13e zondag door het jaar (2005)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 13e zondag · groen

Afgelopen dinsdag was ik op bezoek bij mijn ouders. Tijdens het eten praatten we over van alles en nog wat, onder meer over het feit dat ze voor het eerst overgrootouders geworden waren. Op een gegeven moment vroeg mijn moeder: “Waar ben je op het ogenblik mee bezig?” Ik antwoordde: “Met de preek voor aanstaande zondag. Er staat voor die dag een tekst aangegeven, waar ik, eerlijk gezegd, nogal wat moeite mee heb.” “Waar gaat het dan over?”, vroeg ze belangstellend. “Wie vader of moeder bemint boven mij, is mij niet waard.” “Wie heeft dat nou gezegd”, reageerde ze enigszins geërgerd. “Jezus, in het evangelie”, zei ik. “Och ja, natuurlijk, dat is waar ook”, antwoordde zij weer.
Misschien dat u net zo reageerde op die eerste zin uit het evangelie van vandaag. Wat moet je daar nou mee? Het is een tekst die tot rare gevolgen heeft geleid. Zo herinner ik me verhalen van mannen en vrouwen die in het klooster waren, en die op basis van deze tekst geen toestemming kregen om naar de zilveren bruiloft van hun ouders te gaan, of naar het huwelijk van een broer of zus, of naar de begrafenis van een lid van het gezin. Zou dat nu echt de bedoeling zijn geweest van Jezus? Ik kan het me niet voorstellen.
Er zijn teksten in de bijbel die haaks staan op de manier van zeggen en doen van ons in deze tijd. Er staan in de bijbel uitspraken waar we het hartgrondig mee oneens zijn. De vraag is dan: wat moet ik ermee? Vaak is het zo, dat je met behulp van enige uitleg of na langdurig proeven toch de zin ervan ontdekt. Maar het kan ook zijn, dat je van bepaalde teksten moet zeggen: deze tekst is wrakhout, laat die maar voorbijdrijven, klamp je er maar niet aan vast. Zo leerde ik van mijn professor die les gaf over de bijbel. Het evangelie van vandaag is volgens mij geen wrakhout, maar een tekst waarop je net zolang moet zitten broeden, totdat er iets uit komt.
Deze tekst daagt ons uit om na te gaan waar het nu uiteindelijk om gaat in het leven. Of om het zakelijk te zeggen: wat zijn de prioriteiten in ons leven? Het zou dwaas zijn om te veronderstellen, dat Jezus ons oproept om vader of moeder niet te beminnen. Ik vermoed dat Jezus hier zijn volgelingen even de tien geboden in herinnering wil brengen. Daarvan gaan de eerste vier over onze relatie met God, en de laatste zes over onze relatie met onze medemens. “Gij zult geen andere goden naast mij hebben. Gij zult u geen godsbeeld maken. Gij zult de naam van uw God niet ijdel in de mond nemen. Gedenk de sabbatdag.” En dan komt, als een soort scharnier, het vijfde gebod: “Eer vader en moeder”.
Je zou kunnen zeggen dat Jezus ons uitnodigt om al onze liefdevolle en wezenlijke relaties een plaats te geven binnen de liefdevolle relaties met hem. “Bemin vader of moeder niet boven mij, bemin zoon of dochter niet boven mij”, vraagt hij. Je zou ook kunnen zeggen: “Bemin vader of moeder niet buiten mij, bemin zoon of dochter niet buiten mij.” Alleen zó ben je Jezus waard, of anders gezegd: alleen zó begrijp je waar het Jezus om te doen is.
Aan zijn woorden over onze relatie met ouders en kinderen knoopt Jezus nog een derde uitspraak vast: “En wie zijn kruis niet opneemt en mij achterna gaat, is mij niet waard.” Ondanks de levengevende relatie met ouders en kinderen krijgen we ook te maken met pijn en verdriet, met teleurstelling en afwijzing, met schaduwkanten en angsten in ons bestaan. Dat is onvermijdelijk, die horen bij ons leven. Het is een kruis dat wij te dragen hebben. Maar we kunnen van Jezus leren hoe we dat moeten doen. “Ga mij maar achterna, en kijk hoe ik het doe”, laat hij ons weten. Daarover kunnen we lezen in het evangelie, maar daarover kunnen we ons ook laten inlichten door het leven van inspirerende mensen, die geleefd hebben of die nog leven.
Ook het tweede deel van het evangelie van vandaag is weerbarstig: “Wie zijn leven vindt, zal het verliezen; en wie zijn leven verliest omwille van mij, zal het vinden.” Weer zo"n uitspraak die je pas kunt begrijpen als je hem diep bij je laat binnenkomen en je afvraagt: Wat zou dit voor mij kunnen betekenen? Ik vermoed dat Jezus ons het volgende wil zeggen. Wie zich vastklampt aan zijn leven zoals het is, zal uiteindelijk met lege handen zitten. Ons leven is méér dan wat je weet of ziet of in handen hebt. Ons leven kent een diepere dimensie. Als we willen kunnen we ook een relatie aangaan met Jezus, en pas daardoor zal ons leven verrijkt worden. Pas door te kiezen voor hem, zullen we het leven vinden zoals het bedoeld is. In het derde deel van het evangelie van vandaag spreekt Jezus over het belang van ontvangen. Het hoort bij het leven van een mens om anderen bij zich binnen te laten, letterlijk of figuurlijk. Gastvrijheid kan ons verrijken en verrassen. Zonder dat we het weten krijgen we op die manier een profeet, een rechtvaardige of een leerling van Jezus in ons huis, mensen die een belichaming zijn van God zelf. Door een mens te ontvangen, kun je Jezus ontvangen, en door Jezus te ontvangen, kun je God zelf ontvangen. Gastvrijheid kan zich uiten in hele kleine dingen, zoals één beker koud water. Dat lijkt niet veel, maar als het heet is, zoals in deze dagen, weet je uit ervaring hoe welkom zoiets is. Gastvrijheid heeft dus ook te maken met proberen aan te voelen wat een ander nodig heeft.
In het evangelie van vandaag leert Jezus hoe we kunnen beminnen, hoe we kunnen vinden en verliezen, en hoe we kunnen ontvangen. Het zijn lessen die een fundament vormen voor een gelukkig leven. Laten we dankbaar zijn voor die blijde boodschap.

Zoeken in Preken Online