26e zondag door het jaar A

A-cyclus · Tijd door het jaar · 26e zondag · groen

Met deze parabel kun je wel niet naar de onderhandelingstafel over een nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst gaan. Totaal onbruikbaar zal zowel de ondernemer als de vakbondsmilitant zeggen.

En toch zit in deze parabel de kern van heel de evangelische boodschap.

In de persoon van Christus is ons duidelijk geworden dat de heer van de wijngaard, de God van heel en aarde, zichzelf wegschenkt aan elke mens. God geeft zich aan elke mens niet procentsgewijze, niet berekenend, maar helemaal.

Het dramatische van die gave is niet dat wij zondaars zijn, en ons werk in de wijngaard zouden verwaarlozen. Het drama is dat we die liefde niet verstaan.

Dat God op een andere manier bemint dan wij, die altijd afwegen en berekenen in onze liefde. Zo gaan we denken dat brave mensen geen tegenslag mogen hebben alsof God die brave mensen liever zou zien dan de slechteriken.

Gods liefde gaat uit naar iedere mens zonder onderscheid, zegt deze parabel.

Het wordt nog dramatischer als wij dat onderscheid zouden doortrekken tot in onze gemeenschap alsof de enen niet te communie mogen gaan en de anderen wel.

God bemint elke mens en wij moeten die liefde niet verdienen, wij moeten die liefde niet waardig worden. Wij moeten ze alleen durven ontvangen in het besef dat God met dezelfde liefde elk ander mens bemint, wat die ook is of doet.

In die zin is de parabel misschien toch bruikbaar voor de vormgeving van de samenleving. Want als we daar van uitgaan, is elke mens van oneindige waarde en speelt de graad van verdienste geen enkele rol.

Hier ligt de aanzet van een ideale wereld die maar mogelijk is als menen elkaar beminnen zoals God ons bemint.

Zoeken in Preken Online