Door na te denken en uitproberen hebben wij mensen al heel wat problemen opgelost en vragen kunnen beantwoorden. Toch zijn er vragen waarop het antwoord steeds weer voor ons uitgeschoven wordt. Bijvoorbeeld: Is er ergens in het heelal nog een planeet of zoiets waar een soort mensen wonen. De vraag of engelen echt bestaan of alleen maar menselijke verzinsels zijn lijkt er ook een beetje op. In elk geval zijn daar heel veel ontmoetingsverhalen over. In de Bijbel staan veel van die verhalen opgetekend, zoals in de eerste lezing van vandaag. De aartsvader Jacob vecht met een engel om zijn levenskeuze te bepalen, Maria, de moeder van Jezus is één van de velen die wordt begroet met: " Vrees niet" om na die bemoediging haar levenskeuze te maken. De vrouwen die het graf van Jezus bezoeken worden door twee engelen gerust gesteld en vernemen Jezus’ opstanding. In de Bijbel staan meer dan 230 verhalen over de ontmoeting met een engel, maar ook los van de bijbel zijn er tal van mensen die van zo’n ontmoeting melding hebben gemaakt. In één opzicht komen ze allemaal met elkaar overeen: Op cruciale momenten is er een persoonlijke nabijheid die troost, bemoediging, uitzicht geeft voor dat moment en voor de toekomst.
Vroeg of laat komt iedereen wel eens mensen tegen die zeggen liever dood te willen zijn. Het noodlot heeft hen op meerdere wijze zozeer getroffen, dat ze zich geen raad meer weten. Een mislukt huwelijk met kleine kinderen ergens in de familie, het auto-ongeluk van een goede vriendin, schulden die zich opstapelen en veel van dergelijke gruwelen brengen hen tot zo’n uitspraak. Bij de zoveelste ramp hoor je ze zeggen: Ik dacht vannacht: ik zou wel dood willen zijn. Wie zoiets hoort, kan blijven luisteren uit respect en in een poging iets van het leed mee te beleven. Een luisterend oor werkt genezend. De wanhopige doet wellicht een ontdekking: Het is al de moeite waard verder te leven als er mensen om je heen zijn die naar je luisteren, familie, vrienden, kennissen of medekerkgangers, die je aandachtig blijven volgen..
In de eerste lezing van vandaag lezen we dat Elia een dergelijke ontdekking deed. Hij had zich voorgesteld de slechteriken op grote schaal te kunnen bekeren, een nieuwe koers te kunnen uitzetten voor zijn eigen volk. Maar er werd niet naar hem geluisterd. Hij had zich teruggetrokken op een eenzame plaats, waar nauwelijks iets eetbaars te vinden was. Al spoedig raakte hij ondervoed en zei toen bij zichzelf: Ik zou wel dood willen zijn. Maar hij had geluk. Hij trof iemand die naar zijn verhaal heeft geluisterd. Die vreemde die zijn pad kruiste gaf hem niet alleen te eten om aan te sterken, maar ook gaf hij hem het idee terug, dat als je spreekt over wat je bezielt, er een engel is die naar je luistert, je bewondert en bereid is je te volgen zolang je leeft.
Een tijdje geleden werd in het naburige crematorium een afscheidsdienstje of zoiets gehouden na het overlijden van iemand die zeker meende te weten dat engelen niet bestaan. Hij had het behoorlijk met zichzelf getroffen, want was intelligent en had zich lang verheven boven ieder die sommige tests minder succesvol had doorstaan.
Maar het was nooit tot hem doorgedrongen dat zijn vrouw en zijn kinderen en vele anderen hem een leven lang hadden verdragen, bijgestaan in de meest alledaagse maar onmisbare dingen. Om engelen te kunnen zien moet je wel uit je doppen kijken en luisteren. Dat komt in alle verhalen duidelijk naarvoren.
Er zijn mensen die naast je komen zitten, luisteren, bemoedigen, verdragen, waarderen, een praatje maken, voor gaan,uitzicht geven en dat dikwijls op heel beslissende en heftige momenten. Die zijn als brood uit de hemel, niet om de maag te vullen, maar wel de innerlijke mens.
Of engelen bestaan? Wie er nog nooit een heeft ontmoet is een onvoorstelbare pechvogel of een sukkel die niet heeft opgelet. Sta mij toe dat een beetje vierkant te verkondigen. Amen
Engelen (2009)
B-cyclus · Tijd door het jaar · 19e zondag · groen