Jezus moest uit de weg geruimd worden. Dat hadden bepaalde leidende groepen besloten omdat ze in zijn optreden een bedreiging zagen. Waarvoor precies? Was Hij dan zo gevaarlijk? Sommigen zoeken het antwoord in de politiek: Jezus zou een soort revolutionair geweest zijn, die de macht wilde grijpen om een Messiaans koninkrijk te stichten. De tempelreiniging zou het begin van een dergelijke opstand geweest zijn. Daarmee wordt het verhaal toch wel zwaar overvraagd. Dit relletje was geen politieke opstand in de betekenis die wij daar nu aan geven. Al blijft het natuurlijk waar dat al wie in Israël aan de godsdienst raakte ook een politieke daad stelde. De scheiding tussen politiek en godsdienst, tussen ‘Kerk en Staat’, werd pas in de moderne tijden doorgevoerd.
Jezus wilde de tempel niet afbreken. Maar Hij kon geen vrede hebben met de feitelijke gang van zaken in Israëls heiligste plaats. Hij was daarin niet de eerste. Ook de profeten voor Hem hadden geregeld kritiek laten horen op de offerpraktijken van het volk. Maar Jezus relativeerde de tempel toch wel heel sterk. Zo zei Hij dat de echte eredienst niet gebonden is aan een bepaalde plaats - hoe heilig die ook moge wezen - maar in Geest en waarheid’ moet geschieden.
Van de eerste christenen wordt gezegd dat zij trouw naar de tempel gingen. Dat is een belangrijk gegeven. De Heer had de tempel niet afgebroken, maar wel gereinigd om er weer van te maken wat die hoorde te zijn: een huis van gebed. De tempel was het centrum van heel Israëls eredienst, de plaats waar Oud aanbeden en geëerd werd. Zulke plaatsen moeten er blijkbaar zijn. Met vaste gebruiken en rituelen, zeg maar: met gepaste manieren om beleefd met Oud om te gaan. Maar cultus en ritueel zijn dubbelzinnig. Ze kunnen ontaarden, of leeg en formalistisch worden. Daarom moeten ze nog niet afgeschaft worden, maar wel ‘gereinigd'.
De korte woordenwisseling die volgt op het incident is één groot misverstand. De tempel waarover Jezus het heeft, is niet het gigantische stenen gebouw, maar zijn eigen lichaam. Jezus doet niets om het misverstand op te helderen. Waarom niet? Het antwoord ligt verborgen in wat onmiddellijk daarna ge¬zegd wordt: velen gaan in Hem geloven door de tekenen die Hij doet, maar daar heeft Hij geen vertrouwen in. De dubbelzinnigheid speelt dus niet alleen rond de tempel, maar ook rond Hemzelf, in alles wat Hij zegt en doet. Niet alleen in hun godsdienstige rituelen, maar zelfs in hun geloof in Jezus kunnen mensen heel dubbelzinnig zijn. Niet alleen religieuze praktijken, maar ook het geloof zelf heeft voortdurend uitzuivering nodig.
Jezus’ optreden in de tempel kan en zal zich voortdurend herhalen rond alle heiligdommen die wij bouwen, ook die ter ere van Hem, omdat we ze nu eenmaal nodig hebben! Maar zelfs als ze zijn naam dragen, zullen ze nog regelmatig gereinigd moeten worden.