Welkom
Een geruststellende boodschap om een viering mee te beginnen: ‘je moet niet bang zijn’. Tegen kinderen zeggen we het vaak, maar zeggen we dat genoeg tegen volwassenen? Stellen we onzekere en zoekende mensen genoeg op hun gemak? Misschien zijn we zelf nog zoekend en onzeker en hebben we nood aan Gods ontferming.
Inleiding op de lezingen
De profeet Jeremia is de wanhoop nabij. Het misnoegde volk wil Jeremia tot de dood brengen, maar Jeremia stelt zijn vertrouwen volledig op God. Ook in de tussenzang een gelijkaardige boodschap: weest niet bezorgd. In het evangelie horen we dan dat we veel meer waard zijn dan een zwerm mussen, nochtans een bedreigde diersoort.
Woordje uitleg
Broeders en zusters,
Het evangelie van vandaag is eigenlijk een beetje een “ver van ons bed show”. Het is namelijk geschreven om de vervolgde christenen een hart onder de riem te steken. Als we eerlijk zijn, dan denk ik niet dat we hier in dit belgenlandje van een kerkvervolging kunnen spreken. We moeten niet bang zijn dat we onderweg naar de viering onder vuur genomen worden door anders-gelovigen; we hebben niet te vrezen dat we ons werk zouden verliezen omdat we christen zijn of dat we uit onze kerken worden gezet. En het is nu toch al een tijdje geleden dat ik hoorde van christenen die moesten vluchten naar veiliger oorden. Het waren ooit andere tijden, voor Napoleon inzag dat de Kerk een waardevolle partner kon zijn, wilde de lekenstaat op brutale wijze alle vorm van religie uit het straatbeeld en zelfs uit het hart van de mensen bannen. Uit heel dit epos kwam de kerk versterkt, want gezuiverd, om de volgende 150 jaar ongehinderd te groeien en te bloeien. De schoolstrijd zegt u? Ja, dat ruikt misschien wel naar kerkvervolging, maar na twee jaar was die storm ook geluwd
Is er dan niets om ons ongerust over te maken? Toch wel en dit om twee redenen:
Het is niet omdat wij hier als christen vrijspel krijgen, dat het zo is met christenen in andere landen. Het evangelie van vandaag zal in vele landen, voor vele christenen, concrete herinneringen aan een christenvervolging oproepen. Ik vond op internet een ranglijst van 50 landen waar christenen vervolgd of gehinderd worden in hun activiteiten. Op nummer 1: Noord-Korea, waar volgens de staat “het christendom een bedreiging vormt voor de stabiliteit van het land. Om die reden doet de politie haar uiterste best om christenen op te pakken. Wie wordt gearresteerd, wordt vaak gemarteld, in een werkkamp gestopt of zelfs vermoord”. In Birma (of Myanmar) die op nummer 25 staat is het voor christenen iets beter, maar toch :De meeste christenen in Birma behoren tot de etnische minderheden van het land. Bij militaire acties tegen etnische minderheden, worden christenen veelal ook vervolgd. De situatie voor christenen in Rangoon lijkt stabiel, maar je kunt niet reizen doorheen het land, dus…
België staat niet op de ranglijst, maar toch denk ik niet dat christenen hier op hun lauweren mogen rusten. Ons bedreigt een veel grotere vijand: de onverschilligheid. Onverschilligheid van leerlingen en ouders leidt naar het steeds opnieuw in vraag stellen van het ‘nut’ van godsdienstlessen, onverschilligheid van jonge mensen leidt naar het in vraag stellen van instellingen als het huwelijk, van het ‘nut’ van een sacrament als het doopsel. Onverschilligheid van hele generaties leidt tot een leegloop van kerken. Deze onverschilligheid in combinatie met economische motieven leidt tot het ontbreken van de wil om de kleiner wordende vergrijzende groep van ‘gewijde bedienaren’ te ondersteunen in het dienstwerk door een jonge garde opgeleide leken. Waar de Franse Revolutie niet in slaagde, namelijk het verbannen van het religieuze, gebeurt nu misschien heel subtiel en geruisloos. Het is precies een neerwaartse spiraal. Vandaag moeten we niet op de bres staan om ons recht te verdedigen om eucharistie te vieren of onderwijs te organiseren; maar wel dat het ethische, religieuze, spirituele gewoon nog een stem krijgt in om het even welk debat: of het nu gaat om ontwikkelingssamenwerking, euthanasie, onderwijs of politiek.
Omdat we niet vervolgd worden kunnen we geen martelaren worden, ons wacht een veel moeilijker taak: toch nog nieuwe manieren vinden “om God kenbaar te maken bij de mensen”.
Amen.