Vroeger haalde mijn moeder eind november de adventskalender tevoorschijn. Die lag op zolder, in de verhuisdoos waar ook de beeldjes van de kerststal en de kerstboomversieringen in zaten. Kerststal en kerstboom mochten pas de week voor kerstmis worden opgezet en opgetuigd. Maar dankzij de adventskrans en de adventskalender kwam de decemberstemming er alvast goed in. De adventskalender was van karton en had de vorm van een groot, Duits aandoend huis van wel acht verdiepingen, met allemaal raampjes met luikjes ervoor. Ieder raampje verbeeldde een dag in de adventstijd. Als eerste mocht het luikje van het raampje linksboven open; de eerste zondag van de advent. Achter zo’n luikje zat een mooi winters plaatje. De volgende dag was het kartonnen luikje van het raampje rechts daarvan aan de beurt en dat zigzagde zo door naar beneden, totdat op kerstavond de grote dubbele voordeur op de begane grond mocht worden geopend, waarachter het Kerstkind in zijn kribbe lag.
Na verloop van een paar jaar raakten de kartonnen luikjes lam. Ze gingen allemaal tegelijk vanzelf al een stukje open op de eerste zondag. Bovendien klopten de dagen op de luikjes niet meer. De kalender was eigenlijk bedoeld voor eenmalig gebruik in pakweg 1971. Voor 1972 enzovoorts hadden we eigenlijk steeds een nieuwe moeten kopen bij de feestartikelenwinkel. Mijn moeder trapte niet in die commerciële valkuil en dus sjoemelden we steeds een beetje met de gammele deurtjes en de exacte data; zuinig en katholiek tegelijk. Ik koester mooie herinneringen aan de adventstijden uit mijn jonge jaren. Dankbaar ben ik, dat mijn ouders ons - mijn zusje en mij - op speelse wijze hebben geleerd om toe te leven naar het kerstfeest, naar de komst van Jezus, Messias, de Heer. Toeleven naar kerstmis. Je voorbereiden op de komst van Christus. Hoe doe je dat als je de advendskalenderleeftijd al te boven bent? De profeet Jesaja gaf ons in de eerste lezing al een paar handreikingen.
Bereidt Jahwe een weg in de woestijn, in het dorre land een rechte baan voor onze God (Js. 40,3). Met een beetje fantasie - of beter gezegd: interpretatievermogen - begrijpen we misschien wel wat de profeet hiermee zou kunnen bedoelen. ‘De woestijn’ staat voor ons dagelijkse leven in de fysieke, aardse wereld. Spiritualiteit lijkt vaak ver te zoeken als wij ploeteren langs onze levensweg, gekweld door grote en kleine zorgen, behept met grote en kleine onhebbelijkheden. Er heerst droogte. De verbinding met de Bron van Levend Water lijkt voorgoed te zijn verbroken.
En toch is er hoop. Want we maken een weg voor Jahwe, een rechte weg. Dit houdt in dat - ik citeer opnieuw
Elk dal moet worden opgehoogd en elke berg en heuvel afgegraven; oneffen plekken moeten vlak gemaakt worden (Js. 40,4).
Het egaliseren van het pad waarlangs God de woestijn binnenkomt staat mijns inziens voor het streven naar een zekere onthechting en het nastreven van gelijkmoedigheid. De dalen zijn de ‘dipjes’ in ons leven, onze depressies en negatieve gevoelens, terwijl de bergen staan voor ons soms wat overdreven enthousiasme en onze vaak wat kunstmatige ‘piekervaringen’ ontleend aan massamedia en consumptiemaatschappij. We moeten onze emoties leren beheersen, zonder hierdoor te vervallen in zombiegedrag uiteraard.
Als je de Heer wilt ontmoeten, is het goed om eerst tot rust te komen, jezelf als het ware leeg te maken. Pas dan kun je je werkelijk verheugen op wat komen gaat. De advent is een tijd van bezinning en inkeer. Wat zeker niet wil zeggen dat het een saaie tijd is. Integendeel zou ik zeggen, want wie we dezer dagen eveneens weer ontmoeten is de verre van alledaagse persoon Johannes de Doper. Als zoon van Elisabeth en Simeon en neef van Maria én Jezus is hij - door een katholieke bril bezien - afkomstig uit een heel goed milieu. Maar in zijn doen en laten is hij toch altijd een heel gewone jongen gebleven. Zoals de evangelist Marcus hem omschrijft, met zijn kameelharen jas, leren gordel om zijn lendenen en dat typische dieet van sprinkhanen en wilde honing, was hij eerder een ietwat onaangepaste figuur. Niet echt het type van de gladde reclamejongen met het driedelig krijtstreeppak en de dikke sigaar. Maar uitgerekend deze Johannes treedt op als de belangrijkste PR-manager voor Jezus. Hij voert voortdurend campagne. Hij leeft ervoor om mensen ertoe te brengen om in hun leven een weg te banen voor de Messias. Precies zoals Jesaja eerder had bepleit. Marcus schrijft: Heel de landstreek Judea en alle inwoners van Jeruzalem trokken naar hem uit en lieten zich dopen in de rivier de Jordaan terwijl ze hun zonden beleden (Mc. 1,5).
Je zonden belijden. Dat klinkt ons moderne mensen vaak wat heftig, wat beladen in de oren. Ouderen denken erbij wellicht terug aan de verplichte wekelijkse gang naar de biechtstoel en de kleine ondeugendheden die zij ter plekke verzonnen om er maar vanaf te zijn à raison van drie Weesgegroetjes. Jongeren en mensen van middelbare leeftijd gaan vaak nog wat verder in hun aversie. Is het in de hedendaagse, geseculariseerde samenleving immers niet zo dat je je eigen moraal grotendeels zelf bepaalt? Een moeilijk punt, mensen, dat belijden. Maar als we het nou iets anders formuleren? Kan het niet heel bevrijdend werken als je probeert los te komen van je particuliere obsessies, je gehechtheid aan de aarde en je persoonlijke vooroordelen? In de rivier de Jordaan wassen we deze viezigheid van ons af, net zoals Hindoes dat doen in de heilige rivier de Ganges.
De doop door Johannes nodigt uit tot het nemen van de volgende stap. Na mij komt iemand die sterker is dan ik en ik ben niet waardig mij te bukken en de riem van zijn sandalen los te maken. Ik heb u gedoopt met water, maar Hij zal u dopen met de heilige Geest (Mc. 1, 7-8) Johannes de Doper helpt ons een weg te bereiden voor Jahwe door de woestijn. Elizabeths zoon, de neef van Maria in zijn kameelharen jas, maakt als het ware bijna alle luikjes van een gloednieuwe, actuele adventskalender alvast voor ons open. Alleen de grote dubbele voordeur op de begane grond, met daarachter het Kerstkind in zijn kribbe, blijft nog dicht. Eventjes nog. Gelukkig mogen de kerststal en de kerstboomversieringen alweer bijna van zolder. Amen.