9e zondag door het jaar A (2008)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 9e zondag · groen

Beste dorpsgenoten,
De grote feesten hebben we nu achter ons. In de kerk staan ons nu alleen zondagen door het jaar te wachten, gewone zondagen, tot einde november.
Gelukkig is de tijd buiten de kerk niet gewoon want de zomer brengt ons altijd iets nieuws: een eet-café eindelijk, warm weer, allerlei nieuw fruit, vakantie, Europese kampioenschappen, allerlei soorten feesten en vertoningen. En we kunnen op de fiets springen voor een mooie tocht. Dingen die nooit gewoon worden.
Het klinkt zo rechtuit in de eerste lezing: “Zegen als gij gehoorzaamt aan de geboden van de Heer, die ik u heden geef, vloek als gij aan zijn geboden niet gehoorzaamt en afwijkt van de weg die ik u heden voorschrijf, door achter andere goden aan te lopen, die gij niet kent.”
Daarentegen schrijft Paulus in de brief aan de Romeinen, “Ik beweer dat de mens gerechtvaardigd wordt door te geloven, niet door de wet te onderhouden.” Dat lijkt in tegenspraak met de woorden uit de eerste lezing.
En in het evangelie vergelijkt Jezus mensen die de wil doen van de Vader in de hemel met een verstandig man die zijn huis bouwt op de rots, dat bestand is tegen regen, bergstromen en stormen. Daarentegen is iemand die niet naar de woorden van Jezus handelt te vergelijken met een dwaas die zijn huis op zand gebouwd heeft. Geen bemoedigende woorden voor slachtoffers van de tyfoon in Birma en de aardbeving in China.
Grimmige woorden, en nog al eenzijdig. Had Jezus zich beperkt tot dit soort prediking dat past bij de taal uit de eerste lezing dan zou hij nooit vermoord zijn. Maar hij zou ook heel andere uitspraken doen en gedrag vertonen dat vreemd was, ongehoord, bedreigend en daarom werd hij tot zwijgen gebracht.
In een maatschappij van 2000 jaar en meer geleden waren staalharde standpunten vanzelfsprekend: ze maakten deel uit van het verdedigingstelsel van een volk, absolute nationale en religieuze eenheid was in die tijd sterker dan een goed leger. En ook goedkoper.
Zulke sterke taal horen we in onze tijd niet meer. Of toch? “Normen en waarden” worden voorgesteld als oplossing voor veel problemen. Dat zijn twee woorden mooi om plechtig uit te spreken maar wat koop je er voor? Ze doen denken aan vlijt, zuinigheid, orde en netheid, braafheid en saaie begrippen die helemaal uit de tijd zijn. Ook al zou men dat soort deugden voor het gemak soms graag even terugzien.
In de krant zag ik dezer dagen vier deugden voorgesteld, die vanuit allerlei overtuigingen, godsdienstige richtingen, en leefwijzen als het ware opborrelden.
Genoemd werden respect, betrouwbaarheid, zorgzaamheid en openheid. Dat zijn kwaliteiten die passen in een moderne maatschappij. Kwaliteiten die onmisbaar zijn in een gemeenschap waar mensen bij elkaar willen en kunnen horen ook al verschillen ze in geloof en herkomst, in opvattingen, in levensstijl.
Respect, betrouwbaarheid, zorgzaamheid en openheid. Dàt zijn manieren om met elkaar om te gaan waar Jezus zich in terug zou vinden. Denk aan de Gulden Regel: “Alles wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen. Dat is de wet en de profeten.” Woorden uit hetzelfde hoofdstuk van Matteüs waar Jesus spreekt over de verstandige en de dwaze man, en het huis op de rots en op het zand.
Jezus zou ook in onze tijd een “persoonlijkheid” geweest zijn, opvallend, met duidelijke standpunten, eigen levensstijl, zonder vreemd en bedreigend te zijn en toch zou hij er bij horen, helemaal. Twee duizend jaar geleden noemden ze zo iemand “zoon van God.” Hoe omschrijven wij tegenwoordig zo iemand?
In onze tijd zouden we aan Jezus ontdekken dat mens-zijn geen grenzen kent. Van een kant zouden we ons allemaal in hem terugkennen. Dat zouden we voelen als zegen. En van de andere kant zouden we hem willen inhalen en dan zouden we telkens nieuwe mensen worden.
“En niets is nog af/ en alles nog nergens./ Maar hier en daar mensen/ en steeds meer en overal/ mensen die doen/ wat vandaag nog gedaan moet./
(Huub Oosterhuis, Verzameld Liedboek, 728)

Zoeken in Preken Online