Zevenentwintigste zondag door het jaar (2003)

B-cyclus · Tijd door het jaar · 27e zondag · groen

Toen enige jaren geleden werd ingevoerd dat er meerdere gevangenen in één cel opgesloten mochten worden, stond er in de krant een foto van een gevangeniscel in Tilburg, ingericht voor twee personen. En wat me het meest opviel was dat er twee televisies waren in die cel: iedere gedetineerde kon zo naar zijn eigen programma’s kijken. Je kunt het blijkbaar wel maken om iemand op te sluiten, maar het gaat te ver als ze allebei naar hetzelfde programma moeten kijken. Als je niet van voetballen houdt, en je moet toch meekijken omdat je maat daar gek op is, dan is dat een ramp. Dat kan niet, zelfs niet in de gevangenis.
Twee televisies in een cel sluit echter helemaal aan bij wat in de maatschappij gewoon is. Die gevangenis in Tilburg is helemaal up to date. Dat elk huis maar één televisietoestel had is allang voorbij. Veel gezinnen hebben twee of meer televisies in huis, een in de huiskamer, een op de slaapkamer, vaak nog een in de keuken en als er grotere kinderen zijn, hebben die ook dikwijls hun eigen toestel.
Iedereen moet zijn eigen programma’s kunnen zien: Pa naar het voetballen, ma naar een soapserie, kinderen naar een film. Dan is iedereen tevreden en wordt er geen ruzie gemaakt naar welk programma er nu gekeken gaat worden. Leve de vrede in huis. Toch kun je wel wat vraagtekens hierbij zetten. Niet zozeer bij die televisies maar wel bij de mentaliteit die erachter zit.
In onze tijd moet iedereen zijn eigen leven kunnen leiden. Dat is een recht, zegt men, en dat is natuurlijk waar. Maar je eigen leven leiden kent natuurlijk wel enige beperkingen. We leven met elkaar in een land, in een stad of dorp, in een gezin en waar mensen het leven met elkaar delen, moet je ook rekening houden met elkaar, met elkanders rechten maar ook met elkanders wensen, zeker als je samen onder één dak woont.
Dat vraagt verdraagzaamheid, aanpassingsvermogen, inschikkelijkheid. Je kunt niet altijd je eigen programma bekijken, je eigen programma uitvoeren, helemaal je eigen weg gaan zonder je iets van anderen aan te trekken.
Tegenwoordig is het heel gewoon dat in een gezin beide ouders werken. Daar is niets op tegen. Beide ouders hebben vaak hun hobby’s waar ze tijd voor inruimen. Daar is niets op tegen. Kinderen zitten op allerlei clubs, daar is niets op tegen. Maar het gevaar is wel dat ze geen tijd meer hebben voor elkaar, geen tijd om samen te eten, geen tijd om naar elkaar te luisteren, geen tijd om de dingen van de dag met elkaar te delen. En als ze eens allemaal thuis zijn, zit ieder achter zijn eigen televisie of computer. En als dat regelmaat wordt, vervreemden mensen van elkaar, groeien ze vaak, millimeter bij millimeter, ongemerkt dus, weg van elkaar, man en vrouw, ouders en kinderen. En als er dan eens problemen om de hoek komen kijken, dan kunnen ze elkaar niet meer bereiken.
In het evangelie van vandaag gaat het over echtscheiding. In de joodse samenleving van toen kon een man zijn vrouw wegsturen, andersom was onmogelijk in die mannenmaatschappij. Jezus maakt zijn toehoorders duidelijk dat dat eigenlijk niet kan: volgens Gods bedoelingen is de huwelijksband blijvend. Dat is zeker het ideaal, maar mensen zijn zwak en het lukt niet altijd.
In onze tijd zijn er veel scheidingen en het is altijd een drama, voor de partners, en nog meer voor de kinderen als die er zijn. Het geeft echter geen pas om beschuldigende vingers uit te steken, meestal is er sprake van onmacht, onmacht om elkaar te bereiken omdat ze in een langzaam proces uit elkaar gegroeid zijn.
Daarom is het zo belangrijk dat we in de samenleving weer gaan beseffen dat we tijd moeten hebben, moeten maken voor elkaar, dat we moeten luisteren naar elkaar, en daar is tijd samen voor nodig.
Daarom moeten we beseffen dat het individualisme dat ons tegenwoordig in de greep heeft, te ver kan doorschieten, waardoor het steeds moeilijker wordt om blijvende relaties aan te gaan. Natuurlijk moet iedereen zijn eigen leven kunnen leiden, maar ieder mens die geen rekening kan houden met de wensen van anderen kan ook niet echt zichzelf zijn, zichzelf worden.
Je wordt pas echt mens als je het leven deelt met anderen, als gehuwden, als gezinsleden, als vrienden, als dorpsgenoten. En delen betekent onherroepelijk: niet altijd je eigen zin kunnen doen. Gelukkig de mens die dat kan opbrengen.

Zoeken in Preken Online