Eerste lezing: Jes. 55, 10-11
Evangelielezing: Mc. 8, 22-26
Hoe komt een mens tot geloven? Het evangelie dat we zopas beluisterden kan ons helpen om tot een antwoord te komen.
Er wordt een blinde bij Jezus gebracht en men smeekt Hem om de blinde aan te raken.
De omstaanders, diegenen die het goed menen met de blinde, vragen geen mirakels, geen wonderen. Ze vragen enkel dat Jezus hem zou aanraken.
En Jezus doet het: een menselijk gebaar, een gebaar van zorg en bekommernis. Een gebaar van diepmenselijke bewogenheid.
Jezus raakt de blinde aan. Hij doet wat speeksel op zijn ogen en legt er zijn handen op.
Jezus doet wat een moeder doet wanneer zij haar kind streelt en met speeksel de pijnlijke plek bestrijkt.
Zoals een moeder streelt Jezus de blinde, bestrijkt Hij zijn ogen: de plek waar de pijn van zijn leven zit. Een diepmenselijk gebaar. De blinde staat er niet alleen voor.
In hoeverre zijn ook wij niet blind, verblind wanneer het gaat om geloven? Wat betekent geloven voor ons? Is ons geloven in de loop der jaren niet verstard? Of zijn we blind geworden voor wat geloven kan betekenen?
In de komende jaren wordt daarom aandacht besteed aan ons geloof. Geloven heeft te maken met
Groeien in geloof (2007)
Thematisch · Allerlei · groen