Weet U nog…Uw eerste zoen. Lang of misschien kort geleden. Spannend, dat was het zeker. Misschien was het op de kermis bij de schiettent of na het dansen zondagmiddag. Misschien zelfs op het ijs midden in de winter. Je raakte voor het eerst iemand op een heel bijzondere manier aan. Je was er een beetje bang voor van tevoren. Natuurlijk, zou zij of hij het ook wel willen? Zou je het wel goed doen? Het was hartstikke belangrijk die eerste zoen. Misschien hing je toekomst er wel vanaf. En dan de zoen zelf! Een wonder bijna, dat gevoel. Je werd er warm van. Vlinders fladderen in je buik en je voelde het meteen. Hij of zij vond jou ook leuk. De wereld stond helemaal op zijn kop
Maar als je aan een chemicus of een natuurkundige vraagt naar een zoen dan zal ie zeggen: Het is het overbrengen van luchtdruk en speeksel van het ene fysieke object naar het andere. Dan blijft er van die gevoelige aanraking bar weinig over.
Ook Jezus raakt een melaatse aan die om hulp vroeg en hoe bijzonder dat eigenlijk is, horen we in de eerste lezing, want hoe men in die tijd over melaatsen dacht, stond zelfs beschreven. Ze waren onrein, moesten apart wonen en laten weten dat ze eraan kwamen door te roepen: onrein, onrein! Ergens heel begrijpelijk, want antibiotica of andere medicijnen waren niet bekend en het gevaar voor dodelijke epidemieën enorm groot. De enkeling werd buitengesloten om de gemeenschap te sparen. Jezus doet echt iets heel bijzonders dus.
Hij lapt die regels aan zijn laars, want het gaat om een mens, een kind van Zijn vader, een broer een broeder dus.
Hij doet het niet zomaar. Er gaat een kracht van Hem uit, want staat er: “Hij is diep ontroerd” en zo wordt het ook ervaren door de zieke man. Eindelijk iemand die hem aanraakt, die niet op een afstand blijft. Precies als met die eerste zoen van het begin gebeurt er in deze aanraking veel meer dan welke wetenschapper ook kan beschrijven. Er komt een opening, er komt gevoel vrij. Zo’n houding geneest, brengt mensen tot genezing.
En dat er iets gebeurd is, is meer dan duidelijk, want de man is zo blij en zo enthousiast, zo opgelucht, dat hij er niet over op kan houden. Zijn hart is vol van die mens, die hem heeft durven aanraken, die hem heeft genezen en uit zijn isolement heeft gehaald. Het fladdert in zijn hoofd in zijn hart en in zijn buik.
Iemand aanraken; een hand op iemands schouder leggen; een hand bij het binnenkomen en het weggaan; een hand bij de vredeswens hier in de kerk, geen verplicht 3 keer kussen in de lucht om de make-up niet te verstoren, maar een oprecht gemeende, respectvolle aanraking; een leerkracht die haar leerling over de bol aait en zegt: goed gedaan. Een verzorgster die iemand liefdevol wast. Het is meteen ook een moeilijk en gevaarlijk onderwerp, ook in onze kerk op dit moment, want elke aanraking kan ook misbruikt worden en tot misbruik leiden, maar nooit als het respectvol, eerbiedig en met oog voor de ander gebeurt.
De boodschap, die Jezus voor ons heeft is weer verrassend en duidelijk voor elk mens, om te gebruiken in het dagelijkse leven, en weer laat Hij daarin zien wie God is. God die ons aanraakt, laat voelen dat wij er mogen zijn. Niet fysiek zichtbaar, maar wel voelbaar, aanwezig, Zijn oog op ons gericht. Zijn hand op onze schouder.
Hij raakt ons met het vuur van Zijn Geest en dat mag ons doen huiveren en blij maken, omdat we Hem ook zelf zichtbaar mogen maken door voor elkaar zo goed als God te zijn
Aangeraakt (2012)
B-cyclus · Tijd door het jaar · Triniteit · wit