“Wegens sterfgeval gesloten.” Dat is de titel van een toneelstuk van Jan Wolkers. Er wordt in geschilderd hoe de aarde leeg is geworden, ontbost en zonder mensen: verschroeide aarde. De bange gevoelens van velen zijn waar geworden. Door allerhande omstandigheden, door vervuiling en door explosieven is de aarde doodgegaan. Een troosteloos beeld. Dan verplaatst het toneel zich naar de hemel. Daar zit God en Hij speelt met een aapje dat op zijn knieën zit. Zijn blik staat op oneindig maar zijn verstand niet op nul. Je ziet hoe Hij nadenkt over hoe het nu verder moet. Dan lopen daar twee engelen en ze kijken naar de troon van God. De ene engel zegt tegen de andere: “Zie jij ook wat ik zie?” “ja, ik zie ook wat jij ziet.” “En denk jij ook wat ik denk?” “Ja, ik ben hang van wel.”
Dan streelt God het aapje over de ribben. De engelen raken in paniek. De ene zegt: “Maar dat kan toch niet. Hij wil opnieuw beginnen. Hij zou toch moeten weten, dat het altijd weer fout loopt. Dat kan Hij toch niet maken?” En de andere: “Dat is nou precies het verschil tussen Hem en ons. Want Hij verliest de hoop nooit; Hij blijft altijd geloven in de mensen, Hij durft altijd weer opnieuw te beginnen.”
Dit is een moderne versie van veel oude verhalen. Het verhaal van hoop en vertrouwen, die er in God bestaan. Dit verhaal wordt verteld in de eerste lezing van vandaag: het schitterende verhaal van Noach en zijn ark. God heeft niet meer nodig dan één gezin en een schip vol dieren om opnieuw te beginnen met deze aarde. God die het vertrouwen heeft bewaard in zijn schepping. Er bestaan meer verhalen met ditzelfde thema in Israël. Abraham, die zijn geloof niet opgeeft, dat uit hem een nieuw volk zal groeien. Mozes, tegen wie de Eeuwige zegt: “Als dan het volk niet wil en alleen maar dwars kan zijn, zal Ik uit jou alleen een heel nieuw volk maken. Ik geef het niet op. Ik begin iedere keer opnieuw met de mensen.”
Daarentegen is het een constante bekoring van mensen om het erbij te laten zitten, de moed op te geven. Zo lijkt mij ook de betekenis van het verblijf van Jezus in de woestijn. Satan zegt tegen Jezus: “Vergeet de mooie dromen van je jeugd, vergeet de idealen die je van thuis hebt meegekregen. Vergeet het, want de wereld is niet zo en de mensen zijn in de grond onbetrouwbaar. Zorg dat je er zelf wel bij vaart, dat het je goed gaat, want meer is er in deze wereld niet te vinden.”
Die verleiding duurt heel zijn leven. Telkens probeert Satan het vertrouwen uit zijn hart weg te halen. Maar Jezus gaat door en blijft vertrouwen in elke mens die Hij tegenkomt. Tot in de dood op het kruis. Juist op die manier wordt Hij misschien een echte zoon van God: een aard je naar zijn Vaartje.
En wij? Wellicht kunnen we in deze veertigdagentijd onze keuzes toetsen. Willen we blijven vertrouwen in toekomst en mogelijkheden voor onszelf en voor anderen, hoe moeilijk dit in sommige omstandigheden ook is? Durven we blijven vertrouwen dat een studie toch zal lukken, dat een werk toch afgemaakt kan worden; dat we ondanks ons ziek-zijn of het ziek-zijn van iemand die ons lief is, toch toekomst hebben voor onszelf en ook voor die ander? Durven we de keuze te maken voor toekomst en vertrouwen hebben in onszelf, in elkaar, in onze medemensen? Durven we dochters, zonen van onze God te zijn? Aarden wij naar Hem? Ja toch.