Stel u voor dat men in Japan iets zou lezen over de weigering van koning Boudewijn om de abortuswet te ondertekenen. Misschien zou men wel lezen dat sommigen dit zagen als de tweede koningskwestie. De koningskwestie is al wat moeilijker te begrijpen als je niet weet wat men bedoelt met dit woord. Om dit goed te begrijpen zou men al informatie moeten krijgen over de eerste koningskwestie. Wat voor de ietwat oudere Belgen begrijpelijk is, lijkt dat niet te zijn voor buitenstaanders. Zoals men bij de komende formatiegesprekken na verkiezingen wel meer dan eens zal teruggrijpen naar de vaudeville die we nu meemaken. Zo is ook het evangelie van vandaag maar te begrijpen vanuit het Oude Testament. Je kunt het natuurlijk lezen als een verhaaltje dat wil aantonen dat je als christen veel respect moet hebben voor politieke vluchtelingen, maar er zit meer in dan dat. De evangelist Matteüs schrijft voor joodse christenen, mensen die het Oude Testament kennen. Als Matteüs voor zijn toehoorders wil getuigen van zijn geloof in de verrezen Christus, dan zal hij best het Oude Testament gebruiken om zijn geloof te onderbouwen.
Wanneer joodse toehoorders dit evangelie beluisteren, zal zeker de figuur van Jozef, zoon van aartsvader Jakob en zijn lievelingsvrouw Rachel, voor de geest komen. Ook deze Jozef kreeg via dromen te horen wat God wou zeggen. Hij werd door zijn broers verkocht en kwam zo in Egypte terecht waar hij na enkele avonturen eindigde als onderkoning en zo de Israëlieten in Egypte kon binnenhalen om hen van de hongersnood te redden. Later, wanneer het volk verknecht wordt, zal Mozes uitgezonden worden om Gods Zoon, Israël, uit Egypte weg te halen. Hoe groot de paralellen ook zijn met Jozef, eigenlijk gaat het er bij Matteüs om dat wij Jezus zouden zien als de nieuwe Mozes. Waarom? Nogal voor de hand liggend, de wet van Mozes schraagt de joodse godsdienst, een nieuwe godsdienst moet een nieuwe wetgever krijgen. Vandaar dat Jezus net als Mozes ontsnapt aan een kindermoord van een tiran en dat ze beiden uit Egypte onder Gods leiding zullen wegtrekken.
Nu blijft de vraag natuurlijk wat wij met zo’n verhaal vandaag moeten en dan nog op zo’n zondag waarop het gezin van Jezus tot modelgezin wordt verheven. Er is natuurlijk het gegeven dat ieder gezin wel eens bedreigd wordt. Ramses en Herodes hebben andere namen gekregen vandaag, maar ze bestaan nog. Er zijn nog steeds landen waar kinderen vermoord worden, maar ook bij ons is er nog tirannie: het moeten presteren, consumeren, jezelf bewijzen, … het kunnen ook tirannen zijn die ons gezin bedreigen. Het is van alle tijden en van alle culturen. God vraagt ons een schuilplaats te zoeken. Kunnen wij als geloofsgemeenschap zo’n schuilplaats zijn voor elkaar? Kunnen wij hier ontsnappen aan de spirituele hongersnood? Ik denk dat die vraag niet met “ja” of “neen” te beantwoorden is, een Kerk bestaat uit mensen en mensen maken fouten, dus het zal altijd wel beter kunnen. Toch is het goed hier als gemeenschap over na te denken: kunnen mensen komen schuilen bij ons? Dat vraagt van ons een bijzondere openheid en daarenboven het afzweren van vooroordelen. Gezinnen die het moeilijk hebben , hebben geen nood aan verwijtende en belerende vingers. Zij hebben nood aan een ruimte, een gemeenschap die hen helpt kansen te zoeken om weer thuis te komen bij elkaar. Die nood is er zeker ook wanneer het lijkt te mislukken en wanneer het effectief mislukt. We moeten het gezin ten alle tijden waarderen en ondersteunen, maar we moeten altijd blijven beseffen dat het gezin maar een middel is en niet het doel. Wanneer gezinsleden elkaar monddood maken en elkaar menswaardig leven ontzeggen, dan moeten we kiezen voor het geluk van de mensen en niet voor een instituut, hoe belangrijk en waardevol en onmisbaar dat ook moge zijn. Anders krijgen we de andere kant van Egypte: een land dat mensen verknecht, reduceert tot dingen. Wanneer ons gezin vandaag door een crisis gaat en een schuilplaats zoekt, dan zijn wij als het gezin van Jezus, dan zoeken wij niet alleen een schuilplaats voor ons gezin, maar ook voor God die midden onder ons is in die kleine geloofsgemeenschap van het gezin.
Maar Egypte is niet het eindpunt, de schuilplaats is niet de thuis. Eens moet men terug naar die plaats die we willen bewerken tot een thuis.
Eigenlijk leert dit kleine verhaal ons dat wij als gedoopten allemaal de weg af te leggen hebben die Jezus en voor Hem het joodse volk heeft afgelegd. We weten alleen dat God zorgt voor een happy end, ook al lijkt dat op het eerste gezicht niet zo …
Evangelieprikje (2007)
A-cyclus · Kersttijd · Heilige familie · wit