Dit is het laatste wonder dat Marcus beschrijft. Het is ook zijn meesterwerk. Zoals een echte verteller heeft Marcus zijn sterkste genezingsverhaal voor het laatst bewaard. Je kunt dat misschien zo niet zeggen. Het gaat immers om iets dat Jezus doet. Maar toch is het waar. Je kunt al merken dat het een bijzonder verhaal is aan de twee namen die Marcus voor de te genezen man in kwestie gebruikt. Eigenlijk zijn het geen twee namen. Bartimeüs is de Aramese vertaling van ‘zoon van Timeüs. Dat Marcus de blinde man een naam geeft is al iets merkwaardigs. Marcus doet dat niet vaak. Hij doet het eigenlijk alleen maar voor de leerlingen van Jezus. Jaïrus is de enige andere persoon die door Marcus bij de naam genoemd wordt als hij Jezus om een genezing vraagt.
Zoals gewoonlijk bij Marcus neemt de blinde man het initiatief. Als hij hoort - zoals we eerder opmerkten - begint het bij Marcus steeds met dat horen - dat Jezus zijn standplaats in de straat nadert begint hij te roepen. Als Jezus hem vraagt wat hij wil vraagt hij om genezen te worden van zijn blindheid. Jezus geneest hem, en zegt zoals hij steeds doet: ‘Ga, uw geloof heeft u genezen.’ Al de elementen van een ideaal genezingsverhaal staan hier bij elkaar. Bartimeüs is een ideaal voorbeeld van een genezing en zo van de goede aarde waar Gods woord in valt.
Dat is niet alles. Ons verhaal bevat ook een aantal aspecten dat typisch is voor iets heel anders, voor de manier waarop Jezus zijn leerlingen werft. Als Bartimeüs naar Jezus roept, staat die stil, en zegt op zijn beurt: ‘Roep hem eens hier!’ Marcus benadrukt dat geroepen worden van Jezus nog eens door het woord roepen nog twee keer te herhalen. als hij de leerlingen tegen de blinde man laat roepen: ‘Heb goede moed! Sta op! Hij roept u!’ Er is nog een andere bijzonderheid die onze aandacht verdient. Als Bartimeüs naar Jezus roept, geeft hij hem een titel. Hij roept: ‘Jezus, zoon van David!’ Een koninklijke messiaanse titel! Toen Petrus zo’n titel voor Jezus gebruikte legde Jezus hem het zwijgen op. Hier in de Straat snauwen de omstanders hem toe zijn mond te houden. Hetgeen hij overigens niet doet, hij begint nog harder te roepen.
Als je zo al de gegevens in dit verhaal bekijkt is het niet verwonderlijk dat deze laatste persoon, die door Jezus genezen wordt, besluit hem op zijn tocht te volgen. Het verhaal van Bartimeüs is het verhaal van de ideale volgeling van Jezus. Het combineert het genezen worden door Jezus en het volgen van Jezus. Dit laatste mirakel is het ideale mirakel. Het is het wonder dat ons allen dient te overkomen!
Er komen in dit verhaal als het ware twee energieën samen. Die van de gelovige en die van Jezus. Toen Robert Coles, waar we het in een vorige bijdrage ook over hadden, christelijke kinderen ondervroeg over de rol van Jezus in hun leven, kwam het antwoord dat hem het meeste trof onverwacht. Hij had een gesprek gehad met een stel tieners. De sessie was voorbij, en hij en de kinderen raapten hun spullen bij elkaar om naar huis te gaan. Terwijl ze dat deden maakte een vijftienjarige een laatste opmerking. Zo maar tussen door, terwijl hij naar de deur aan het lopen was. Hij zei: ‘Weet je, ik vermoed dat Jezus en wij hier allemaal mee zitten. Wij hopend gered te worden, en hij hopend ons te redden.’ Je moet het eigenlijk in het Engels horen, om het goed te verstaan: ‘You know, I guess the Lord and us, we ‘re all in this together: us hoping to be saved, and Him wanting to save us.'
Het schijnt precies te zijn wat Marcus ons hier in zijn verhaal over Bartimeüs vertelt. In dat verhaal is een blinde mensheid naar God aan het zoeken, en van de andere kant is die God naar ons aan het zoeken. Wij hopend, en God hopend. De twee energieën die in Marcus’ verhalen steeds weer bij elkaar komen. De aarde die aan het zaad de groeikracht geeft, het zaad dat de aarde vrucht doet opleveren.
Het kan niet mooier dan in dat verhaal over Bartimeüs. Geen wonder dat Marcus hem een naam, of eigenlijk zelfs twee namen geeft. Iets wat hij tot nu toe eigenlijk alleen maar voor de apostelen deed. Door ook Bartimeüs die naam te geven, ruimt Marcus weer een verschil op. We kunnen zo allemaal onze apostolische naam krijgen! We zijn immers allemaal geroepen om ons bij hem op zijn tocht aan te sluiten.