17e zondag door het jaar B

B-cyclus · Tijd door het jaar · 17e zondag · groen

Het is niet alleen omdat de rust die de apostel gegund is van korte duur is, het is zelfs niet vooral omdat de rust kort is, omdat het volk zich altijd weer opdringt aan hem en aan Jezus die hem roept, dat veel te weinig jonge mensen de roepstem volgen. Het is niet het vele werk dat de geroepene afschrikt. Het is de rust zelf die afschrikt. Het is de zin van het leven bij Jezus, van het leven bij de Vader, bij God, waartoe Jezus vooral uitnodigt, die afschrikt. Want als het volk zich na Jezus’ korte rust weer opdringt, als Jezus de mensen lange tijd onderricht, als Hij de broden en de vissen vermenigvuldigt, blijft iedereen bij Hem. Maar als Hij het volk dan de zin van het wonder uitlegt, als Hij hen weer gaat wijzen op het anders leven, op het leven vanuit God als Vader, het leven van zijn woord, en tenslotte van Hemzelf, voedsel voor het leven, drank voor het eeuwig leven, dán is het dat vele leerlingen zich terugtrekken, omdat ze dat woord te hard vinden. Wie kan zo iemand nog volgen? Wie kan zo een woord geloven? Wie kan zo totaal anders gaan denken? Wie kan zo helemaal zijn leven anders oriënteren? Het is werkelijk te kras. Ze willen voor andere dingen werken en leven. Ze willen werken voor het voedsel dat weer honger geeft. Ze willen werken voor de verbetering van dat voedsel. Ze willen iets doen, een stukje van hun tijd geven, om het leven van vele anderen te verbeteren. Ze aanvaarden dat het leven veel werk en regelmatig rust vereist. Maar het leven door God laten opentrekken, door God laten veranderen, door God laten omkeren, zodat het leven vanuit God rust geeft die niemand hen nog zal ontnemen, die blijvend zal zijn, die eeuwig zal zijn, werken voor het leven dat blijft, geloven in Jezus die gezonden is, dat kunnen ze niet en willen ze niet. Tot aan de dood kunnen ze en willen ze denken. Verder niet.

Maar Jezus denkt verder. Hij ziet de weerstand groeien. Hij begint zicht te krijgen op de afloop van zijn prediking. Naarmate Hij zichzelf verder openbaart, openbaart zich aan Hem het einde van zijn leven en ontplooit zich het machtige glorierijke plan van zijn overwinning op de dood. Die moet het begin inluiden van de blijvende rust in God. Zover wil zijn denken gaan. Zover wil zijn prediking gaan. Hij wil de volle zin geven aan zijn leven en die aan zijn luisteraars en aan zijn leerlingen meegeven. Hij wil ze in zijn eigen leven laten delen in zijn leven dat met zijn dood niet ten einde is, maar het begin van zijn blijvende leven als mens bij God en garantie voor het blijvende leven van zijn volgelingen, die ook, na hun dood, blijvend in God zullen rusten. Zover kunnen zijn leerlingen uit zichzelf niet denken. Om zover te denken, om over de dood heen te komen, is meer nodig. De prediking van Jezus is nodig, die de gedachten van de leerlingen verder trekt, en de aantrekking van de Vader is nodig, die de leerlingen tot het enige werk brengt dat hen tot de rust na de dood zal voeren: het geloof in Hem die de Vader gezonden heeft.

Dat is iets dat de leerlingen, dat de mensen uit zichzelf niet kunnen. Het is de openbaring van het tweede deel van Jezus’ leven. Het is een echte, nieuwe gave. Het is de gave van Jezus’ laatste prediking, die nu begint, met de vermenigvuldiging van de broden en de vissen, en de lange uitleg die Jezus zal geven van dit nieuwste teken van zijn vindingrijk leraarschap, van die nieuwe, voor de natuurlijke mens ergerlijke gave van zijn herderschap. Jezus wil de Herder zijn die de mensen brengt tot op de weide van de rust die eeuwig duren zal.

Deze gave is voor de natuurlijke mens, ook voor de edelmoedigste, ergerlijk en onbegrijpelijk. Het is voor het geloof hierin dat de best gestemde leerling, niet kan en niet wil werken, als God hem hiertoe niet aantrekt. Hij wil werken voor het voedsel, voor het betere voedsel van dit leven. Jezus zal nu lang spreken over zichzelf, het ware voedsel voor het eeuwige leven.

Zoeken in Preken Online