Om de boodschap van dit evangelie te begrijpen hoeven wij niet veel te denken, maar moeten we wel goed leren zien. We moeten kijken naar Simon, kijken naar Jezus, kijken naar de vrouw.
Letten we eerst op Simon. Hoe kijkt hij naar de vrouw? Toen de farizeeër dit zag, zei hij bij zichzelf: “als dit een profeet was dan zou hij weten wat voor een vrouw het is, het is immers een zondares.” Hij ziet bij deze vrouw alleen de zonde. Het kijken van Simon beperkt zich tot haar verleden. Hij nagelt de vrouw erop vast. Hij fixeert haar in haar zondige toestand. Zij is voor hem een doorn in het oog en liefst van al zou hij haar buiten gekeken hebben. Het komt bij hem niet eens op dat deze vrouw ook een geschiedenis heeft als vrouw, misschien als moeder, iemand die door het noodlot is vastgelopen en nu bij de mensen om een uitweg vraagt. Maar dat ziet Simon niet, de zonden van de vrouw steken hem de ogen uit.
Jezus ziet deze vrouw ook, maar heel anders dan Simon. Hij ziet niet naar haar schuldbeladen verleden. Hij ziet naar het heden: hoe ze Hem liefheeft. Jezus ziet naar de toekomst: hoe deze vrouw bevrijd kan worden van de last van het kwaad. Met de zuiverheid van zijn hart ziet Hij hoe Gods barmhartige liefde reeds werkzaam is in het hart van deze vrouw. Jezus wil Simon bewegen tot een andere manier van kijken en zegt hem: “Simon, kijk eens met je hart naar ‘deze’ vrouw, die in haar hart ook heel mooie dingen verborgen heeft. Je moet ze kunnen ‘zien’ en dan zal je niet meer zeggen: ‘zulke vrouw’.”
Kijken wij ook eens naar deze vrouw. Wat ziet zij? Ze merkt direct op wat Simon aan Jezus te kort had gedaan, zelfs voordat Jezus het uitdrukkelijk zegt. Hij heeft Hem niet eens water gegeven om zijn voeten te wassen, daarom wast zij ze met haar tranen. Hij heeft Jezus geen kus gegeven, daarom kust zij onophoudelijk zijn voeten. Hij heeft het hoofd van Jezus niet met olie gezalfd, daarom zalft zij zijn voeten met kostbare balsem. Vanuit haar liefde weet zij dat zij voor Jezus nooit genoeg kan doen. Zij ziet in de ogen van Jezus Gods erbarmende liefde oplichten en zijn blik schenkt haar nieuw leven.
Nu de vraag tot ieder van ons. Hoe zien wij Jezus? Hoe zien wij de mensen? Mochten wij allen Jezus zien zoals deze vrouw! Ook wij staan voor Jezus met al ons kwaad. Geloven wij dat zijn blik ons niet zal vernietigen, maar dat Hij ons steeds wil bevestigen en nieuw leven schenken?
Op ons contact met mensen is veel te zeggen. Zien wij met de ogen van een Simon om te vernietigen of met de ogen van Jezus om te bevestigen? Laten wij ophouden mensen in categorieën in te delen en te zeggen ‘zulke mensen’, zoals Simon deed. Veroordelen wij mensen niet in groep alsof ze allen dezelfde zijn: de buitenlanders, de werklozen, de rijken… Zo niet dan zal Jezus ook tot ons zeggen: kijk eens naar ‘deze’ vrouw of naar ‘deze’ man. Iedere mens heeft toch een eigen verleden, een persoonlijk hart, zijn eigen verlangens. Het mooie in de mens moeten we leren zien. Het wezenlijke van een mens is verborgen, alleen ons hart kan het zien. “Het is de zorg en de liefde die je aan een bloem besteedt, die haar kostbaar maakt”, zegt Peguy. Klagen over het boze in de mensen en hen aanklagen kan iedereen. Ook om te oordelen en te veroordelen hoeft men geen hart te hebben, maar een beetje verstand en zelfgenoegzaamheid. Zolang wij iemand veroordelen en nog niet graag zien ontbreekt het ons aan liefde. Kijken we naar Jezus, Hij zal ons leren zien met de ogen van ons hart.