Drievuldigheidszondag (2000)

B-cyclus · Tijd door het jaar · Triniteit · wit

Degenen onder ons die vroeger met hart en ziel gregoriaans zongen zullen zich die triomfantelijke melodie van ‘Benedicta sit sancta trinitas’ nog wel herinneren. Het lijkt een soort juichkreet die over de hele aarde gaat. “Gezegend zij de heilige drievuldigheid”, de heilige drie-igheid.
Het is al in het eerste verbond bekend: als Tobias zijn reisgezel, zijn gids, die hem bijgestaan heeft om een vrouw te vinden, wil bedanken met gaven, zegt die reisgezel: Loof God en dank Hém. Die reisgezel is de engel Rafaël, de boodschapper van God. Daarna schrijft Tobit, de vader die genezen is, een loflied: “Gezegend zij God die leeft door de eeuwen heen, en gezegend is Zijn koninkrijk”.
Daniël zingt het lied van de drie jongelingen in de vuuroven: “Geroemd bent u die op cherubs troont en de afgronden doorziet, geprezen en hooggeroemd tot in eeuwigheid”.
Paulus in het nieuwe verbond zegt het na: “O onpeilbare rijkdom van Gods kennis en wijsheid. Uit Hem en door Hem en voor Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid tot in eeuwigheid. Amen.”
En wij zeggen het nog steeds “Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest zoals het altijd al was en nu is en voor goed zal blijven” .

Alleen, wíj zeggen: Vader, Zoon en H.Geest. Dat is typisch voor het nieuwe verbond dat via de Zoon is gesloten, maar we zeggen het met hetzelfde enthousiasme want we hebben evenveel reden om te juichen als de ouden van het eerste verbond. Immers, onze redding, ons uitzicht op eeuwigheid, danken wij aan Vader, Zoon en H.Geest. Men heeft wel eens geschreven dat de Drie-eenheid een uitvinding van het christendom is om het heilsgebeuren te gronden. Dan lijkt het erop dat men dat verzonnen heeft. Maar zo is het niet, het is wel degelijk een bijbels gegeven, een openbaring die ons gegeven wordt.

Jezus spreekt vooral bij Johannes maar ook bij Matteüs over zijn één zijn met de Vader en hun beider Geest. In de geloofsbelijdenis van Constantinopel, ons ‘credo’, staat wat wij kort zeggen “Eén God en drie Personen, Vader, Zoon en H.Geest”. Op dat geloof, op die openbaring, is ons heil gevestigd. De Vader in de hemel, de constante, trouwe, onveranderlijke, eeuwige voor altijd, de beginnelijk-zijnde, de basis. De Zoon die naar ons gekomen is, in beweging kwam op aarde, die ons zijn ‘Abba’ heeft laten zien, ons Hem heeft doen kennen en die hun beider Geest doorgaf toen hij stierf aan het kruis. Zo - in de Geestkracht - kunnen wij die altijd Aanwezige, altijd Inspirerende, altijd Meetrekkende ervaren. Zo kunnen wij samen met Jezus, die door de Vader tot Heer en Gezalfde is aangesteld, eer brengen aan de Vader, die ons gebed niet kan weigeren als wij met Jezus doen. Dat is ons heil. Die betekenis vind ik belangrijker dan de vraag hoe of dat wel kan, drie personen en toch één God. Dit is meer een mensen-formule die ons voor verkeerd denken moet behoeden maar niet toereikend is om iets onzegbaars, ons hemels heil uit te leggen.

In dat heil zijn we bijeen, in die Kracht, in die Naam, de Naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest. Is er meer zicht mogelijk dan je gedoopt weten in de Kracht van de Vader-Zoon-Heilige Geest? Zij staan alle drie garant voor ons heil. En dat heil hebben we verbonden aan het kruisteken, want aan het kruis is dat heil bevestigd. Is er een hardere bevestiging mogelijk dan een bevestiging in/door/aan het kruis, een bevestiging die door het lijden heen gaat?
Is er een harder, een sprekender eerbetoon mogelijk dan dat van hem die de avond voor zijn lijden en dood het brood nam, het zegengebed uitsprak: “Gezegend zijt Gij Heer, onze God, koning van het al”. Is er meer heil mogelijk dan die woorden met hem te mogen en kunnen zeggen?
Paulus heeft het in zijn brief aan de Romeinen over de Geest van God die ons het Godskind-zijn geeft. Dank zij die Geest kunnen wij nu samen met J.C. zeggen “Gezegend zijt Gij, Heer onze God’, een juichkreet die nog steeds over de aarde gaat. Vroeger luidde formule “Eer aan de Vader via de Zoon in de H.Geest”. Dat gaf de heilsstructuur beter aan. En nu nog zeggen we “Door hem en met hem en in hem zij U dank gebracht in de eenheid van de Heilige Geest”.
Dank zij die Geest kunnen wij één zijn zodat J.C. in ons midden kan zijn. Met die plechtige juichkreet vieren we dat ons heil kort bij is, hier en nu.

Dat is hetzelfde heil dat Mozes voorlegde aan de Israëlieten in het boek Deuteronomium: “Onze JHWH is dé God, de enige, de echte, die zich heeft laten zien, die alles heeft gemaakt, ook ons en die voor ons zorgt met grote daden. Als je Hem in ere houdt, zullen jullie en jullie kinderen gelukkig zijn”. Dat geldt ook voor ons. Alleen, wíj kunnen het via J.C. bereiken.
In de tussenzang hebben we gebeden/gezongen: “Gelukkig is het volk van de Heer, het Gods volk, want het woord van God is oprecht en waar. Zo is Hij onze hulp en schild”. Daarmee onderschrijven we wat altijd al is geweest: Eer aan de Vader door de Zoon in de Heilige Geest.

Ik hoop dat e.e.a. ook jongeren aanspreekt. Het idee dat je te maken hebt met drie personen en toch één God - je zult wel zeggen dat je er niets van merkt. Als je erover nadenkt, er mee bezig bent, ben je al bezig in die Geest, die van Jezus. En als drie personen zich met jou bemoeien, ben je het kennelijk waard.

“De genade van onze Heer J.C., de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met ons allen.” Zullen ons daarvoor een paar minuten tijd gunnen?

Zoeken in Preken Online