25e zondag door het jaar A (2008)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 25e zondag · groen

Zo goed als God

Als wij mensen aanwerven om bijvoorbeeld in onze tuin te komen werken, dan betalen we voor het aantal uren dat ze werken. We zouden er niet aan denken iemand die maar één uurtje heeft gewerkt hetzelfde loon te geven als de mensen die een hele dag present waren. Er is immers een spreekwoord dat zegt: ‘veel te goed is half te zot!’ Of nog: ‘ieder arbeider is zijn loon waard’. ‘We moeten rechtvaardig zijn, of niet?'

En toch doet het evangelie van vandaag ons weer eens nadenken over onze manier van anders omgaan met mensen.

Om goed te begrijpen waarover het gaat wil ik eerst dit vertellen. In de parabel is er sprake van één denarie loon per dag. Men zou dat kunnen vergelijken met ons huidig wettelijk minimum loon. Eén denarie per dag was toen het noodzakelijk minimale loon voor een gezin om te kunnen overleven. Vandaar dat de mensen die slechts één uur gewerkt hebben ook dat minimale dagloon krijgen.

Dit is de financiële kant van het verhaal. Maar het evangelieverhaal van vandaag gaat niet alleen over een al dan niet noodzakelijk leefloon. Het gaat over meer dan over centen. Achter elke parabel - ook deze - steekt er een fundamentele vraag: hoe gaan wij om met sommige mensen?

Het gaat hier over mensen van geen tel. Als de landeigenaar vraagt waarom ze daar zo maar staan te staan, antwoordden ze: niemand heeft ons gevraagd.

Nog onlangs hoorde ik een discussie over mensen die om een of andere reden in ons land zijn terechtgekomen en hier illegaal verblijven. Ik ken zo een gezin. Het zijn mensen die niet meetellen, mensen die nergens aan de bak kunnen. Administratief wordt hun situatie helemaal geregeld van op burelen. Zij zijn - letterlijk - afgeschreven. Één handtekening van één of ander ambtenaar is voldoende om een punt te zetten achter alle hoop die bij die mensen leeft. Het zijn werkers, harde werkers, maar natuurlijk in ‘t zwart omdat ze niet mogen werken. Als ze een vaste job zouden hebben dan zouden ze misschien in aanmerking komen. Maar nee. In de plaats daarvan is er veel verdriet en ellende. Er is voor hen hier niet, maar ook niet in hun land van herkomst toekomst. Zij zijn hier niet welkom en kunnen zelfs niet meer wachten op een één of ander teken van hoop. Onlangs nog kregen ze de mededeling dat ze hier niet gewenst zijn.

Het evangelie roept ons op daar iets aan te doen. Wij leven in een prestatie-wereld. Het moet opbrengen en daarvoor moeten we soms hard knokken. Het gevolg is dat wij heel veel met onszelf bezig zijn en dat de problemen van de mensen die uit de boot vallen ons eigenlijk niet zo heel erg bezig houden. Mensen kunnen soms zo harteloos zijn.

Wij zouden kost wat kost meer aandacht moeten hebben voor medemensen die het gevoel hebben dat zij niet meetellen, voor mensen die weinig of nooit gevraagd worden. Gevraagd worden betekent gewaardeerd worden, iets betekenen voor anderen. En daaraan hebben mensen enorm veel nood.

Ik gelood dat ik ooit eens het verhaal verteld heb van een familie waar het tussen de broers en zussen niet zo goed boterde. Een van de zussen was ‘mislopen’, zoals de mensen zeggen en ze werd feitelijk uit de familiekring gesloten. Zij was echt het zwart schaap van de familie. De jongste broer, waarvan de anderen zegden dat hij een beetje naïef was, voelde zich daarbij helemaal niet goed. Toen zijn vrouw een kindje op de wereld bracht besloten hij en zijn vrouw die zus te vragen of zij meter wou worden. Dat was een geniaal idee. Die zus kon haar ogen niet geloven toen ze het briefje van haar broer las. Zij werd gevraagd! Zij telde weer mee.

En geloof me: de hele familie-situatie veranderde totaal. Het was eerst wat onwennig reageren op dat doopfeest. Voor haar én voor haar broers en zussen was dat een geweldige ervaring. Toen de meter dat nichtje in haar armen droeg werden er veel vreugdetraantjes weggepinkt.

En dit is dan ook de boodschap van het evangelie van vandaag: help mensen, die niet aan de bak komen, rechtop te leven. Dat is één van die spreuken die wij tijdens het pastoraal plan van ons vicariaat hebben uitgesproken. Mensen rechtop helpen, zodat ze overvloed van leven kunnen ontvangen. Wij moeten mensen die in de put zitten rechtop helpen leven.

Bij het begin van deze homilie haalde ik de spreuk aan: veel te goed is half te zot. Wij zingen echter vaak: mens voor de mensen zijn, herders als God, trooster voor groot en klein, zo lief als God. We moeten het proberen zo goed te zijn als God. En dat is nogal wat!

Er wordt vandaag overal voor de vrede in de wereld gebeden. Wij doen dat in haast elke viering. Wij moeten er ook werk maken en vrede scheppen rondom ons door mensen rechtop te helpen leven.

met inspiratie gevonden bij André Polspoel.

Zoeken in Preken Online