Dit jaar gedenken wij het eeuwfeest van de geboorte van Blaise Pascal (1623-1662). Paus Franciscus heeft een brief geschreven over deze geleerde en christelijke man uit Franrijk. Regelmatig worden nog enkele van zijn uitspraken uit zijn Pensées aangehaald, zoals: « Le coeur a ses raisons que la raison ne comprend pas. ». De logica van het hart verschilt van deze van het verstand.
Zo de neus van Cleopatra een tikje korter was geweest, zou de aarde een heel ander aanzien gekregen hebben: « Le nez de Cléopâtre: s’il eût été plus court, toute la face de la terre aurait changé. »
In deze vakantiemaanden met het drukke en jachtige toerisme denken we even aan zijn bewering dat veel van onze problemen voortkomen uit het feit dat wij niet in staat zijn rustig in een kamer te kunnen blijven. Wij kunnen heel onrustig zijn door alles te willen zien en mee te maken. « Tout le malheur des hommes vient d’une seule chose, qui est de ne savoir pas demeurer en repos, dans une chambre »
Bidden in de stilte
Zo komen we bij de aanvang van het evangelie van vandaag. Jezus zoekt de stilte op en gaat naar het gebergte om er te bidden (Mt 14,23). Hij volgt daarmee het voorbeeld van Mozes en van Elia, de profeet die een lange weg aflegde door de woestijn om bij de Horeb God te ontmoeten. Hij hoort daar de stem van God bij het suizen van een stille wind (1 Kon. 19, 12-13).
In de Bergrede had Jezus al aangegeven hoe we moeten bidden: “Als gij bidt, ga dan in uw binnenkamer, sluit de deur achter u en bidt tot uw Vader die in het verborgene is en uw Vader die in het verborgene ziet, zal het u vergelden” (Matt. 6:6).
Tijdens een verlofperiode kannen we tijd maken voor wat stilte, een gebed bij een kerkbezoek, tijd voor een dankgebed om het schone in de natuur en voor de inzet van medemensen.
Min de stilte in uw wezen
Zoek de stilte die bezielt
Zij die alle stilte vrezen
hebben nooit hun hart gelezen,
hebben nooit geknield.
C.S. Adama van Scheltema, Uit stilte en strijd (1928)
Wandelen op het water?
Na zijn gebed in het gebergte is Jezus naar zijn leerlingen toegegaan, die de overtocht maakten over het meer. Zij hadden het moeilijk, want zij hadden tegenwind. Een gekend verhaal, ook wel de aanzet tot enkele moppen om het falen van Petrus te verklaren en het wandelen over het meer. Hier eentje, geplukt op Beam EO over een duur boottripje:
“Tijdens zijn vakantiereis komt Jan met zijn gids aan de oever van het Meer van Galilea. “Hoeveel kost het mij als ik met de boot het meer over vaar?” vraagt Jan. “Dertig dollar, meneer.” Jan: “Dat is erg duur!” “U moet niet vergeten dat dit een heel beroemd meer is, Jezus heeft over dit water gelopen!” Jan: “Ja, geen wonder met zulke prijzen!"
Jezus ging over het water. Dit is een goddelijke vaardigheid. Er zijn maar weinigen die dit hebben gedaan. Toch zijn er enkele paralelteksten in de hellenistische wereld en ook in de Indische literatuur. Het is al het beeld van de verrezen Heer. Petrus spreekt hem aan met ‘Heer’ en gaat naar hem toe, zoals Johannes het schetst in het verrijzenis verhaal aan het meer van Tiberias (Joh. 21,1-7).
Petrus en de leerlingen geloven in de Heer die hen roept, die naar hen toekomst en met hen veder vaart.
En Jezus was een visser
Die het water zo vertrouwde
Dat hij zomaar over zee liep
Omdat hij had leren houden
Van de golven en de branding
Waarin niemand kan verdrinken
Hij zei “als men blijft geloven
Kan de zwaarste steen niet zinken”
Maar de hemel ging pas open
Toen zijn lichaam
was gebroken
En hoe hij heeft geleden
Dat weet alleen die visser aan het kruis
En je wilt wel met hem meegaan
Samen naar de overkant
En je moet hem wel vertrouwen
Want hij houdt al jouw gedachten in zijn hand.
(Leonard Cohen in de versie van Herman van Veen).
Jezus in de boot met de twaalf, het is een beeld geworden van de kerk onderweg, die al vaak geteisterd is geweest door golven en die moet varen met tegenwind. Soms lijkt het erop dat bepaalde groepen niet meer in hetzelfde bootje willen zitten. Een verschil in mening mag niet leiden tot haat en het verketteren van de tegenpartij.
Paus Franciscus geeft aan het varend schip een synodaal kompas mee, waarmee we luisteren naar elkaar, de noden horen van de wereld, maar vooral oor hebben naar wat Jezus en de Geest aan de kerk wil zeggen.
De hand van Jezus
Tijdens de coronatijd stuurden vrienden uit het Antwerpse een bezinningstekst van de pastorale dienst van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen UZA deze bezinningstekst:
God, de ene golf komt,
De andere ook, en het stormt
Ik doe m’n best om recht te blijven
Het lukt, maar het is moeilijk
De golven slaan . Het water is nat en koud
Het dondert. Het regent dat het giet
En ik ben moe, zo moe
Hoelang hou ik dit nog vol?
Maar ik dobber niet alleen, wat op die eindeloze zee
Aan m’n lot overgelaten
Nee ik zit, ik dobber, ik wankel, ik sta op Uw boot
En Gij, Gij zijt de kapitein
En soms, dan trek ik aan Uw mouw, zoals de leerlingen
En zeg “Wat slaapt Ge in de storm?”
Maar vaker nog, dan weet ik
Zelfs al slaapt Ge (of doet Ge alsof)
Ik hoef niet bang te zijn, want in wezen is het Uw boot
En zijt Gij de stuurman. Ik mag op U vertrouwen
Gij brengt me waar ik zijn moet
En ook deze storm zal stillen
En ik sta stil bij U,
Gij, die mij leidt naar rustige wateren
Ik weet dat de boot erg beweegt op het water
Dat stormachtig is,
Woelig, met golven die slaan
Dat je je staande houdt, zie Ik,
Dat het moeilijk is, ook
Maar Ik ben bij je
Hou je recht
Geef het roer aan Mij
En wees niet bang
De golven zijn er
Maar Ik bedwing ze
Kom, ga met Mij
In zee
Het water draagt
Wij horen graag dat er een uitkomst is, dat alles ten goede komt. Is dit wel zo, vraagt Joop Smit zich af in zijn artikel Vaste grond over dit verhaal van de tocht op het meer. Hij geeft toe dat de twijfel blijft knagen. “Kan dat wel: overeind blijven in de chaos van het leven, lopen over water? Is het niet goedkoop om mensen met sussende woorden te kalmeren: het loopt allemaal niet zo’n vaart, je moet er niet zo zwaar aan tillen, je komt er best weer bovenop? Veel van deze bezwaren valt weg, als wij ons realiseren, dat Jezus de woorden ‘Wees gerust’ eerst zelf heeft moeten veroveren voor hij ze spreekt. Hij is zelf door de afgrond heengegaan, tot stervens toe bedroefde in Getsemane, alleen in het donker op het kruis. Als Jona werd hij in zee geworpen en kwam hij na drie dagen in de buik van het monster behouden aan wal. Jezus sust onze angst niet met gemakkelijke woorden. Als er iemand recht van spreken heeft, is hij het wel. Geloven dat het water draagt… wij zullen dat nooit helemaal leren. Maar als de nachtmerrie ons overvalt en de angst ons aanvliegt, dan is er zijn Stem en zijn Hand. Lopen over het water is een wonderlijk beeld voor het leven dat mogelijk wordt als zijn geest je draagt” (J. Smit, Jezus, Hoeksteen of Struikelblok, 1978, p.144).