“Laat uzelf als levende stenen voegen in de bouw van de geestelijke tempel.”
Preken, zrs. en brs., preken met woorden is een goed werk.
Nuttig en nodig, het voedt ons geloof en bouwt onze gemeenschap op. Maar de beste preek bestaat niet uit woorden, maar uit het voorbeeld, de daad.
Vandaag stelt br. Steve zo´n daad. Hij is dus de echte predikant van deze dienst.
Dierbare br. Steve, vandaag zet jij een stap die een antwoord is op de oproep van de apostel Petrus. Petrus hoorde bij de eerste leerlingen die Jezus tot zich heeft geroepen. Het initiatief daartoe is uitgegaan van de Heer. Uit de evangelieverhalen krijgen wij een beeld van Simon Petrus als van een sympathiek mens met een warm hart, een mens ook met een onstuimig gemoed, dat hem menigmaal in een moeilijke situatie brengt.
Als Jezus’ Uur gekomen is, en Hij zijn Lijden aanvaardt, speelt Petrus geen mooie rol. De moed is hem in de schoenen gezonken, en hij verloochent zijn Meester tot drie maal toe. Maar als Jezus uit de doden is opgestaan, blijft Hij zijn woord aan Petrus gestand doen, en Hij vertrouwt hem zijn kerkgemeenschap toe. De Petrus die wij vervolgens zien optreden in de Handelingen van de Apostelen komt naar voren als een mens die gegroeid is, gelouterd, vol van de H. Geest en geloof, onverschrokken in zijn optreden tegenover de Joodse overheden, en nauw verbonden met de andere leden van het apostelcollege.
Van de jonge kerkgemeenschap gaat zoveel genade en kracht uit dat de apostelen zich door de zorg van die menigte overvraagd voelen. Zij stellen diakens aan, en de eerste daarvan is jouw patroonheilige Stefanus. Zelf wijden de apostelen zich aan het gebed en de bediening van het woord. Dit apostolisch leven in gemeenschap, eensgezind van hart, en vurig in gebed, is in de kerk het blijvend model van elke monastieke gemeenschap. Bij apostolisch leven denken wij spontaan aan actieve geloofsverkondiging en aan verre reizen, maar het hart van het apostolaat is het engagement aan een biddende gemeenschap, het blijven in verbondenheid met de verrezen Heer. Geloven in Zijn aanwezigheid onder ons, leven uit dat geloof.
Dierbare br. Steve, jij engageert je vandaag tot zulk een leven. Je doet dat in de evangelische school van Benedictus. Een abdij is gebouwd ter ere van God, daar is ruimte voor velen. Zo is zij hier op aarde een afspiegeling van het hemels Vaderhuis, open en gastvrij, en tegelijk geborgen en intiem. Hoe kunnen die twee facetten tegelijk werkelijkheid zijn? Dat is menselijk wellicht onmogelijk. Mensen zoeken veiligheid door burchten te bouwen die anderen buitensluiten.
Maar Jezus, de Godmens, biedt zijn Persoon als weg, waarheid en leven. Hij biedt ons de intimiteit van zijn nabijheid, de geborgenheid van zijn Persoon. Hij neemt ons op in zijn liefde die ons beschermt en omhult, en die ons ook verruimt en hart geeft voor ieder ander mens, voor ieder levend wezen. Hij voegt ons samen als levende stenen, en maakt van onze gemeenschap een geestelijke tempel.
Br. Steve, jij bent al volop een levend element in onze gemeenschap, bij het zingen van de lof Gods, in de keuken, voor de electra, voor het wereldwijde web. Moge het hart van je leven steeds Jezus de Heer zijn, Hij de Weg, de Waarheid en het Leven. Moge je wonen bij Hem, thuis zijn bij Hem voor tijd en eeuwigheid.
Aanstonds geef je je woord aan de Heer. Moge Hij je de kracht schenken om dat woord waar te maken van dag tot dag, tot opbouw van deze gemeenschap en van de
geloofsgemeenschap rondom. Dat vragen wij de Heer.