Vierde zondag van Pasen (2006)

B-cyclus · Paastijd · 4e zondag van Pasen · wit

Vorig jaar werd er door het bisdom een cursus management aangeboden, speciaal voor pastoors. Toen ik de brief las, kreeg ik stekeltjes
Nou ben ik een beetje allergisch voor het woord management. Tegenwoordig is dat wel het toverwoord. Manager gevraagd, lees je in menig advertentie.
Goed management is natuurlijk heel belangrijk voor elk bedrijf. Natuurlijk zijn er deskundige mensen nodig die op de juiste manier leiding geven aan een organisatie. Dat geld uiteraard ook voor een parochieorganisatie.
Maar bij management gaat het meestal om de zakelijke kant van een bedrijf, zodat het financieel gezond kan functioneren en groeien. Managers moeten daarbij vooral ook op de centen letten. En voor bedrijven is dat natuurlijk heel belangrijk. Maar het kan wel ten koste gaan van mensen die er werken, en het kan nog meer ten koste gaan van mensen voor wie gewerkt wordt.
Je ziet dat met name in de gezondheidszorg gebeuren. Ziekenhuizen, verpleeghuizen, verzorgingstehuizen, ze worden tegenwoordig steeds meer gezien als een bedrijf dat op strikt zakelijke basis geleid en georganiseerd moet worden. Zorginstellingen moeten concurrerend kunnen werken. En dus worden er overal managers aangetrokken die zorg moeten dragen voor een strikt zakelijke organisatie, en die de regels ook met harde hand moeten handhaven. En omdat tegenwoordig alles tegelijk grootschaliger moet, krijg je allerlei fusies en samenwerkingsverbanden, met managers onder en managers onder.
En op zich is zo’n zakelijke aanpak best nodig, zolang die maar niet ten koste gaat van de mensen die er werken, en van de mensen die aangewezen zijn op de zorg van anderen. Managers zijn mensen achter een bureau die met cijfertjes werken maar dikwijls weinig feeling hebben voor de praktische situatie waar de medewerkers mee te maken hebben. En waar alleen de cijfertjes maatgevend zijn komen mensen in de knel. Goed management is natuurlijk absoluut noodzakelijk, ook in de gezondheidszorg in al zijn geledingen. Maar als er geen tijd meer is, meer mag zijn, voor een praatje met een zieke thuis of in het ziekenhuis dan is dat een enorme verarming van de zorg. Als er beknibbeld moet worden op de handen aan het bed puur op zakelijke gronden, zeg maar puur om financiële redenen, dan is er iets grondig mis in onze samenleving. Hulpverlening is meer dan een aantal handelingen dat gedaan moet worden. Hulpverleners moeten hun hart kunnen laten spreken, moeten een hartverwarmende aandacht hebben voor degenen die van hun zorg afhankelijk zijn. Maar dat vraagt tijd en tijd is geld.
De toenemende verzakelijking zie je in heel onze samenleving plaats vinden. Het is in onze tijd wellicht onvermijdelijk, maar daarom is het des te belangrijker om steeds weer aandacht te vragen voor die andere kant, die menselijke kant, die menslievende kant, want als die in de verdrukking komt, wordt het heel koud in de samenleving.
Jezus noemt zich in het evangelie vandaag de goede herder, een herder die hart heeft voor zijn schapen. En in de evangelieverhalen zien we hoe hij dat in zijn leven inhoud gaf in zijn zorg voor de zieke en gehandicapte medemens, voor de verschoppelingen van zijn tijd.
Als manager zou Jezus absoluut een mislukking zijn, heel zijn boodschap zit vol raadgevingen en opdrachten waar een zakelijke manager niet mee uit de voeten kan. En als wij zeggen christenen te zijn, als we geloven in zijn boodschap, dan moet ook in ons die warme aandacht voor de medemens steeds weer zichtbaar worden. Dan moeten wij ervoor waken dat niemand de dupe wordt van de voortgaande verzakelijking van onze maatschappij. Dan mag van ons verwacht worden dat we tegenwicht bieden om de verarming in de gezondheidszorg en elders.
En gelukkig zijn er talloze vrijwilligers die al heel veel doen om wat warmte te bieden waar de zorg kil en zakelijk is geworden.

Zoeken in Preken Online