De Zaaier (2005)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 15e zondag · groen

Na de Bergrede en de zendingsrede hoorden we vandaag het begin van Jezus’ derde rede. Daarin heeft Matteus diverse symbolische verhalen, parabelen, van Hem samen gebracht.

    • Deze parabelenpreek komt na een eerste groot crisismoment in Jezus’ openbaar leven. Het
      eerste enthousiasme is verdwenen. Er is ontgoocheling: Jezus treedt niet op met het verwachte Messiaans leger om de Romeinse bezetter uit te drijven. Hij steekt zelfs geen vinger uit om Johannes de Doper te bevrijden uit zijn kerker in de verlaten burcht van Macheronte. En ook de volksleiders, de Farizeeën keren zich steeds meer tegen Hem. Wat is dan wel het Rijk Gods dat Jezus met zoveel brio verkondigt en doet verkondigen ? Welke inhoud heeft die boodschap over het Rijk Gods ? We staan duidelijk voor een keerpunt in Jezus’ optreden. Het is voor Jezus het moment om te laten blijken waar het feitelijk om gaat. Met de parabelenpreek wil Jezus zuiver en in de diepte laten verstaan van wat Hij met het Rijk Gods bedoelt.

      Welnu, die eerste parabel gaat juist over de crisis, die zich afspeelt. De hoofdfiguur, de zaaier, is Christus zelf. Hij is dat in alle parabels: de gastheer die uitnodigt; de goede Herder; de barmhartige Vader… Tevens is de zaaier het beeld van God, die met zijn woord geschapen heeft, die ons het Woord in Jezus, zijn Zoon, geschonken heeft, en die altijd maar verder zaait. Het zaad is het woord dat ook nu uitgedragen wordt. God is pure zelfmededeling. Hij schenkt zonder ophouden. Kwistig en mateloos. Hij ergert wellicht. Hij verwekt een gevoel van verspilling en frustratie. Zoveel zaad gaat verloren. Waartoe? Onverantwoord ? Zonder zin ?
      \
  • Een deel valt op de weg en vogels pikken het op. Het zaad kreeg geen kans om te ontkiemen.\
  • Een deel valt op harde rotsgrond, waar het van meet af geen kans kreeg om wortel te maken\
  • Een deel valt tussen distels en doornen. Het wordt in zijn eerste ontwikkeling al verstikt..\
  • Slechts een klein deel valt op goede, ontvankelijke, open geharkte aarde, waar het kan opschieten.
    \
    • Opvallend is nu dat de toehoorders de parabel niet begrepen. Men zegt dikwijls dat Jezus voor de gewone toehoorder op zeer bevattelijke wijze in parabelen sprak. Ze waren kleurrijk, klonken zoet in de oren en waren aangenaam om te beluisteren. Maar nu komen de leerlingen namens de massa het omgekeerde zeggen: “Waarom spreekt Gij in parabels ?” - Waarom maakt Gij het zo moeilijk ? Men verstaat U niet.
      \
  • Jezus kon niet anders. Het Rijk Gods is veel meer dan wat onder woorden valt. Het is anders en overstijgt elke verwachting. - Parabels suggereren veel. Ze laten verstaan wat niet in formules kan worden gegoten. Jezus kan zijn leer niet betonneren in strakke definities en theologische stellingen. In een parabel ligt een diepe, rijke en veelzijdige inhoud versluierd, die alleen kan worden gevat in het ontvankelijke hart van de mens. Het geloof wordt niet als verstandelijke vanzelfsprekendheid opgedrongen. Het wordt alleen aangeboden; men kan het verwerpen of aanvaarden. In Frankrijk spreekt men van: “proposer la foi”.
    \
  • In contrast daarmee verwijst Jezus naar de in zichzelf gesloten wereldwijzen. Hij citeert het woord van Jesaja: “ Verhard is het hart van dit volk. Hun oren stoppen ze op en hun ogen knijpen ze dicht, uit vrees zich te moeten bekeren.” (Jes 6, 9-10) . In hen en ook nog in ons leeft de verborgen mens, met wie zij en wij niet willen geconfronteerd worden, omdat hij zich niet wil bekeren. Daar zijn de pikkende roofvogels, de valse profeten, die graag in de media laten schrappen wat haaks staat op het geseculariseerde levensgevoel. Daar is de harde rotsgrond van onze zelfgenoegzaamheid, onze autonomie en ons individualisme. Daar is het overwoekerend struikgewas van onze prioriteiten, ons materialisme, onze consumptiegeest. Dit alles belet de aanvaarding, de kiemkracht, de inworteling en de groei van Gods Woord in ons. Dat thema is sterk aanwezig bij Johannes: “Het Licht scheen in de duisternis, maar de duisternis nam het niet aan.” (Joh 1,5) En ook Paulus: “ Wil uw hart niet verharden zoals de heidenen.” (Ef 4, 18) - Het drama van de mens ligt in het niet aanvaarden, in het horen en toch niet luisteren. De parabel gaat dus juist over het al dan niet lukken van de evangelisatie zelf. De ergernis over het niet verstaan wordt precies in de parabel uitgelegd.
    \
  • Alleen de bereidheid van het hart kan het woord ontvangen. Het water vangt men niet met een gesloten vuist, wel in het holte van de open hand. De kinderlijke ontvankelijkheid is grondregel. Ze is het charisma van de christen die leerling wil zijn. Vandaar de grote voorkeur in het evangelie voor de kleinen, de armen, zelfs de zondaars. Zij waren bewust van hun nood, hun dorst en hun honger. Zij stonden open. Hier begrijpen we de noodzaak van de Bergrede: “ Zalig de armen-naar-de-geest” en ook nog: “Als gij niet wordt als kleine kinderen, gaat gij het hemelrijk zeker niet binnen.”(Mt 18,3) - Het is een absolute conditie. Alleen een kind verstaat het. Vandaag zegt Jezus: “Aan u is het gegeven de geheimen van het Rijk der hemelen te kennen.” Denk aan het evangelie van vorige zondag: “Ik prijs U, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat Gij deze dingen verborgen hebt gehouden voor wijzen en verstandigen, maar ze hebt geopenbaard aan kinderen. Ja, Vader, zo heeft het U behaagd.“ (Mt 11, 25)

    * In deze pluralistische wereld moet de Kerk stervormig aanwezig zijn, en in liefdedialoog het woord Gods blijven verkondigen, in de overtuiging dat dit Woord het meest lichtgevende en het meest bevrijdende is voor de mens. Ondanks elke weerstand. Maar deze verkondiging moet worden gedragen door het geloof en het gebed van heel deze geloofsgemeenschap… tot de harde steen onder dit zachte geweld gaat barsten en gaat openvallen en verpulveren in vruchtbare aarde. “De natuur kreunt onder haar barensweeën.”(Rom. 8, 22 – tweede lezing) En dat kan nog een tijd duren. Maar “Het woord uit mijn mond keert niet vruchteloos naar Mij terug.” (Jes 55,11– eerste lezing). Eens wordt de opbrengst “dertig-, zestig- of zelfs honderdvoudig.”

Zoeken in Preken Online