33e zondag door het jaar A - gemeenschappelijke zalving ter bemoediging van zieken en ouderen (2005)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 33e zondag · groen

Een parabel,
Een waterdrager die in dienst was van iemand die zelf geen bron of put had, had twee grote kruiken.

Ze hingen aan het uiteinde van een grote stok die hij over zijn schouders droeg.
Het ware mooie grote kruiken, de ene had, zo ongeveer op halve hoogte een barst.
De andere was ongeschonden en gaaf. Deze leverde na elke tocht naar de bron een volle maat water af bij de heer van de waterdrager.
De gebarsten kruik verloor de helft van het water onderweg. Zo ging de waterdrager iedere dag zijn weg van de bron naar het huis van zijn meester, dag in dag uit. De gave kruik was er trots op dat hij iedere dag opnieuw een volle maat afleverde, de kruik met de barst schaamde zich voor zijn halve prestatie.
Na een jaar lang zijn onvolmaakt bestaan te hebben geduld, sprak de gebarsten kruik de waterdrager aan en zei:
Ik bied je mijn verontschuldigingen aan. Waarom vroeg de waterdrager? Door mijn onvolkomenheid is de helft van het water verloren gegaan, zo zei de kruik. Door mijn barst moet jij harder werken en krijg je minder betaald.
De waterdrager had medelijden met de gebarsten kruik en vroeg hem goed te letten op de bloemen aan de kant van de weg en op de zonnestralen die er op schenen.

Dat deed de kruik maar zijn akelige gevoel bleef. Na enkele dagen verontschuldigde hij zich opnieuw bij de waterdrager want nog steeds verloor hij de helft van het water onderweg. Maar de waterdrager zei: Heb je de bloemen dan niet gezien aan de kant van de weg? Heb je niet gezien dat die alleen aan jouw kant van de weg groeien, want alleen aan jouw kant van de weg krijgen de bloemen voldoende water om in leven te blijven. Elke dag geef jij door jouw barst water aan die prachtige bloemen.

Sommigen van u vertelden me dat ze toch even getroffen waren toen ze brief openden met de uitnodiging om deel te nemen aan deze zalving ter bemoediging. Ben ik al zo oud dat ik daarvoor in aanmerking kom? En natuurlijk ging men zich de vraag stellen ben ik toe aan dit sacrament dat de mens in deze fase van zijn leven tekent en bemoedigt?
Zoals ik schreef in de Zandloper, onze parochiekrant, bij een sacrament ontmoeten hemel en aarde elkaar. Bij een sacrament spreekt en handelt God in tekenen en gebaren die wij verstaan. Tekenen en gebaren die spreken van een diepe werkelijkheid.

Als je gaat horen tot de oudste groep van onze bevolking, of als je gaat voelen dat het minder wordt met je gezondheid ben je nog meer dan anders aangewezen op zorg en nabijheid van mensen. De arm die steun biedt als je niet meer zo zeker kunt gaan, de hand die je zacht en met liefde wast, het zijn misschien nog de laatste lichamelijke contacten die je ervaart. Hun betekenis gaat veel verder dan die noodzakelijke dagelijkse zorg.
Al die gebaren van menselijke nabijheid en van goede zorg, ze worden als wij het sacrament bedienen betekend in de handoplegging en in de zalving. De diepere werkelijkheid licht op in de woorden die ik zeggen zal: over de barmhartigheid van de Heer, een barmhartigheid die zondenvergevend is, die verlichting brengt en kracht geeft van Godswege.
In dit sacrament zegt God dat hij in alle menselijke zorg en nabijheid zelf nabij wil zijn, zelfs in die momenten waarop u zich alleen gelaten zou voelen of niet meer van betekenis.
Dat wij vandaag dit sacrament mogen beleven hier in het midden van onze gelovige gemeenschap is niet omdat het voor mij gemakkelijker zou zijn de zalving hier gezamenlijk te doen dan bij ieder van u apart langs te gaan.

U bent hier in ons midden omdat wij blijk willen geven van onze betrokkenheid op elkaar, ook op u. Ook nu u niet meer kunt werken en doen vanuit de kracht die u vroeger had, toch hoort u bij onze gelovige gemeenschap. U moet weten dat u er welkom, we kunnen en willen u niet missen.
Wij als gelovige gemeenschap zijn letterlijk rondom u als u het sacrament van bemoediging van ouderen en zieken ontvangt. Terwijl u het ontvangt bidden wij voor u.
Misschien zijn wij wel de bloemen langs de weg die alleen maar kunnen groeien dank zij de inspiratie, dank zij de spirituele kracht, dank zij de geloofsuitstraling die van u uitgaat.
Vieren we vandaag dat we elkaar nodig hebben in alle fasen van ons leven en dat we op elkaar zijn aangewezen. Vieren mogen we dat zo God zich onze God en onze kracht zal betonen, juist op die levensmomenten dat we kracht en steun zo nodig hebben.

Zoeken in Preken Online