3e zondag van de Advent

C-cyclus · Advent · 3e zondag van de Advent · roze

  1. Hoe moet het nu?

Met de groeiende werkloosheid? Duizenden in Vorst.

Met de groeiende problemen in jonge gezinnen. 80% van het geweld op kinderen gebeurt in het gezin.

Met de armen in onze samenleving: de kloof wordt groter.

Met de politiek in onze stad.

Met de situatie in Irak en het Midden Oosten.

Hoe moet het nu? Het is een vraag voor politiekers, maar ook de man in de straat heeft er zijn gedacht over. De anderen moeten het doen is vaak het antwoord.

  1. De vraag die wij in het evangelie van vandaag horen luidt: “Wat moeten wij doen?”

Het is een vraag die gesteld wordt naar aanleiding van de prediking van Johannes de Doper. Zijn prediking gebeurt in een duidelijke crisissfeer. Hij kondigt de nakende ineenstorting aan van het bestaande bestel: God wil iets nieuws beginnen met de mens. Zijn optreden is nakend. Reeds ligt de bijl aan de wortel ven de boom. Elke boom die geen goede vrucht draagt, wordt omgekapt en in het vuur geworpen.

De mensen die naar de prediking luisteren, stellen de vraag: Wat moeten wij doen? Het is de eerste stap ook voor ons. De prediking is niet vrijblijvend. We kunnen ze niet enkel beluisteren: we moeten ons de vraag stellen: “Wat moeten wij doen?” Wat wordt van mij las christen verwacht in deze Adventstijd, in deze crisistijd.

Wij kunnen het evangelie niet beluisteren en blijven voortleven alsof er in ons leven en in onze maatschappij geen vuiltje aan de lucht is. Alsof er alles verloopt zoals God het bedoeld heeft.

Wij kunnen de oproep van Welzijnszorg: “Samen armoede uitsluiten” niet zomaar van ons afschuiven. We moeten ons de vraag stellen: wat moeten wij doen.

Deze eerst stap is geen gemakkelijke: want door de vraag te stellen erken je dat je ook iets te maken hebt met wat rondom ons gebeurt.

Wij horen ook antwoorden op de vraag die de toehoorders stellen.

Het treft mij dat wij niet te ver moeten gaan zoeken en dat ieder vanuit zijn eigen situatie een antwoord moet geven.

Wel geeft Johannes een drievoudige richting aan.

a. Het eerst antwoord is: tevreden zijn met wat je hebt. In een crisistijd moeten wij de wereld leren bekijken vanuit de zwaksten, zegt Welzijnszorg.

Waarom zijn we ontevreden? Omdat we vooral kijken naar de mensen die boven ons staan; die meer hebben of meer kunnen. Wanneer wij vanuit de zwaksten uit onze wereld naar onszelf kijken, zien we wellicht beter de waarden van de dingen die we bezitten. Misschien gaan wij dan zeggen: het is genoeg. Of zoals een gepensioneerde zei: “Eigenlijk kunnen we allemaal nog wat missen, zonder ongelukkig te zijn”.

b. Het tweede antwoord is: Wie dubbele kleding heeft, laat hij delen met wie niets heeft en wie voedsel heeft laat hij hetzelfde doen. Solidariteit vooral met de zwaksten.

Niets wordt zo bedreigd in crisistijd dan de solidariteit onder de mensen. Ieder voor zich, pakken wat men te pakken kan, morgen is ’t gedaan. Zijn bezittingen veiligstellen zijn typische reacties van zelfbehoud en paniek in crisistijd. Solidariteit: Ja, als iedereen het doet of als men begint bij de sterksten.

Het evangelie stelt: een “vrijwillige " solidariteit, iets meer doen dan wat gevraagd wordt. dat is typisch christelijk.

Vrouw op RVA Turnhout, ik wens niet langer te gaan stempelen. Mijn man heeft een behoorlijke wedde, 1 kind, we komen goed rond en ik ben toch niet van plan te gaan werken. Dus. Maar madammeke……Dat is een princiepskwestie: Ik wil geen geld van de gemeenschap als anderen het groter nodig hebben.

c. Het derde antwoord is: geen misbruik maken van je macht

Hij zegt het tot de soldaten en de tollenaars: ze zijn machtig door hun wapens en door hun meeheulen met de bezetter.

Positief betekent het: vanuit onze bevoorrechte positie moet onze aandacht en zorg op de eerste plaats gaan naar degenen die in een zwakkere positie zitten. “macht gebruiken bij voorkeur voor de zwakkeren.

In een maatschappij de zwaksten niet tot hun recht laten komen staat in de bijbel gelijk met het verwerpen van Jahweh. Jezus zegt: “Wat gij niet gedaan hebt voor één van deze geringste, hebt gij ook niet voor Mij gedaan”.

Als je al deze dingen echt naar je eigen leven toetrekt dan lijkt het een hele opgave. Toch zegt het evangelie: Zo en met vele andere vermaningen verkondigde hij aan het volk de Blijde Boodschap!

Zoeken in Preken Online