11e zondag door het jaar A (2008)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 11e zondag · groen

Beste Vrienden,

Er zijn dingen die van een mens gevraagd worden,
waar je soms fors en stevig over na moet denken:
en als het heel wat van je vraagt,
kun je soms zeggen…
ik doe het voor jou; en echt voor jou alleen,
voor anderen zou ik het niet doen.
Dan moet je toch wel een speciale band hebben.
denk bijvoorbeeld aan zo iets als een nier afstaan voor een familielid,
zeer ingrijpende gebeurtenissen.

Paulus benadrukt in zijn brief vandaag:
Jezus heeft alles gegeven voor ons;
zijn hele leven,
en waarom? om ons het goede van Gods genade te laten krijgen.
om ons stevig te laten staan op het fundament van ons geloof
en de hoop te laten hebben dat we zullen delen
in de luister van God zelf.. zeg maar… bij God zullen zijn in eeuwigheid

Paulus mijmert daar wat over verder….
als je een heel speciale band met iemand hebt,
als je iemand heel bijzonder aardig of lief of nabij vindt,
dan kan een mens veel geven.
Dat doe je niet zomaar, niet voor iedereen,
niet voor mensen waar je niets mee hebt.

Maar het bijzondere van Jezus is….
hij deed dat - zichzelf geven - voor mensen
die het uit zichzelf eigenlijk helemaal niet waard waren,
hij deed het voor ons toen wij ons nog niet hadden bekeerd
Jezus die zichzelf geeft, zijn leven prijs geeft voor zondaars,
voor mensen voordat ze bekeerd waren,
voor ons al voordat wij bekeerd waren,
toen we nog nergens op leken, los van onze bekering,
opdat wij de genade ten volle zouden krijgen,
opdat wij ten volle deel zouden hebben aan de redding;
en daarom: als wij ons als gelovigen tot God bekeren,
dan mogen we zeker zijn van de reddende nabijheid van God.
En dan kunnen en mogen God dus prijzen.

In het evangelie ziet Jezus ons - de menigte -
en zegt Matteüs : hij is tot in zijn ziel geroerd,
alles in hem is bewogen om de menigte,
en hij ziet hoe ze afgetobd neerlagen als schapen zonder herder.

In het vers hiervoor staat met zoveel woorden:
Jesus trok rond,
gaf onderricht,
verkondigde het evangelie van het koninkrijk
en genas iedere ziekte en kwaal:
m.a.w. niet alleen in zijn woorden,
maar ook in zijn daden laat Jezus dat paradijs waar mogelijk al beginnen,

Hoe kan hij dat dan rijmen met al die mensen die afgetobd neerliggen
dat past toch niet bij de toekomst van Gods koninkrijk.
Een schaap zonder herder heeft het slecht:
hoe komt het aan onderdak voor de nacht?
hoe weerstaat het de roofdieren?
is er wel toekomst,

Jezus ziet ons, met alles waarom wij ons druk maken, ons aftobben,
in onze tijd, in onze kerk, in ons pogen om geloof gestalte te geven.
Het koninkrijk van God is nabij…. ja waar dan?
Mijn God, wat is er nog veel werk te doen om dat koninkrijk te laten beginnen,
want daar gaat het toch om, - toch ook in de kerk -
dat mensen leren zien en beleven dat God ons nabij is…
wat is er nog veel te doen, de oogst is groot,
bidt dus dat steeds meer mensen zich inzetten voor de oogst,
en bidt dat het de goede mensen zijn.

Jezus zelf geeft het voorbeeld.
Hij roept om met name onreine geesten uit te drijven,
dat is alles wat de komst van het koninkrijk tegen houdt,
en hij geeft ze ook de macht, of het gezag om het kwaad tegen te houden,
en dus ook om te genezen, ziekte en kwalen en alles wat mensen tegenzit.
Zoals het in de aanhefzin ook al stond als dat wat Jezus zelf deed:
hij trok rond, - hij was mensen nabij
gaf onderricht, - mensen moeten wel weten waar het omgaat
verkondigde het evangelie van het koninkrijk

* het goede nieuws van het leven in Gods paradijs

en genas iedere ziekte en kwaal

* het goede leven van gezondheid in Gods paradijs begint hier.


De oogst is groot,
er is veel werk te doen,
en iedereen die een beetje weet heeft van het parochie zijn in onze tijd
weet dat er veel werkers , professioneel en vrijwilligers, nodig zijn,
dat er bijna altijd te weinig mensen zijn,
en daarom benadrukt Jezus in het evangelie….
blijf antwoorden op het geroepen worden,
op allerlei terreinen, maar ook in de parochie,
het hangt van ons af,
daarom juist in deze tijd van samenvoeging van parochies
hoort u steeds weer:
wij zijn het die de kerk gaande houden,
wij zijn het die de boodschap hebben door te geven,
en daar hebben we elkaar hard bij nodig,
financieel, dat we het kunnen volhouden, elk van onze parochies,
maar ook in de betrokkenheid bij onze samenkomsten,
in de vele vormen van deelname.
En dat is iets wat in onze tijd nog wel eens onder druk staat:
ik ga wel als ik behoefte heb, zeggen we dan…
Ik ga toch niet voor een ander!
Misschien zijn er wel veel mensen die er behoefte aan hebben dat u komt
Dat is ook iets wat een mens kan motiveren, er zijn er die op mij wachten,
mijn aanwezigheid is ook voor anderen van belang,
om bij hen de moed erin te houden.
het geloof levend,
de hoop sterk, en de liefde als de band tussen ons allen.

Zoeken in Preken Online