Als wij over drie weken Pasen vieren, beginnen wij de Paaswake laat op de avond, als het donker is. Want dan komt het vuur en de paaskaars tot zijn recht: licht in de duisternis. Als de kinderen die gedoopt worden met pasen, het doopsel hebben ontvangen, krijgen zij een doopkaars die wordt ontstoken aan de paaskaars. Waarom doen we dat? Omdat zij dan het licht van Christus ontvangen. Wie de genade mag ontvangen om in Jeruzalem Pasen te vieren, viert de paaswake heel vroeg in de morgen, bij het aanbreken van de dag. Men begint als het donker is, en als de Eucharistie gevierd wordt, is de zon op. In Jeruzalem zie je met Pasen de orthodoxe gelovigen allemaal met vuurpotjes en lantarens lopen, ook op klaarlichte dag. Ze nemen het licht van Pasen mee naar huis, als een blijvende vlam van licht en warmte.
De duisternis is niet de plaats voor menselijk leven. We worden bang in het donker, weten geen raad met het onbestemde. Ouderen durven de straat niet meer op en we parkeren de auto liever niet in een onverlichte steeg. Het licht geeft veiligheid, geeft leven. Wat moet een blinde voelen in onze wereld? Hoe hulpeloos en verloren ben je als je niets ziet, als je geen licht in de ogen hebt? De blindgeborene die vandaag ten tonele wordt gevoerd in het evangelie. Een mens, verstoken van een eerste levensbehoefte: licht.
Alle mensen die waar ook ter wereld geloven in God, beschouwen het licht als iets van God, en de duisternis als iets van de tegenstander van God, of dat nu de natuur is, de demonen of de dood. Niet voor niets dat de Joodse geleerden voor de man die met duisternis in de ogen geboren werd, wel een oorzaak konden aanwijzen: de zonde, het kwaad, de duivel, de dood. Het symbool van licht en duisternis tegenover elkaar. Alsof God mensen rechtstreeks straft door hen het licht in de ogen niet te gunnen.
Wij vieren Pasen als het feest van leven, en dat betekent tevens: bevrijding van de dood. Twee symbolen spelen daarbij een rol. Vorige week hoorden we over het water dat alle onreinheid van zonde afwast. Christus, het Levend Water dat ons reinigt bij de doop. Maar Pasen begint - als gezegd - in duisternis, om met de paaskaars en onze kaarsen te eindigen in het licht. De bevrijding van de zonde en de dood, is ook bevrijding van de duisternis. Het evangelie van de Blindgeborene laat ons als het ware een voorafbeelding zien van wat Christus voor ons wil zijn. Aan de Samaritaanse zei Hij vorige week: “Ik ben het levende water, Ik ben de Messias.” Vandaag openbaart Hij aan de blindgeborene: “Ik ben het licht der wereld; ik ben de Mensenzoon, de vergeving van de zonden.” Volgende week zal Hij bij de opwekking van Lazarus zeggen: “Ik ben de verrijzenis en het leven.” In drie tekenen laat Christus dus zien wie Hij is. In drie tekenen vertelt Hij ons wat er met ons gebeurt bij de doop. In drie lange lezingen bereidt Hij ons zelf voor op ons Pasen, op ons Hoogfeest van de Verlossing, op onze hernieuwing ook van de doopbelofte.
Laten wij met de blindgeboren man onze eigen innerlijke duisternis afleggen, ons verzoenen met God en onze oogkleppen afleggen. Christus wil ons genezen, en onze ogen openen voor Hem, het ware licht. Antwoorden wij met Pasen in onze doopbelofte met dezelfde woorden als de blindgeborene: “Ik geloof, Heer.” Amen.