Godsvertrouwen of omkoperij?

B-cyclus · Vasten · 3e zondag van de Vasten · paars

Geld in de offerblok steken om iets te verkrijgen ? Missen laten doen ? Geld en godsdienst, het ligt allemaal zo gevoelig. Hetzelfde gebaar kan een teken zijn van zuiver godsvertrouwen of het kan de bedoeling hebben God om te kopen.

Waar eindigt het godsvertrouwen en waar begint de magie ?

Voor Jezus werd het op een bepaald ogenblik allemaal te veel. De stoppen sloegen door en hij legt er de zweep op. Hij ranselt mensen af die daar hun boterham kwamen verdienen.

Zo kennen wij die Jezus niet. Wat bezielde hem ?

Het was niet het lawaai, en niet de stank of de uitwerpselen van de dieren die hem hinderde. Wel het feit dat godsdienst verworden was tot een omkoop praktijk.

Ik geef u een kalf en gij kunt mij dan niets weigeren. Zo’n ruilhandel die bovendien de sociale geledingen weerspiegelde, was geen godsdienst meer.

Jezus gaf een duidelijk signaal dat dit voor hem niet kon. Gods liefde is niet te koop. Het is een gratis geschenk waar we alleen dankbaar kunnen voor zijn.

God liefhebben is een innerlijk gebeuren, maar zoals elke liefde moet dat een uitweg vinden in een beleving. En die beleving is niet op de eerst plaats zijn portemonnee opendoen, maar wel de tien geboden onderhouden.

Met die tien woorden bouwt God bouwt zijn tempel. Wij zijn de levende stenen. De ene steen schraagt de andere in de opbouw van menselijk geluk. Zo een steentje mogen zijn in die herrezen tempel is onze fierheid en onze vreugde.

Zoeken in Preken Online