De Vader van een Duits schoolmeisje verlangde van de directeur dat men het kruisbeeld uit het klaslokaal van zijn dochter zou verwijderen. Als reden gaf hij op dat hij haar de aanblik van de Gekruisigde wilde besparen. Maar dan mocht hij zijn dochter ook niet naar de woning van schoolkameraadjes laten gaan of haar in zijn auto meenemen voor een tochtje door de velden, want overal kom je het kruis van Christus tegen, uit steen gehouwen, uit hout gekapt, in metaal gegoten.
Je kunt natuurlijk wel argumenten aanvoeren tegen die vader die zijn dochter de aanblik van het kruis wil besparen. En toch kun je die weerzin tegen het kruis begrijpen. Wat het kruis ons toont, is inderdaad iets verschrikkelijks: een man aan het kruis geslagen onder gruwelijk lijden en het lichaam verminkt en bedekt met striemen en wonden. Zo’n beeld zie je niet graag. Daarom bezwijken mensen altijd weer voor de verleiding om het aanstotelijke van het kruis weg te nemen, om het kruis aantrekkelijker te maken: een kruis zonder hoeken en kanten en met een mooie bergkristal op de plaats van het lichaam.
Maar de Kerk wil de gelovigen het zicht op de Gekruisigde niet besparen. Zij schrijft voor dat op de kruisen in het kerkgebouw het lichaam van de Gekruisigde afgebeeld wordt. Wij mogen de ergernis van het kruis niet uit de weg gaan. Want in het kruis van Christus komt heel de goedheid en menslievendheid van Jezus tot uitdrukking. Hij is opgekomen voor de armen en marginalen, heeft Gods goedheid aangezegd voor zondaars en Hij staat aan de kant van de mensen die lijden. God neemt ons lijden ter harte en lijdt zelf met ons mee. Wij kennen Christus als de Gekruisigde. Er is geen andere.
Wij staan weer aan het begin van de passieweek. Wij worden deze week meer dan anders geconfronteerd met het lijden en het sterven van Jezus, wanneer wij het passieverhaal horen, passieliederen zingen, de kruisweg bidden. Wij kunnen geen toeschouwers blijven, wij worden persoonlijk betrokken bij dit lijden van de Heer. Wij moeten samen met Jezus zijn weg gaan, om door zijn lijden en kruis te delen in de heerlijkheid. Er is geen andere weg. Ook als wij ons graag de blik op de Gekruisigde willen besparen, willen wij ons er toch voor openstellen. Want die blik is heilzaam voor ons en wekt ons op om het lijden met andere mensen te delen…