21 e zondag B-jaar 22-23 augustus 2015
Broeders en zusters,
Enkele dagen terug ontmoette ik een vijftal leerlingen waar ik het voorbije schooljaar les aan heb gegeven. Er waren er ook bij uit de klas waarvan ik titularis was. Die ken ik dan iets beter en als klasleerkracht volg je dan van iets dichter de studiekeuze die ze maken.
Het viel me op dat drie oudleerlingen al een duidelijke keuze gemaakt hadden. Ze wisten al welke richting ze zouden kiezen en waar ze zouden gaan studeren. Een van de vijf twijfelde nog of ze elke dag naar Gent zou trekken met de trein of dat ze op kot zou gaan in Gent. Maar die keuze werd blijkbaar vooral door de ouders bepaald: zij willen dat dochterlief elke dag naar huis komt en als ze slaagt mag ze het tweede jaar in Gent op kot gaan.
Twee oud-leerlingen wisten nog helemaal niet wat ze zouden doen. Eentje had er ingangsexamen geneeskunde gedaan, maar hij was niet geslaagd. Hij was niet meer enthousiast om in september een tweede kans te grijpen. Zijn zelfvertrouwen had een flinke knauw gekregen. Hij had duidelijk geen B-plan nu zijn eerste keuze onmogelijk leek. Hij had wel al een kot in Gent.
De vijfde oud-leerling tenslotte had nog geen keuze gemaakt. Zij was bezorgd dat zij enkele goede vriendinnen zou kwijtspelen die een andere keuze maakten. Zij was bang dat zij alleen zou komen te staan. Ze kon ook niet beslissen wat ze nu het liefste zou studeren. De ene dag had ze een kleine voorkeur voor Toegepaste Economische Wetenschappen, maar de volgende dag was ze meer geboeid door Taal en letterkunde. En ondertussen tikte de klok verder en bleef er minder en minder tijd over om een goede en gemotiveerde persoonlijke keuze te maken.
Keuzes maken is inderdaad niet gemakkelijk. Het lijkt soms zelfs moeilijker en moeilijker te worden. ‘Kiezen is verliezen’ zegt men soms en we beseffen al gauw dat we niet alles tegelijk kunnen doen. En 100% zekerheid of onze keuze de juiste keuze was, dat zullen we wel nooit bereiken.
Ook de bijbelse mens had het soms moeilijk om keuzes te maken of om trouw te blijven aan een gemaakte keuze. Dit horen wij zowel in de eerste lezing als in het evangelie. En telkens gaat het om vitale, om zeer belangrijke keuzes.
Johannes vertelt in zijn evangelie hoe enkele leerlingen van Jezus beginnen te morren. Ze ergeren zich aan de woorden van Jezus. Ze voelen dat hun rustig gemakkelijk leventje voorbij is als ze Jezus’ woorden ter harte nemen. En ze zeggen: ‘deze taal stuit iemand tegen de borst. Wie is nog in staat naar Hem te luisteren.’ Jezus dwingt die leerlingen niet hem te volgen. Hij laat ze vrij kiezen. Johannes schrijft: ‘Vele van zijn leerlingen trokken zich terug en verlieten zijn gezelschap.’ Het aanvankelijk enthousiasme is verdwenen. De twijfels worden groter en ze kiezen voor de zekerheden van hun vroeger leventje. Ze geven het op. Ze kunnen of willen niet trouw blijven aan hun keuze voor Jezus.
Jezus vraagt dan aan de twaalf apostelen: ‘Wilt ook gij soms weggaan?’ Hij laat ze de keuze, dwingt hen niet. En Petrus bevestigt dat hij wel blijft kiezen voor Jezus en dat hij hem trouw blijft: ‘Heer, naar wie zouden wij gaan?’ En de apostelen voelen zich gesterkt door de duidelijke keuze van Petrus.
In de eerste lezing horen we een gelijkaardig verhaal. Jozua, de opvolger van Mozes, plaatst het volk voor de keuze. Na de tocht door de woestijn zijn ze nu in het beloofde land aangekomen. Daar heeft de plaatselijke bevolking, de Amorieten, een andere godsdienst dan de Hebreeën. En Jozua zegt: ‘Wilt gij kiezen voor Jahwe, de god van uw voorvaderen of kies je voor de plaatselijke goden van de Amorieten.’ En hij steekt als het ware zijn nek uit: ‘Ik en mijn familie, wij dienen Jahwe, de Heer’. Jozua laat zijn volk de vrije keuze.
En het volk voelt zich gesterkt door de duidelijke keuze die Jozua zelf maakt. Ze antwoorden: ‘Wij denken er niet aan de Heer te verlaten en andere goden te dienen. Ook wij willen Jahwe de Heer dienen. Hij is onze god.'
Broeders en zusters,
We hoeven niet verwonderd te zijn als twijfels ook bij ons kunnen opduiken.
We hoeven niet verbaasd te zijn als geloven in God ook zijn moeilijke dagen kent. Ook in het geloof is er geen 100% zekerheid. Laat ons dan net als de tijdgenoten van Jozua en net als de apostelen trouw blijven aan ons geloof en elkaar daarbij helpen en steunen.
Amen.