Toen ik het eerste stukje van het evangelie las. moest ik denken aan een voorval met bisschop Bekkers. Hij moest naar een vergadering in Nijmegen van dekens en andere hoogwaardigheidsbekleders uit de kerkelijke wereld. Bijna al die dekens liepen in togen met paarse knoopjes en paarse sjerpen zoals toen bij dekens de gewoonte was in de tijd van het rijke roomse leven. En bisschop Bekkers kwam daar binnen gewandeld in een gewoon zwart pak met boordje zonder een streepje paars. Stonden al die paarse heren wel even raar te kijken.
Het gaat niet om het uiterlijk maar om het innerlijk, en in de kerk van Jezus gaat het niet om pracht en praal maar om eerlijke trouw aan zijn blijde boodschap. Dat is de eerste les van het evangelie van vandaag.
Misschien heb u zich ook wel eens een beetje geërgerd aan alle pracht en praal in Rome als er een viering uit de Sint Pieter komt, met al die kardinalen en bisschoppen in vol ornaat. Dat hoort ook allemaal een beetje bij het rijke Roomse leven zoals dat in Rome een eeuwenlange traditie achter zich heeft en het heeft natuurlijk ook wel wat. Ik zou die traditie echt niet willen afschaffen Toch ik denk dat Jezus zich meer thuis voelt in een armoedig kerkje ergens in Afrika of Latijns-Amerika of waar ook ter wereld waarin de kerkgangers gekleed gaan in een schamel T-shirtje.
Het gaat niet om het uiterlijk maar om het innerlijk, het gaat niet om mooie kleren die door iedereen bewonderd worden, het gaat ook niet om grote en opvallende daden die iedereen ziet, maar het gaat om de gesteldheid van je hart, om jouw bereidheid trouw te zijn aan de Jezus’ blijde boodschap. En in die boodschap neemt het delen met elkaar een heel grote plaats in. In alle toonaarden komt dat terug in de evangelieverhalen.
En echt delen met elkaar betekent altijd: het zelf met wat minder doen. Als iemand elke maand duizend euro aan een of ander goed doel geeft, dan lijkt het heel veel, maar als hij elke maand meer dan een ton verdient dan lijdt hij er in zijn gewone leven geen centje pijn aan. Hij kan het bovendien nog aftrekken van de belastingen. Maar als iemand met een minimum inkomen honderd euro geeft aan een of ander goed doel, dan voelt hij dat wel degelijk in zijn portemonnee. Maar hij is wel degenen die echt gedeeld heeft in Jezus ogen.
Dat spreekt hij duidelijk uit als hij die weduwe een paar cent in de offerkist ziet gooien. Zij heeft het meest geofferd, zegt hij. Dat is in zijn visie pas echt delen. Daar gaat het in zijn koninkrijk om.
Ook de eerste lezing vertelt zo’n prachtig verhaal over delen. Die weduwe uit Sarefat was bereid het laatste beetje eten dat zij had te delen met de profeet Elia. Ik denk dat we allemaal wel onze bedenkingen hebben bij deze verhalen. Het klinkt misschien wel heel mooi en indrukwekkend maar het is natuurlijk niet erg realistisch.
Je bent wel gek als je je laatste centen weggeeft voor een goed doel. Je bent niet goed bij je verstand als je je laatste beetje eten weggeeft aan een ander, ook al vergaat die misschien van de honger. Ons gezonde verstand zegt ons dat dit niet kan. Laten we realistisch zijn: het hemd is altijd nader dan de rok.
Echt delen betekent toch: zelf met wat minder doen. Wij zijn in Nederland best een vrijgevig volkje, er wordt heel veel gegeven aan goede doelen, toch zijn het meestal slechts wat kruimels die van onze tafels vallen, terwijl wij ons tegoed doen met alles wat onze welvaart ons te bieden heeft. Maar het gaat hier niet alleen over delen van geld en goed, daar zitten haast vanzelfsprekend allerlei beperkingen aan. Maar het gaat ook om delen van tijd en aandacht.
Zoals Jozef die een fanatiek kaarter was, bijna elke avond was hij de deur uit naar een van zijn vele kaartclubjes. Maar toen zijn vrouw ernstig ziek werd en in een verpleeghuis terecht kwam, stopte hij met kaarten, hoe graag hij het ook deed. Hij wilde elke avond bij zijn vrouw zijn. Dat was een heel concrete vorm van delen.
Of zoals Maria die graag zong en wel bij drie verschillende koren was. Dat kan ik niet missen, zei ze vaak genoeg. Maar toen haar man begon te dementeren en niet meer alleen thuis gelaten kon worden. Toen gaf zij haar zingen op om bij haar man te blijven. Zij offerde echt iets van zichzelf op voor haar partner.
In allerlei gradaties en situaties vind je die vorm van delen nog heel dikwijls, en zolang er mensen zijn die dat opbrengen zolang is er hoop voor een wereld waarin egoïsme en individualisme, d.w.z. de houding van niet willen delen, steeds meer terrein lijkt te winnen.
Hopelijk zijn ook wij mensen die bereid zijn tot delen, tijd, aandacht, liefde, dan brengen we licht waar het donker is en warmte waar het koud is.
Tweeëndertigste zondag door het jaar (2006)
B-cyclus · Tijd door het jaar · 32e zondag · groen