Het mobieltje is niet meer weg te denken uit onze samenleving. Je bent
bereikbaar waar je ook bent. Je bent onmiddellijk op de hoogte van het
lief en leed van de ander. Uit mijn jeugd kan ik mij herinneren dat
alleen onze buurman telefoon had. De Krimoorlog - u weet wel met
Florence Nightingale als zuster -was allang afgelopen, toen wij hier
hoorden dat er oorlog was. De telefoon, alles op het gebied van
communicatie is een geweldige vooruitgang.
In de wereld waarin de bijbel is ontstaan, ging het er heel anders aan toe. Je had mensen, die Heer werden genoemd, de dominus, en je had mensen die dienaar werden genoemd, de servus. En om die dienaar gaat het vandaag.
Als
wij het woord dienaar horen, dan gaan bij velen de haren rechtop staan.
Maar in lang vervlogen tijden was dienaar een soort hardloper. Hij
bracht de boodschap van de ene heer naar de ander. Een belangrijke taak.
Hij verbindt twee mensen met elkaar. Hij helpt hen met elkaar te communiceren. Hij dient het gesprek, het contact.
Hij bevordert de gedachten wisseling tussen twee mensen. Hij zorgt ervoor dat het gesprek heen en weer golft.
In
nogal wat verhalen van Jezus komt het woord dienen voor. Hij noemt zijn
volgelingen vaak dienaars. Dat heeft dus niets te maken met slaafse
onderworpenheid. Het is een actieve bezigheid.
In de griekse
wereld wordt het woord dienen ’diakonie’ gebruikt voor aan tafel.
Diakonie betekent aan tafel bedienen, het eten klaar zetten voor de
ander. Diakonie heeft zodoende iets te maken met het leven, het voeden
van het leven.
De ander niet van de honger om laten komen. Dienen, diakonie is ook daar een belangrijke bezigheid.
En nu terug naar beide lezingen.
In
de eerste lezing staat het prachtige beeld dat God ons draagt op
adelaarsvleugels. God is de eerste die mij roept tot leven en mij met
zorg en liefde omringt. Hij roept ook ons en vraagt van ons dat wij
elkaar ook op adelaars vleugels dragen en elkaar met zorg en liefde
omringen.
In de tweede lezing uit het evangelie van Matheus is het Jezus die roept.Hij roept en zendt zijn leerlingen uit.
Twaalf
roept hij er, naar de twaalf stammen van Israël. Zij moeten met een
blij gezicht hun woord doen en zich van de zonnige kant laten zien. En
als je op weg gaat, dan moet je zieken genezen, doden opwekken,
melaatsen reinigen en duivels uitdrijven. Dat is nogal wat. Het lijkt
wel of ze wonderen moeten verrichten. Inderdaad, Jesus vraagt van zijn
volgelingen niet van die kleine dingen als goede dag zeggen, een vrome
preek houden, kinderen over hun bolletje strijken bij de buurvrouw op
de koffie gaan. Dat is allemaal mooi en aardig.
Maar Jesus vraagt
wonderen. Hij vraagt van ons om dienstbaar te zijn. Want wat is
ingrijpender in het leven dan wanneer je ziek wordt. Het leven staat
ineens op zijn kop. Je voelt je machteloos en uit je evenwicht. Wanneer
iemand dan een helpende hand geeft, is dat een wonder. Wanneer iemand
gestorven is, dan snijdt het verdriet zo diep. Dan met een woord, een
luisterend oor, een wonder verrichten dat is heel wat anders.
Melaatsen, mensen waar wij een etiketje op geplakt hebben,
buitenlanders, hooligans, aso’s het is een wonder wanneer wij dat
etiketje eraf durven te halen en hen ook zien als door God gewild.
En tenslotte je mond durven open durven te doen als er onrecht geschiedt, de communicatie weer opgang brengen
waar
alles is vastgelopen, samen een probleem te bekijken, als alles dicht
zit. Zo overwin je het kwade door het goede. Het is een oproep tot
dienstbaarheid aan elkaar. Om medemensen met zorg en liefde te omringen.
Zo bouw je mee aan het koninkrijk van God.
Tot slot sprak een zin uit het evangelie mij erg aan. “De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig”.
Ik denk daarbij aan het grote tekort aan priesters, pastorale werkers en werksters. Dat is een heel groot probleem.
Onze
parochie voelt dat nu ook. Maar het is ook een unieke kans. Want niet
alleen priesters en pastorale werkers en werksters zijn geroepen, maar wij allen zijn geroepen tot dienstbaarheid, ook tot dienstbaarheid aan onze parochie,
die wat eigenzinnig overkomt, maar met zeer veel actieve mensen.
Vanmorgen vraagt het evangelie ook aan ieder van ons Wat is mijn en jouw aandeel in deze parochie?
Laten wij daarom zingen: Kom en volg mij op de weg….
11e zondag door het jaar A (2005)
A-cyclus · Tijd door het jaar · 11e zondag · groen