4e zondag door het jaar (2006)

B-cyclus · Tijd door het jaar · 4e zondag · groen

Probeert U het zich eens voorstellen.
Op zondagochtend komt er een onbekende in de kerk hier in Tiel,
hij gaat hier op deze plaats staan, leest uit de bijbel, en gaat dan preken.
Iedereen hangt aan zijn lippen,
iedereen is vol bewondering voor wat deze man of vrouw zegt.
Hij of zij spreekt heel anders,
dan de pastoor of pastoraal werker
of mensen zoals ikzelf,
een parochiaan van de werkgroep Woord en Communievieringen.
En, trekken we de parallel met het evangelie wat we zojuist hoorden nog verder door, dan staat er iemand op in de kerk,
die als een bezetene begint te schelden en schreeuwen tegen de onbekende voorganger.
Maar met een enkel woord van de onbekende voorganger wordt deze bezetene rustig.
Wat zou er na afloop gebeuren?
We zouden er in de ontmoetingsruimte en buiten voor de kerk met elkaar over praten:
wat is hier toch aan de hand,
wat betekent dat toch, deze onbekende voorganger, die echt wat te zeggen heeft,
die een bezetene tot rust brengt,
die een bezetene weer mens maakt?
Helaas - het is niet zo - u zult het vandaag moeten doen met een overweging van mij,
waarbij ik maar af moet wachten of mijn woorden U helpen de bijbelwoorden van vandaag beter te verstaan.
Maar wat zei Jezus nu tegen de mensen,
wat was er anders aan zijn nieuwe leer?
Daar lezen we in dit stukje evangelie niets over.
En ook in de rest van dit eerste hoofdstuk van het Marcus evangelie lezen we van Jezus maar heel weinig woorden.
We horen meer van daden.
Wel horen we de dreigende woorden van de bezetene die Jezus toeschreeuwt,
bang als hij is voor de verandering die Jezus kan brengen.
Maar die bezetene zegt ook iets anders van Jezus:
Jezus is de Heilige Gods!
Ook de bezetene kan soms de waarheid zeggen:
Jezus is een mens naar Gods hart, zelfs de mens naar Gods hart.
Â
&bdquoJezus onderrichtte als iemand die gezag bezat",
hoorden we zojuist in het evangelie.
Nu is in onze tijd het woord “gezag” besmet:
gezag wordt gezien als de baas spelen, macht uitoefenen.
Zeker in onze maatschappij is het respect voor gezag soms ver te zoeken.
Dat is waarschijnlijk een overreactie op een tijd,
waarin gezag te veel gewaardeerd werd.
Maar gezag kun je ook verdienen,
wanneer maar blijkt, dat wat je zegt, echt betekenis heeft voor mensen.
Â
De weinige woorden van Jezus tot de bezetene hebben echt betekenis voor die mens.
Hij is van zijn bezetenheid genezen: Jezus maakte hem weer tot mens!
En dat niet met machtsvertoon, maar met slechts zeven woorden.
“Zwijg stil en ga uit hem weg”.
Jezus is geen gewone mens, maar een mens waar gezag van uitgaat,
niet omdat hij uit de hoogte optreedt, maar omdat hij afdaalt tot elke mens,
ook al is die mens in de ogen van anderen gewoon een rare gek.
Dan kom ik uit bij de eerste lezing van vandaag,
waar gesproken wordt over een profeet die uit het volk zal opstaan.Â
Een profeet is in de bijbel geen toekomstvoorspeller,
een betekenis die we er vandaag aangeven,
als we bijvoorbeeld een weersvoorspeller een weerprofeet noemen.Â
Nee, een profeet is een mens, die spreekt namens God, die spreekt zoals God zou willen.Â
Mozes, die in deze lezing uit het boek Deuteronomium aan het woord is, is zo’n profeet:
Mozes heeft met Gods hulp het joodse volk bevrijd uit de slavernij in Egypte.
Mozes heeft van God op de berg Sinai, of
zoals deze berg in deze lezing genoemd wordt, de Horeb,
de tien geboden ontvangen,
de tien richtingwijzers voor het leven, zoals God dat van ons vraagt:
leven met respect voor alle mensen,
vooral voor de zwaksten in de samenleving.
Mozes is daarom de belangrijkste profeet voor de joden,
en via Jezus ook voor ons Christenen.
Mozes is met zijn volk onderweg naar het beloofde land,
maar zal dat niet meer binnengaan: hij is oud en ziek.Â
Maar hij belooft aan zijn volk een profeet,
die net als Mozes namens God kan spreken.
Dat brengt een probleem met zich mee,
want hoe kunnen wij nu weten wie er namens God spreekt?
Er zijn er zoveel die zeggen dat te doen,
en die spreken elkaar nog tegen ook.
En mensen kunnen elkaar veel kwaad doen,
door te beweren uit Gods naam te handelen.
Wij moeten dus kritisch kijken.
In de verdere geschiedenis van het joodse volk horen we van profeten als Jesaja en Jeremia.
En de grootste profeet aller tijden is natuurlijk Jezus.
Van die profeten zijn ons uit de bijbel veel woorden bekend.
Die woorden namens God, hebben altijd eenzelfde kern:
ze zijn gericht op God en medemens,
op het in de praktijk brengen van de tien wegwijzers,
die we via Mozes ontvangen hebben.
Soms ze spreken ook over oorlog en ellende,
maar dan wordt dat gezien als straf voor het niet volgen van die richtingwijzers.
De woorden van profeten zijn vooral gericht op de medemens,
die zwak of gekwetst is.
Zoals Jezus in het evangelie van vandaag de bezetene weer tot mens maakte.
In de geschiedenis van het christendom hebben we vele profeten gezien,
die dit voorbeeld van Jezus in hun tijd en op hun plaats waarmaakten.
Tegenwoordig noemen we die we dan meestal geen profeet maar heilig.
Voorbeelden zijn Franciscus en Dominicus.
Maar ook in onze tijd zijn ze er, die mensen die er zijn voor anderen:
moeder Theresa, moeder van de armsten der armen in India,
Martin Luther King, die zijn bevrijdingsstrijd voor zijn zwarte medeburgers met de dood moest bekopen.
Maar het zijn niet alleen beroemdheden, die profeten zijn.
Op klein niveau van gezin, vriendenkring of familie is ontzettend veel zorg voor anderen,
vaak zonder dat anderen het zien.
Mantelzorgers heten ze tegenwoordig,
en geloof maar dat er veel goeds gebeurt,
en het is goed, dat daar de laatste jaren meer waardering voor is gekomen.
In de liefde, in de zorg, in de caritas die bijvoorbeeld mantelzorgers tonen,
laten zij God steeds weer aan mensen zien.
“Ubi caritas et amor, Deus ibi est”
Waar vriendschap, zorg en liefde is, daar is God,
dat zullen we straks zingen.
Zo mogen wij erop vertrouwen,
dat er altijd weer mensen zijn die God zichtbaar maken onder de mensen.
Zo hebben wij ook de opdracht,
om zelf iets van God te laten zien aan onze medemens.
God is liefde - liefde is God.

Zoeken in Preken Online