Preken en preken is twee

B-cyclus · Tijd door het jaar · 3e zondag · groen

Of een preek goed is of niet hangt van zeer veel af. Daar komt ook zeer veel bij kijken: stemgebruik, techniek, houding, dictie, woordkeuze, creativiteit en intonatie. Dat betreft evenwel allemaal de vorm, de uiterlijke presentatie. Je kunt dat min of meer leren. Daar bestaan degelijke cursussen voor.

In de lezingen van deze zondag gaat het eerder over de inhoud. De profeet Jona en de evangelist Marcus hanteren een verschillende boodschap. En dat betreft niet zomaar een of ander detail of een of ander accent. Het gaat om de boodschap zelf. Jona dreigt. Marcus belooft. Jona voorspelt de dood. Marcus opent op leven. Je kunt natuurlijk zeggen dat het er niet toe doet: als de mens zich maar bekeert!

Als je het zo stelt, is er tussen Jona en Marcus alleen maar een verschil in pedagogische aanpak. Zo zijn er ook ouders die resultaten bekomen met te straffen en ouders die minder resultaten hebben omdat ze niet willen straffen. De straffende ouders zien onmiddellijk de vrucht van hun optreden, de andere moeten meestal lang, lang wachten. Maar, zoals gezegd, dat is allemaal een kwestie van tactiek. Daarmee komen we echter niet in de buurt van het inhoudelijke probleem.

Jona zegt: ‘Nog veertig dagen en Nineve zal vergaan.’ Hij verkondigt dus een dreigende God, een God die, net als papaatje in het liedje, zal slaan. Hij is een onheilsprofeet. Hij zegt eigenlijk: als Nineve niet stante pede tot inkeer komt, zal God zijn geduld verliezen. Natuurlijk heeft Jona met dat angstmotief meteen succes. De mensen uit Nineve ‘deden allen een boetekleed aan’. Daarop gebeuren er twee merkwaardige dingen. God kreeg spijt en voerde de dreiging niet uit. Jona echter kreeg spijt omdat Nineve de dreiging had overleefd. Hij werd zuur en bitter. Een slechte, mislukte profeet.

Marcus zegt iets helemaal anders: ,,Bekeert u en gelooft in de blijde boodschap." Marcus belooft levensvervulling en vraagt daarop en daarom een andere levensstijl. Dat is niet enkel een andere pedagogische strategie. Dat is een ander beeld van God. De God van Marcus is anders dan de God van Jona. Marcus weet heel goed wat al duizend keren was gezegd: onze God is geen God van doden maar van levenden. Of anders gezegd: niet een God van de dood maar van het leven.

Volgens Jona zit de mens steeds op de beklaagdenbank. Zo wil het zijn God. Zo is zijn God: Hij staat op zijn rechten. Tussen haakjes, waarom was Jona zelf nooit gelukkig? Hij verkondigde geen blijde boodschap, omdat hijzelf niet een blij mens was. Hij was als profeet een mislukking. Daarom moest de hele wereld ook maar mislukken. Daarvoor diende zijn God, het maaksel van zijn eigen zure angst.

Gelukkig voert Marcus een andere taal. Zijn God vraagt om bekering om tot vervulling te komen en tot vreugde. En vooral, dat is nabij. Die vervulling en die vreugde moet je niet ver gaan zoeken. Het is nu meteen in handbereik. Vanaf vandaag verkrijgbaar ‘in alle goede winkels’. Daarom vraagt Jezus mensen om goed nieuws aan de man te brengen en aan de vrouw. Nineve en Ninove staan niet op Gods zwarte lijst. Jezus is een goed predikant.

Dat talent heeft Hij van de hemel.

Zoeken in Preken Online