Enkele jaren geleden, het was toen nog het begin van mijn “carrière” als godsdienstleerkracht, gebruikten we in de startviering de parabel van de talenten. Niks bijzonder, zul je denken, en dat is ook zo want deze parabel is zowat een klassieker voor het begin van het schooljaar. God, wordt hier, als ik het nu eens heel antipathiek wil voorstellen, voor de kar van de ouders, directie en leerkrachten gespannen om jongeren aan te porren zich in te zetten. Dat de parabel ook gelezen zou kunnen worden als een parabel die oproept om eens risico’s te durven nemen in het leven, wordt in alle talen verzwegen. Dit terzijde, ik was aan het vertellen over een startviering, ergens midden jaren negentig. Na de viering kwam er een collega bij me. Hij vertelde me hoe hij al jaren bevriend was met iemand. De man zag, volgens mij terecht, die vriendschap als een talent dat hem was toevertrouwd. Nu had die vriend iemand leren kennen die volgens mijn collega hem geen goed deed: ze was er enkel op uit hem zijn geld af te doen. Verschillende mensen hadden hem al gewaarschuwd en uiteindelijk had ook mijn collega als vriend hem gewaarschuwd. “Ik vond dat ik dat moest doen als vriend”. “Ik heb onze vriendschap gezien als iets waar we beiden beter van werden en niet enkel ik. Vanuit die vriendschap ben ik met hem gaan praten. Nu praat hij niet meer tegen me. Ik had beter mijn vriendschap voor mezelf gehouden, had de man bitsig geantwoord”.
Ik weet, de vergelijking loopt wat mank, maar sedertdien ben ik de parabel met andere ogen gaan lezen.
God heeft ons in Zijn liefde heel wat toevertrouwd. We hebben ogen gekregen om te zien, maar soms durven we ze niet gebruiken omdat hetgeen we zien ons oproept tot liefde, naastenliefde, tot zich kwetsbaar opstellen om met andere mensen een stuk weg af te leggen. We hebben het vermogen gekregen om lief te hebben, maar ieder van ons zal wel een voorbeeld hebben uit eigen leven waar we dat talent ingezet hebben en dat uiteindelijk niet in dank werd aangenomen. Sommigen van ons hebben het talent van het spreken, maar soms durven ze niet spreken omdat woorden soms kwetsuren maken tussen mensen en wat heb je er dan aan dat je gelijk hebt? Ik kan nog een tijdje doorgaan met voorbeelden die ons doen inzien dat we op bepaalde momenten in ons leven zijn als die bange dienaar. Het leven kan van ons bange dienaren maken. Dat Belgen bange dienaars zijn, merk je trouwens aan de overvloed van verzekeringen.
Deze parabel nodigt ons uit af en toe een risico te durven nemen met hetgeen ons toevertrouwd is. Als wij dat doen, zal onze inspanning af en toe rijkelijk beloond worden, een andere keer zal het tegenslaan. In deze parabel zegt Jezus ons dat het niet erg is als we eens falen, als we het maar proberen. God heeft ons heel wat toevertrouwd, maar Hij wil niet dat wij Hem zien als iemand waar we bang moeten voor zijn. Integendeel, dat Hij ons zoveel toevertrouwt, is juist een teken van Zijn vertrouwen in ons en in een vertrouwensrelatie mag je al eens een fout maken, daardoor is het vertrouwen niet geschonden. En akkoord, de een krijgt al wat meer dan een ander, God wil dat ieder menselijk wezen beseft dat Hij hem of haar graag ziet en bij de een is daar al wat meer liefde voor nodig dan bij een ander.
Deze parabel nodigt mij en ik hoop ook u uit om eens na te gaan in ons eigen leven welke kostbare talenten God ons heeft toevertrouwd en te kijken hoe we die in menselijkheid investeren. Durven wij risico’s nemen: een stukje van onze vrije tijd verliezen, onszelf bloot geven, …? Ik moet toegeven, het zou nog beter kunnen bij mij. Waarom doe ik het niet? Waarschijnlijk omdat ik op bepaalde momenten van twijfel nog onvoldoende leef vanuit het vertrouwen dat God mij schenkt, vanuit Zijn oproep om het toch maar te wagen met de mensen … Ok, God vraagt risico’s te nemen, maar we mogen leven vanuit de gedachte dat Hij steeds voor dekking zorgt. Zelfs de regering Verhofstadt wil ons aanmoedigen om risicobeleggingen aan te gaan. Blijkbaar is men er van overtuigd dat dit nodig is om de economie te laten draaien. Het is ook zo in de “economie” van de talenten: ze renderen maar als ze ingezet worden. En de samen-leving wordt er enkel beter van.
God heeft ons heel wat toevertrouwd: Hij vraagt er zorg voor te dragen. Er zorg voor dragen betekent voor Hem dat we na enig wikken en wegen onze talenten inzetten opdat ze renderen. Het is dus af en toe een risico durven nemen en soms valt dat eens tegen … alhoewel, tegen het einde van het schooljaar was mijn collega terug beste vrienden met zijn vriend. De vriend had ingezien wie zijn echte vrienden waren.
Het is dus de moeite waard om het te proberen, vandaar dat Jezus als een echte pedagoog Zijn uitnodiging beëindigt met een dreiging. Misschien moeten we die gewoon lezen als een extra motivatie … voor als we het godsvertrouwen even kwijt raken in ons leven.