De vijf wijze en de vijf domme meisjes

A-cyclus · Tijd door het jaar · 32e zondag · groen

Laten we duidelijk voorop stellen dat Jezus met de woorden ‘domme en verstandige’ meisjes niet bedoelt: mensen die al of niet Hoger Secundair Onderwijs hebben gevolgd. Misschien kunnen we de woorden verstandig en dom het beste weergeven met: toegewijd en niet toegewijd. En zulke mensen vind je evenzeer bij gestudeerde als bij niet-gestudeerde mensen.

De gelijkenis heeft het over meisjes, die met hun lampen staan te wachten op de komst van de bruidegom. Het was namelijk de gewoonte dat bij een bruiloft een soort balletgroep met lampen of fakkels een dans uitvoerde. De echt toegewijde danseresjes hadden voor alle zekerheid wat extra olie meegenomen; de anderen, die het wel geloofden, niet.
Welnu, de bruidegom komt later dan verwacht was, en de meisjes die het wel geloofd hadden, raken in moeilijkheden, want ze hebben geen olie om hun fakkels opnieuw in te dopen. Als ze op het laatste nippertje wat willen gaan kopen, zijn ze te laat. Want als ze terugkomen is de deur op slot en krijgen ze van de bruidegom te horen: ‘Het spijt me, ik ken jullie niet.’

In die laatste zin: ‘ik ken jullie niet’, zit de sleutel om deze gelijkenis te verstaan. Want daar blijkt het ineens over een relatie te gaan. Hij kent ze niet. Er is dus geen relatie tussen die vijf en de bruidegom.
Om die relatie gaat het dus. Om de relatie tussen Jezus en ons. Heb je iets van die relatie gemaakt, of heb je die relatie laten versloffen?

Mensen die toegewijd zijn, zijn mensen die zuinig zijn op een vriendschap. Het is fijn als je een toegewijd iemand tot vriend hebt. Van zo iemand kun je op aan. Zo iemand is je trouw. Zo iemand zal je altijd de hand boven het hoofd houden. Bij zo iemand mag je ook best een vergissing maken. Hij neemt je dat niet kwalijk. Hij zal het weten te vergeven. Toegewijde mensen zijn trouwe mensen. Nogmaals: dat heeft niets te maken met ontwikkeling, dat heeft te maken met echt mens zijn.

Mensen die niet toegewijd zijn, zijn mensen waar je niet van op aan kunt. e beloven je koeien met gouden horens, maar als puntje bij paaltje komt laten ze je in de kou staan. Als een ander over je roddelt, zullen ze je niet verdedigen, maar dapper meeroddelen. Deze mensen hebben niet in de gaten dat vriendschap altijd van twee kanten moet komen. Als vriendschap steeds van een kant kom, staat die andere kant ook binnen de kortste keren droog. Dan verslapt de band, zelfs zo erg, dat je elkaar tenslotte niet meer kent, en zelfs niets meer met elkaar te maken wilt hebben. Dat is de betekenis van de zin: ‘Ik ken u niet’.

En nu de conclusie van dit evangelie: och, die is eenvoudig. Jezus heeft vriendschap met ons gesloten. Hij vraagt van ons toewijding en trouw. Hij vraagt van die kleine attenties, die de vriendschap onderhouden. En om ons een beetje op weg te helpen, heeft Hij gezegd: ‘Wat je de minste der Mijnen doet, doe je aan Mij’. Vriendschap met Hem vraagt dus een beetje toewijding en trouw aan elkaar. Laat je dat versloffen, dan blijft er op den duur van die vriendschap niet veel over. En dat is dom. Maar als je die vriendschap onderhoudt met die kleine attenties, dan groeit die vriendschap uit tot een samenzijn met Hem. En dat is verstandig.

Zoeken in Preken Online