Zusters en broeders,
Er doet zich iets merkwaardigs voor in onze samenleving. Het aantal kerkgangers is er de jongste jaren zeker niet op vooruitgegaan, meer dan vroeger noemen mensen zichzelf atheïst, de vorige regering reed kerk en geloof met de regelmaat van een klok in de wielen, en in kranten, op radio en tv werd en wordt geregeld de spot gedreven met alles wat met geloof en katholicisme te maken heeft.
Tegelijk evenwel verklaart de uitgesproken vrijzinnige voorzitter van de Vlaamse socialisten openlijk en bij herhaling dat hij liever volle dan lege kerken ziet, en zijn bewondering voor kardinaal Danneels steekt hij niet onder stoelen of banken. Dus was hij ook opvallend aanwezig toen de kardinaal onlangs vierde dat hij vijfentwintig jaar aartsbisschop van Mechelen-Brussel was. En toen de kardinaal tijdens zijn homilie de christenen opriep hun bescheidenheid te laten varen en hun christenzijn volop te manifesteren, trad hij hem volmondig bij. ‘Ik vind dat de kardinaal heel verstandige praat verkoopt’, zei hij, ‘ik heb aandachtig naar zijn preek geluisterd en hij heeft gelijk.’ Nochtans is die voorzitter van de Vlaamse socialisten lid van de loge van vrijmetselaars, en het minste dat men van die mensen kan zeggen, is dat ze niet echt kerk- en geloofgezind zijn - en dat is nog heel vriendelijk uitgedrukt. De vraag rijst dus, waarom hij dan wél zo positief is over kerk en geloof.
Het antwoord op die vraag is nog boeiender dan de vraag zelf. ‘Ik ben en blijf een overtuigde vrijzinnige’, zegt hij, ‘maar ik deel een aantal waarden met oprechte gelovigen. Solidariteit, verdraagzaamheid bijvoorbeeld. Als christenen zich meer als christenen willen profileren, waarom zouden we daar tegen zijn? Het geloof moet niet teruggedrongen worden in de privé-sfeer, de geloofsovertuiging mag gerust zichtbaar zijn in de samenleving.’ En hij beklemtoont nog eens dat hij liever volle dan lege kerken ziet, want ‘een volle kerk betekent dat het normen- en waardebesef in de samenleving groot is.’ Het geloof bestempelt hij dan ook zonder omwegen ‘een positieve kracht in de samenleving, en de samenleving kan zo’n kracht best gebruiken.'
Zusters en broeders, ik zou het zelf niet beter kunnen zeggen. Wat die uitgesproken atheïst, dat lid van de kerk- en geloofonvriendelijke loge hier zegt, sluit volledig aan bij de Zaligsprekingen uit het evangelie van vandaag. We kennen ze, want we horen ze elk jaar ook op Allerheiligen. Maar we kunnen ze niet genoeg horen en ook niet goed genoeg kennen, want ze zijn de grondwet van ons geloof, de kern zelf van ons christenzijn. Arm naar geest, zachtmoedig, strevend naar gerechtigheid, barmhartig en zuiver van hart, vredebrengend, en bereid iets op te brengen voor ons geloof. Onze grondwet, zusters en broeders, de kern van ons geloof.
De kern van ons geloof, en tegelijk een schijnbaar onmogelijke en utopische boodschap in de wereld waarin we leven, de wereld waarin christenen altijd al geleefd hebben. Een wereld waarin je niet zachtmoedig en vredelievend en rechtvaardig en barmhartig mag zijn, maar waar je hard en egoïstisch en onrechtvaardig moet zijn, want anders kom je er niet. De vraag is maar, of dié boodschap niet onmogelijk en utopisch is, en vooral: of dié boodschap de wereld niet onleefbaar maakt voor iedereen. Want als iedereen alleen maar voor zichzelf leeft, krijg je alleen maar algemene onvrede.
Er was de voorbije weken nog een merkwaardig iets, namelijk de ongewoon grote solidariteit met Zuidoost-Azië. Wereldwijd schoten miljoenen mensen in actie en maakten ze een van de Zaligsprekingen, namelijk barmhartigheid, tot leidraad van hun doen en denken. Nu is precies barmhartigheid, mededogen met wie in nood is, door de eeuwen heen misschien wel deugd geweest die door de christenen het meest is beoefend. En dat blijft zo, tot op vandaag. Met dat verschil dat de christenen in onze streken ondertussen een kleine minderheid zijn geworden. Maar blijkbaar zijn miljoenen andere mensen een soort ongelovige christenen, blijkbaar zijn ze, zonder het zelf te beseffen, doordrongen van de zaligsprekingen.
Zusters en broeders, die oproep van die atheïstische partijvoorzitter tot de christenen om hun christendom echt te beleven en te manifesteren, die wereldwijde solidariteit voor Zuidoost-Azië tonen één ding aan: de Zaligsprekingen zijn geen onmogelijke en nog minder een utopische boodschap. Ze zijn integendeel een solide bodem voor een wereld waarin plaats is voor iedereen; Een wereld waarin gerechtigheid en vrede de speerpunten vormen. Aan ons dus om onze Zaligsprekingen te beleven en ze uit te dragen. Hoe meer wij dat doen, hoe meer ook onze wereld leefbaar zal worden.
Zusters en broeders, als wij en alle andere christenen waar ook ter wereld de Zaligsprekingen echt tot de onze maken, dan maken wij meteen ook het verschil in deze wereld. Het positieve verschil tussen een leefbare en een onleefbare wereld. Amen.