Eerste lezing uit de profeet Jesaja
Het was in het jaar dat koning Osias gestorven is.
In een droom zag ik de Heer
gezeten op een verheven troon.
Zijn aanwezigheid vulde de hele tempel.
Zes serafijnen stonden links van Hem
en zes aan zijn rechterzijde.
Zij riepen elkaar toe:
“Heilig, Heilig, Heilig de Heer
de God der hemelse machten,
vol zijn hemel en aarde van zijn heerlijkheid.”
Hun luide stemmen schudde de tempel,
die vol rook stond, op zijn grondvesten.
Toen schreeuwde ik het uit:
“Ik ben verloren, want veel kwaad heb ik gesproken,
en ik leef temidden van zondaars,
en toch heb ik de Heer in levende lijve gezien.
Toen zweefde er een serafijn naar mij toe,
hij nam met een tang,
een gloeiende kool uit het offervuur,
daarmee raakte hij mijn lippen aan en zei:
“ Nu zijn uw lippen gezuiverd van alle smet
en uw misstappen zijn u vergeven.”
Toen hoorde ik de stem van de Heer:
“ Wie zal ik zenden,
Wie zal voor ons op stap gaan?”
Ik antwoordde:
“ Hier ben ik Heer, zend mij!”
5e zondag door het jaar C - Jes. 6,1-2a.3-8
Thematisch · Overwegingen · groen