij heeft de nood van de mens begrepen. Proficiat, lieve Samaritaanse, vreemde mens. Daarmee legde Jezus het gelijk aan de kant van de mens die de verworpen mens opraapt en geneest. Bemin de naaste als jezelf. Dat was het verhaal van de barmhartige Samaritaan.
Daarop volgt nu een tweede verhaal, dat van Martha en Maria. Het is eveneens een antwoord op de vraag van onze oprechte jurist: wat moet ik doen? Jezus zegt hem dat hij twee dingen moet doen: God beminnen én de naaste. Dat is wet-en-profeten. Dat is alles. In het vorige verhaal werd de mens geprezen, die de naaste liefhad boven de tempel. Vandaag zegt Hij datje ook aandacht moet hebben voor het schouwen van God boven de zorg voor de mens. Pas als je dit dubbele antwoord geeft, heb je God echt gediend. Dat is ware godsdienst. De godsdienst op zijn best! Het verhaal van de barmhartige Samaritaan en het verhaal van Martha en Maria zijn samen te lezen. Anders zing je het hele liedje verkeerd. Anders geef je geen antwoord aan de wetgeleerde. Hij wilde immers weten hoeveel aandacht je moet geven aan God en aan de mens.
Dat was niet enkel voor de wetgeleerde een probleem. Ook de eerste Kerk heeft met die vraag geworsteld. En wij zijn daar ook voortdurend mee bezig. Toen, in Lucas’ tijd, was het een vraag naar de verhouding liturgie-diaconie. Om het nu eens in pastorale termen te zeggen. Mag een mens zich verliezen in dienst aan God, of mag hij zich verliezen in de zorg om de mens? Dat was voor de Kerk die Lucas kende een brandende vraag. Om daarop te antwoorden, geeft Lucas een tweevoudig antwoord. Twee mensen worden geloofd en geprezen: de barmhartige Samaritaan en Maria. Drie mensen worden afgekeurd: de priester, de leviet en… Martha. Wie houdt van zwart-wit tekeningen, van goeden en slechten, wordt hier door Jezus op zijn wensen bediend. Er zijn schapen en er zijn bokken. Er zijn goeden en er zijn slechten.
Ik kan echt niet geloven dat dit de waarheid van Jezus is. Ik geloof veeleer dat Hij een spiegel voorhoudt. In het eerste verhaal mogen de priesters en de levieten iets leren van de Samaritaan. In het tweede verhaal mag Martha iets leren van Maria: diaconie kan niet zonder aandacht voor God. Moet Maria ook niet leren van Martha: zingen in het koor zonder aandacht voor de keukenzuster? Kan dat?
Als de koorzuster de vaat doet, wordt alles goed…