Viering PCB Brugge - Dodenherdenking
30 en 31 oktober 2021
Welkom - kruisteken
Een hartelijk welkom aan iedereen.
We komen hier vandaag samen om de mensen te gedenken die in de voorbije twee jaren gestorven zijn in de gevangenis, en ook de mensen van het personeel die hier hebben gewerkt en die gestorven zijn. En uiteraard gedenken we ook al onze familieleden, verwanten en vrienden van ‘buiten’ die we moeten missen.
Op dagen zoals deze wordt het gemis scherper aangevoeld. En dus is het goed om samen te komen, ons verdriet te delen, ons te laten dragen door elkaar en vooral door God, de Grote Drager. We willen in deze viering troost zoeken door enkele tekens te stellen, door samen naar muziek te luisteren, door stil te zijn en wat te bidden.
Laten we dit samenzijn beginnen in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
A warm welcome to each of you.
We gather here today to remember those people who have died in prison over the past two years, and also the people from the staff who worked here and who died. And, of course, we also remember all of our family members, relatives and friends from “outside”, that we have to miss.
On days like this, the loss is felt more acutely. And so it is good to come together, to share our grief, to let ourselves be carried by each other and especially by God, the Great Bearer. We want to seek comfort in this celebration by setting some signs, by listening to music together, by being silent and doing some praying.
Let us begin this celebration in the Name of + the Father, the Son and the Holy Spirit. Amen.
Un accueil chaleureux à vous tous.
Aujourd’hui nous sommes réunis ici pour nous souvenir des gens qui sont morts en prison au cours des deux dernières années, ainsi que les gens du personnel qui ont travaillé ici et qui sont décédés. Et, bien sûr, nous nous souvenons aussi de tous les membres de notre famille, de nos proches et de nos amis “en extérieur” qui nous manquent.
Dans des jours comme celui-ci, la perte est ressentie plus vivement. Et donc il est bon de se réunir, de partager notre peine, de nous laisser porter l‘ un par l’autre et surtout par Dieu, le Grand Porteur. Nous voulons chercher du réconfort dans cette célébration en donnant quelques signes, en écoutant de la musique ensemble, en faisant silence et en priant un peu.
Commençons cette célébration au Nom du + Père, du Fils et du Saint-Esprit. Amen.
Aansteken van de paaskaars
We steken eerst het Licht van Pasen aan
als teken van onze verbondenheid met Jezus van Nazareth.
We steken het Licht van de vuurtoren aan
die ons de haven wijst waar we thuis kunnen komen.
Zo verwelkomen we de Verrezen Heer, de Levende in ons midden.
Hij is het Licht dat ons verbindt, ook over de dood heen.
Nous allumons d’abord la lumière de Pâques
en signe de notre communion avec Jésus de Nazareth.
Nous allumons la lumière du phare
qui nous montre le port où nous pouvons rentrer à la maison.
Ainsi, nous accueillons le Seigneur ressuscité, le Vivant, au milieu de nous.
Il est la Lumière qui nous unit, même au-delà de la mort.
We first light the Light of Easter
as a sign of our union with Jesus of Nazareth.
We light the Light of the lighthouse
that shows us the harbor where we can come home.
Thus we welcome the Risen Lord, the Living One into our midst.
He is the Light that connects us, even beyond death.
Moment van inkeer
CHE FARO SENZA EURIDICE – C. W. GLUCK

Mark Chagall – Orpheus
We luisteren naar Che farò senza Euridice (letterlijk* Wat moet ik doen zonder Eurydice*) - een beroemde aria uit de opera gecomponeerd door op een libretto van.
, een Griekse held en begenadigde zanger, heeft van de goden de uitzonderlijke toestemming gekregen om zijn geliefde Eurydice uit de dood terug te halen, met niets anders dan de kracht van zijn lied en zijn stem. Er was echter één voorwaarde: hij mocht niet omkijken om haar even te kunnen zien en zeker te zijn dat zij hem zou volgen… Wanneer hij dat onvermijdelijk tòch doet, verdwijnt zij voorgoed in de onderwereld. In deze aria zingt Orpheus zijn verdriet en wanhoop uit bij het zien van de dood die zijn geliefde nu opnieuw en definitief in zijn greep krijgt.
Wat moet ik doen zonder Eurydice? Waar ga ik heen zonder mijn goed? Wat zal ik doen? Waar zal ik heengaan? Wat zal ik doen zonder mijn zegen?
Waar zal ik heen gaan zonder mijn zegen? Eurydice. Eurydice. O God. Geef mij antwoord. Geef mij antwoord. Ik ben ook uw trouwe. Ah! Ik heb geen hoop meer, geen hoop meer,
noch van de wereld, noch van de hemel!
Nous écoutons Che farò senza Euridice (littéralement: Que ferai-je sans Eurydice) - un air célèbre de l’opéra “Orfeo ed Euridice”, composé par Gluck sur un livret de Ranieri de’ Calzabigi.
Orphée, héros Grec et chanteur de talent, a reçu des dieux la permission exceptionnelle de ramener d’entre les morts sa bien-aimée Eurydice, en n’utilisant que le pouvoir de son chant et de sa voix. Cependant, il y avait une condition: il n’avait pas le droit de se retourner pour la voir un moment et pour s’assurer qu’elle le suivait… Lorsqu’il le fait quand même et inévitablement, elle disparaît pour toujours dans le monde souterrain. Dans cet air que nou écoutons, Orphée exprime son chagrin et son désespoir à la vue de la mort qui s’est à nouveau et définitivement emparée de sa bien-aimée Eurydice.
J’ai perdu mon Eurydice, Rien n’egale mon malheur Sort cruel! quelle rigueur! Rien n’egale mon malheur! Je succombe à ma douleur!
Eurydice! Eurydice! Reponds, quel supplice! Reponds-moi! C’est ton époux, ton epoux fidele Entends ma voix qui t’appelle, Ma voix qui t’appelle. J’ai perdu mon Eurydice, Rien n’egale mon malheur Sort cruel! quelle rigueur! Rien n’egale mon malheur! Je succombe à ma douleur!
Eurydice! Eurydice!
Mortel silence, vaine esperance! Quelle souffrance! Quel torment dechire mon coeur! Rien n’egale mon malheur Sort cruel! quelle rigueur!
Rien n’egale mon malheur! Sort cruel! quelle rigueur! Je succombe à ma douleur! à ma douleur, à ma douleur!

Edward Poynter : “Orpheus en Eurydice”
We listen to Che farò senza Euridice (literally: What must I do without Eurydice). This a famous aria from the opera “Orfeo ed Euridice”, composed by Gluck to a libretto by Ranieri de’ Calzabigi.
Orpheus, a Greek hero and gifted singer, has been given exceptional permission by the gods to bring back his beloved Eurydice from the dead, using nothing but the power of his song and his voice. There was only one condition: he was not allowed to look back to make sure that she was following him, and to see her for a moment… When he inevitably does it anyway, she disappears forever into the underworld. In the aria we are listening to, Orpheus sings out his grief despair at the sight of death, gripping his beloved Eurydice once again and now permanently.
Che farò senza Euridice?
Dove andrò senza il mio ben?
Che faro, Dove andrò
Che faro senza il mio ben?
Dove andrò senza il mio ben?
Euridice! Euridice!
Oh Dio! Rispondi!…Rispondi!
Io son pure il tuo fedel!
Io son pure il tuo fedel!
Io tuo fedel!
Che farò senza Euridice?
Dove andrò senza il mio ben?
Che faro, Dove andrò
Che faro senza il mio ben?
Dove andrò senza il mio ben?
Euridice! Euridice!
Ah! non m’avanza
Più soccorso, più speranza,
Nè dal mondo, nè dal ciel!
Che farò senza Euridice?
Dove andrò senza il mio ben?
Che faro, Dove andrò
Che faro senza il mio ben?
Che faro, Dove andrò
Che faro senza il mio ben?
Lichtritus - Dodenherdenking
We hebben naar jaarlijkse gewoonte voor deze dodenherdenking de namen van onze dierbare overledenen uit de gevangenis PCB Brugge verzameld op een kaartje, deze keer met vergeet-me-nietjes.
Die namen willen we nu met eerbied en dankbaarheid noemen. We willen er onze tijd voor nemen en na het noemen van de naam iedere keer een kaarsje aansteken.
We steken bij elke overledene een lichtje aan van de paaskaars
om in de leegte en het gemis wat hoop te brengen,
in een poging om ons verdriet om te buigen in dankbare herinnering.
Straks, op het einde van de viering, krijgt iedereen zo’n kaartje mee. Om al deze mensen niet te vergeten…
Pour cette commémoration des morts, nous avons rassemblé selon la coutume annuelle les noms de nos chers défunts de la prison PCB de Bruges sur une petite carte – cette fois avec des myosotis.
Nous voulons mentionner ces noms maintenant avec révérence et gratitude. Nous allons prendre le temps et allumer chaque fois une bougie après l’évocation du nom.
Nous prenons une lumière du cierge pascal, pour chaque personne décédée.
Pour apporter un peu d’espoir dans le vide et la perte,
et en essayant de transformer notre chagrin en souvenir reconnaissant.
Plus tard, à la fin de la célébration, chacun recevra une telle carte avec les noms. Afin de ne pas oublier ces personnes…
According to the annual custom for this remembrance of death, we have collected the names of our dear departed from the PCB Bruges prison on a card with forget-me-nots. We want to mention those names now with reverence and gratitude. And we want to take our time and light a candle after the mention of each name.
So we take a light from the easter candle to each deceased person.
To bring some hope into the emptiness and the loss,
and, if it is possible, to turn our grief into grateful remembrance.
Later, at the end of the celebration, everyone will receive such a card. With the intention of not forgetting these people…
01/11/2019 – 31/10/2020
Gwendoline DECADT
01 / 02 / 2020
Alfano CALOGERO
18 / 04 / 2020
Ahmed LIOU
20 / 07 / 2020
Debby SLEGERS
23 / 10 / 2020
Anthony VAN DER VORST
22 / 01 / 2020
Ben ABDELKADIER
21 / 04 / 2020
Ronald VANDEBROEK (personeel)
10 / 02 / 2020
01/11/2020 – 31/10/2021
Alphonse USE
21 / 12 / 2020
Marianne ELSKENS
12 / 01 /2021
Emmanuël VAN DEN STEEN
19 / 02 / 2021
**Luc AERNOUT **(personeel)
03 / 08 / 2021
Openingsgebed
Ga met ons mee, God,
de lange weg van onmacht en verdriet
naar kracht en opstanding.
Ga met ons de weg die leidt over alle sterven heen.
Verdraag onze vragen.
Begrijp onze weemoed.
Verzacht al wat ons pijn doet.
En laat er ook licht zijn hier en nu voor ons.
Blaas de gloed van verlangen
naar leven en liefde weer aan.
Dat er een morgen komt die ons optilt,
dat er een avond is van vervulling,
van eeuwig weerzien,
en thuis komen met allen. Amen.
Bon Dieu, est-ce que tu veux parcourir avec nous
le long chemin qui mène de l’impuissance et du chagrin
vers la force et la résurrection?
Veux-tu nous montrer le chemin qui mène au-delà de toute mort?
Veux-tu porter nos questions,
comprendre notre tristesse,
et adoucir tout ce qui nous fait mal?
Que la lumière soit là aussi pour nous maintenant.
Allume à nouveau la lueur du désir pour la vie et l’amour,
qu’il y aura un matin qui nous élèvera,
qu’il y aura une soirée d’accomplissement,
un moment des retrouvailles éternelles,
et de retour à la maison avec tous. Amen.
Go with us, God,
the long way from helplessness and sorrow to strength and resurrection.
Go with us that way that leads beyond all dying.
Tolerate our questions,
understand our melancholy,
and soften what hurts us.
Let there be light here for us even now.
Fan the glow of longing for life and love again,
that there will be a morning that lifts us up,
that there will be an evening of fulfillment,
a moment of eternal reunion,
and coming home with all people. Amen.
Lezing uit de Schrift
Wat doet God met de namen en de levens van al die ontelbaar vele mensenkinderen die dagelijks na hun sterven bij Hem aankomen in de hemel? Dit doet Hij: hun diepste naam schrijft Hij in de palm van Zijn hand – om zeker nooit iemand te vergeten.
De Grote ‘Tweede Jesaja’, de Profeet van de Troost in de ballingschap, zegt het ons met deze onvergetelijke, prachtige woorden:
‘Zo spreekt God de Heer: Wees niet bang, Ik zal er zijn…
Ik heb je geroepen bij je naam, je bent van mij.
Ik heb je gekocht en een hoge prijs voor je betaald.
Ik heb je gedragen vanaf je geboorte,
Ik blijf je dragen tot op je oude dag.
Moet je door water, moet je door vuur, Ik zal er zijn.
Kan een vrouw soms haar kindje vergeten?
Ik, Jahwe, Ik kan u niet vergeten:
Ik heb uw naam in mijn handpalm gegrift…
(uit Jesaja 43 – 46 – 49)
What does God do with the names and lives of all those countless human children who daily arrive at Him in heaven, after they die? This is what He does: He writes their deepest name in the palm of His hand - to be sure never to forget anyone.
The Great “Second Isaiah,” of The Holy Bible, the Prophet of Comfort in the Exile, tells us so with these unforgettable, beautiful words:
‘Thus speaks God the Lord: Do not be afraid, I will be there…
I have called you by your name, you are mine.
I have bought you and paid a high price for you.
I have carried you from your birth,
I will carry you until your old age.
Must you go through water, must you go through fire,
I will be there.
Can a woman sometimes forget her baby?
I, Yahweh, I cannot forget you:
I have graven your name in the palm of my hand…
(from Isaiah 43 - 46 - 49)
Que fait Dieu avec les noms et les vies de tous ces innombrables enfants humains qui arrivent quotidiennement chez Lui au ciel, après leur mort? Il fait cela: il écrit leurs noms les plus profonds dans la paume de sa main - afin qu‘Il n‘ oublie jamais personne.
Dans la Bible, le grand “Second Isaïe”, le prophète du réconfort dans l’exil, nous le dit avec ces mots inoubliables et magnifiques:
Ainsi parle Dieu le Seigneur: N’ayez pas peur, Je serai là…
Je t’ai appelé par ton nom, tu es à moi.
Je t’ai acheté, et J’ai payé un prix élevé pour toi.
Je t’ai porté depuis ta naissance,
Je te porterai jusqu’à ta vieillesse.
Si tu dois passer par l’eau, si tu dois passer par le feu,
Moi, Je serai là.
Une femme peut-elle oublier son bébé?
Moi, Yahvé, je ne peux pas t’oublier:
J’ai gravé ton nom dans la paume de ma main…
(extrait d’Isaïe 43 - 46 - 49)
Toespraak
Onze Vader
Vredeswens
Ik mag jullie nu de vrede van God toewensen,
de vrede die tranen droogt;
een soort tederheid die verdriet draaglijk maakt,
dat warme gevoel dat je verbindt met allen die je dierbaar zijn.
Die vrede van God,
die wij mensen niet zelf kunnen maken
maar die ons telkens weer uit de hemel wordt geschonken,
ook in de donkerste dagen van ons leven.
Je peux vous souhaiter maintenant la paix de Dieu,
la paix qui sèche les larmes;
une sorte de tendresse qui rend le chagrin supportable,
ce sentiment chaleureux qui vous unit à tous ceux qui vous sont chers.
Cette paix de Dieu,
que nous ne pouvons pas faire nous-mêmes
mais qui nous est donné encore et encore en grâce du ciel,
même dans les jours les plus sombres de notre vie.
I may now wish you the peace of God,
the peace that dries tears;
a kind of tenderness that makes sorrow bearable,
that warm feeling that unites you with all those who are dear to you.
That peace of God,
that we, humans cannot make ourselves
but which is given to us again and again from heaven as a mercy
even in the darkest days of our lives.
De vrede van de Heer zij altijd met u.
La paix du Seigneur soit toujours avec vous.
The peace of the Lord be always with you.
Voorbeden – we bidden een litanie van herdenken
Voor geliefden ons ontvallen
Voor geliefden alleen verder
Voor kinderen zonder ouders
Voor ouders zonder kinderen
Voor onschuldige slachtoffers op de weg
Laten we bidden in de stilte van ons hart.
Voor mensen gedood door rampen
Voor mensen met slepende ziektes
Voor mensen gefolterd, vermoord
Voor mensen nog levend toch al dood
Laten we bidden in de stilte van ons hart.
Voor rechtelozen, radelozen
Voor allen met de dood voor ogen
Voor de stervenden
Voor zij die overlevenden om hen heen
Laten we bidden in de stilte van ons hart.
Dat onze geliefde doden in vrede vertoeven.
Dat wij het verlies een leefbare plek kunnen geven.
Dat wij kunnen dragen, verdragen, en niet vergeten.
Dat wij kunnen aanvaarden en verder leven.
Dat de tijd onze wonden heelt,
dat innerlijke kracht ons weerbaar maakt.
Laten we bidden in de stilte van ons hart.
Nous prions avec une litanie du souvenir
Pour les êtres chers que nous avons perdus
Pour les proches qui sont morts dans la solitude
Pour les enfants sans parents
Pour les parents sans enfants
Pour les victimes innocentes de la route
Prions dans le silence de nos cœurs.
Pour les personnes tuées par des catastrophes
Pour les personnes souffrant de maladies persistantes
Pour les personnes torturées, assassinées
Pour les personnes vivantes qui sont mortes à l‘ intérieur
Prions dans le silence de nos cœurs.
Pour les personnes privées de leurs droits,
ceux qui ont perdu leur chemin dans la vie.
Pour tous ceux qui à ce moment-même sont confrontés à la mort
Pour les mourants et pour les survivants autour d’eux
Prions dans le silence de nos cœurs.
Que nos morts bien-aimés puissent reposer en paix.
Que nous pouvons donner un lieu vivable à la perte.
Que nous pouvons supporter, endurer, et ne pas oublier.
Que nous pouvons accepter et continuer à vivre.
Que le temps puisse guérir nos blessures,
et que la force intérieure puisse nous rendre résistants.
Prions dans le silence de nos cœurs.
We pray with a litany of remembrance
For loved ones lost to us
For loved ones gone on alone
For children without parents
For parents without children
For innocent victims on the road
Let us pray in the silence of our hearts.
For people killed by disasters
For people with lingering diseases
For people tortured, murdered
For people still alive though dead in their mind
Let us pray in the silence of our hearts.
For those who are deprived of their rights, for the desperate
For all who are with the death in sight
For those who are dying at this moment
And for the survivors around them
Let us pray in the silence of our hearts.
That our beloved dead may rest in peace.
That we can give a livable place to the loss.
That we can bear, endure, and not forget.
That we can accept and live on.
That time heals our wounds,
that inner strength makes us resilient.
Let us pray in the silence of our hearts.
God, verhoor onze gebeden en wees ons nabij. Amen.
Dieu écoute nos prières
et reste avec nous. Amen.
God hear our prayers
and be with us. Amen.
**Slotgebed **
Onze lieve doden, Heer,
wilt Gij hen dragen zoals een moeder draagt?
Laat Uw schoot hun nieuwe wereld zijn,
onverwoestbaar teder.
Onze lieve doden, Heer,
wilt Gij hen dragen zoals een vader draagt?
Laat Uw handen hun nieuwe woning zijn,
geborgen, thuisgekomen voorgoed.
Laat Uw liefde hun geluk zijn,
laat Uw licht hun warmte zijn.
Verjaag de dood,
Gij die niet kunt tegen verlies van leven.
Geef hen een nieuw en onvergankelijk leven. Amen.
Nos chers morts, Seigneur,
les porteras-Tu comme une mère le fait?
Que Ton sein soit leur nouveau monde,
indestructiblement tendre.
Nos chers morts, Seigneur,
les porteras-Tu comme un père le fait?
Que Tes mains soient leur nouvelle demeure, en sécurité,
arrivés à la maison pour toujours.
Que Ton amour soit leur bonheur,
que Ta lumière soit leur chaleur.
Chasse la mort,
Toi qui es incapable de supporter toute perte de vie.
Donne-leur une vie nouvelle et impérissable.
Donne-leur une vie nouvelle et éternelle. Amen.
Our dear dead, Lord,
wilt Thou carry them as a mother carries?
Let Thy womb be their new world,
indestructibly tender.
Our dear dead, Lord,
wilt Thou carry them as a father carries?
Let Thy hands be their new home,
where they are safe and at home forever.
Let Thy love be their happiness,
let Thy light be their warmth.
Please dispel death,
Thou who art unable to withstand loss of life.
Give them a new and imperishable life. Amen.
Een lied om de viering af te sluiten
Eric Clapton schreef met ‘Tears In Heaven’ één van de mooiste nummers uit zijn carrière. Toch had de muzikant dit lied liever nooit geschreven. Het is immers geïnspireerd op het overlijden van Claptons vierjarig zoontje Conor die op 20 maart 1991 uit het raam van de 53ste verdieping van een wolkenkrabber naar beneden viel, terwijl de kinderoppas even niet aandachtig was.
“Ik wil een lied schrijven voor mijn jongen.”, zei Eric Clapton. ”Om hem nooit te vergeten…’ Vanwege het persoonlijke thema wilde hij het nummer in eerste instantie liever voor zichzelf houden. Hij was vast van plan het nooit voor het grote publiek kenbaar te maken. Hij schreef het om niet gek te worden van verdriet, en speelde en zong het nu en dan zachtjes voor zichzelf, totdat het onderdeel werd van zijn hele persoon. Uiteindelijk wisten mensen om hem heen hem te overtuigen om het nummer toch uit te brengen op CD, met als argument dat het misschien ook iemand anders in de wereld zou helpen om zijn of haar verdriet te verwerken…
Avec “Tears In Heaven”, Eric Clapton a écrit l’une des plus belles chansons de sa carrière. Pourtant, le musicien aurait préféré ne jamais avoir écrit cette chanson. Après tout, il a été inspiré par la mort de Conor, le fils de Clapton âgé de quatre ans, qui est tombé de la fenêtre du 53e étage d’un gratte-ciel le 20 mars 1991, alors que la nounou ne faisait pas attention.
“Je veux écrire une chanson pour mon garçon”, a dit Eric Clapton. “Pour ne jamais l’oublier…” En raison de son thème personnel, il souhaitait initialement garder la chanson seulement pour lui-même, et il avait la ferme intention de ne jamais la révéler au grand public. Il l’a écrite pour ne pas devenir fou de chagrin, et l’a jouée et chantée doucement de temps en temps, pour passer les moments difficiles, jusqu’à ce que la chanson fasse partie de sa personnalité. Finalement, son entourage a réussi à le convaincre de sortir quand même la chanson sur CD, en arguant que cela aiderait peut-être quelqu’un d‘ autre dans le monde à surmonter son chagrin…

Tears In Heaven
Would you know my name?
If I saw you in heaven?
Would it be the same
If I saw you in heaven?
I must be strong
And carry on.
‘Cause I know I don’t belong
Here in heaven.
Would you hold my hand?
If I saw you in heaven?
Would you help me stand?
If I saw you in heaven?
I’ll find my way
Through night and day
‘Cause I know I just can’t stay
Here in heaven.
Time can bring you down
Time can bend your knees
Time can break your heart
Have you begging please, begging please.
Beyond the door
There’s peace I’m sure
And I know there’ll be no more
Tears in heaven.
Would you know my name?
If I saw you in heaven?
Would it be the same
If I saw you in heaven?
I must be strong
And carry on
‘Cause I know I don’t belong
Here in heaven.
Tranen in de hemel
Zou je mijn naam nog kennen
als ik je in de hemel zag
Zal het hetzelfde zijn
als ik je in de hemel zag
Ik moet sterk zijn
en doorgaan
want ik weet, dat ik niet hoor
hier in de hemel
Zou je mijn hand vasthouden
als ik je in de hemel zag
zou je me helpen rechtop te staan
als ik je in de hemel zag
ik vind mijn weg wel
overdag en ’s nachts
want ik weet, dat ik niet hoor
hier in de hemel
De tijd kan je verslaan
De tijd kan je laten knielen
De tijd kan je hart breken
en je laten smeken: alstublieft
Achter die deur
is vrede, weet ik zeker
en ik weet dat er geen
tranen in de hemel zijn
Zou je mijn naam nog kennen
als ik je in de hemel zag
Zal het hetzelfde zijn
als ik je in de hemel zag
Ik moet sterk zijn
en doorgaan
want ik weet, dat ik niet hoor
hier in de hemel
With “Tears In Heaven”. Eric Clapton wrote one of the most beautiful songs of his career. Yet the musician would rather never have written this song. After all, it was inspired by the death of Clapton’s four-year-old son Conor, who fell down from the window of the 53rd floor of a skyscraper on March 20, 1991, while the nanny was not paying attention for a moment.
“I want to write something for my boy”, Eric Clapton said. “To never forget him…” Because of its personal theme, he initially preferred to keep the song to himself, and he firmly intended never to make it known to the general public. He wrote it to keep from going crazy with grief, and occasionally he played it softly for himself until it became part of him as a person. Eventually, people around him managed to convince him to release the song on CD anyway, arguing that maybe it would help someone in the world cope with their grief…
Zending en zegen
Mogen onze voeten gaan op de weg naar vrede. Mogen onze handen en onze woorden heel maken en genezen. Moge ons hart warmte en ruimte bieden
aan de mensen die we ontmoeten.
Daartoe zegene ons de barmhartige God,
- Vader, Zoon en H. Geest. Amen.
Que nos pieds aillent sur le chemin de la paix.
Que nos mains soient des mains qui guérissent.
Que nos cœurs offrent chaleur et espace
aux personnes que nous rencontrons.
Sur ce chemin, le Dieu miséricordieux nous donne sa bénédiction:
au nom du + Père, du Fils et du Saint-Esprit. Amen.
May our feet go on the road to peace.
May our hands be hands that heal.
May our hearts offer warmth and space
to the people we meet.
To this end the merciful God may bless us:
in the name of + the Father, the Son and the Holy Spirit. Amen.
HOMILIE
Viering PCB Brugge - Dodenherdenking
30 en 31 oktober 2021
‘Ik zal u een wit steentje geven waarop een nieuwe naam geschreven staat die niemand kent, behalve degene die het ontvangt…’ (Openbaring 2,17)
In het laatste bijbelboek, het Boek der Openbaring, staat een mooie passage over een wit steentje. ‘Wie overwint staat er, krijgt een wit steentje met daarop een nieuwe naam die niemand kent dan hij die het steentje ontvangt’. Bijbelgeleerden zijn het niet eens over de uitleg van deze passage. Sommigen denken dat deze tekst refereert aan het Romeinse rechtssysteem. Wanneer een Romeins burger de doodstraf kreeg opgelegd mocht er een godsoordeel worden uitgevoerd. De ter doodveroordeelde kreeg een dichte zak vol stenen. Er zaten allemaal zwarte stenen in, op één na die wit was. Slaagde hij er bij toeval in om deze steen uit de zak naar boven te halen dan werd hij naar een ander deel van het Rijk gebracht en kreeg hij een nieuwe burgerlijke identiteit. Op die witte steen stond dan een nieuwe naam. Dit was dus voorgoed zijn nieuwe identiteit,bij de genade van de goden.

Het witte steentje en de nieuwe naam er op geschreven, stonden dus symbool voor een nieuwe identiteit, een nieuwe bestemming, een nieuw leven voluit.
Het Boek der Openbaring zegt ons: dat witte steentje krijg je sowieso van God. ‘Eeuwig’ leven, leven in overvloed is voor wie gelooft geen winnend lot uit de loterij. Het is geen kwestie van eventjes ‘chance’ hebben, het is niet een waterkansje van één op de honderdduizend of zo… Je moet er niet eens blindelings naar grabbelen in een donkere zak. Je krijgt het gratis voor niets. Met een naam daarop geschreven, nagelnieuw – een naam die niemand kent dan alleen jij die hem ontvangt. En Degene die jou dat steentje geeft, natuurlijk. Deze naam geeft, anders dan jouw op aarde bekende naam, exact weer wie je bent. Dat weet blijkbaar alleen de hemel. Ook als je hier op deze wereld ronddwaalt en doolt, als je domme dingen doet of gedaan hebt, je goede naam misschien te grabbel gooit… Ook dàn nog bewaart de hemel, God zelf, als in een geheime databank het waarmerk van wie jij écht bent. Die naam is onvervreemdbaar. Zo’n klein wit steentje ligt aan de poort van de hemel op jou en mij, op elk van ons te wachten…










‘I will give you a little white stone, on which is written a new name that no one knows, except the one who receives it…’ (The Book of Revelation 2:17)
In the last book of the Bible, the Book of Revelation, there is a beautiful passage about a little white stone. ‘He who overcomes, is given a white stone with a new name on it, that no one knows except the one who receives the stone.’ Bible scholars disagree on the interpretation of this passage. Some think this text refers to the Roman legal system. If a Roman citizen was given the death penalty, a divine judgment was allowed. The person sentenced to death was given a dense bag of stones. It contained all black stones except one which was white. If bij chance, he could pick up this white stone, he was taken to another part of the Kingdom, and there was given to her or him a new identity. On that white stone was written a new name. So this was forever his new identity by the grace of the gods.
The white stone and the new name written on it, were then symbolic of a new identity, a new destiny, a new life fully lived.
The Book of Revelation tells us: you will get that white stone anyway from our God. “Eternal life”, living in abundance, is not a winning lottery ticket. It’s not a matter of having a ‘chance’, a great piece of luck. it’s not a one in a hundred thousand water chance or so… You don’t even have to dig blindly for it in a dark bag. You get it for free and for nothing. With a brand new name written on it, - a name that no one knows but you who receives it. And the One who gives it to you, of course. This name, unlike your name known on earth, reflects exactly who you are. Apparently only heaven knows that. Even if you wander and roam here on earth, if you do or you have done stupid things, you threw up your good name away… Even then, heaven, God himself, keeps the hallmark of who you really are in a secret database. That name is inalienable and indelible. You can be sure of it: a white stone is also waiting for you at the gate of heaven…









Je te donnerai une petite pierre blanche, sur laquelle est écrit un nom nouveau, que personne ne connaît, sinon celui qui le reçoit…” (Apocalypse 2:17)
Dans le dernier livre de la Bible, le livre de l’Apocalypse, il y a un beau passage sur une petite pierre blanche. Il est dit: “Celui qui vaincra recevra une pierre blanche portant un nom nouveau que personne ne connaît, sauf celui qui reçoit la pierre”. Les spécialistes de la Bible ne s’accordent pas sur l’interprétation de ce passage. Certains pensent que ce texte fait référence au système juridique romain. Si un citoyen romain était condamné à mort, un jugement divin pouvait être exécuté. La personne condamnée à mort recevait un sac de pierres fermé. Il contenait toutes des pierres noires, sauf une qui était blanche. Si par hasard il parvenait à saisir cette pierre blanche, il était emmené dans une autre partie du Royaume et il recevait une nouvelle identité. Sur la pierre blanche, il y avait écrit alors un nouveau nom. C’était donc sa nouvelle identité par la grâce des dieux.
La pierre blanche et le nouveau nom qui y est inscrit sont alors le symbole d’une nouvelle identité, d’un nouveau destin, d’une nouvelle vie en plénitude, pour toujours.
Le livre de l’Apocalypse nous assure: vous vous recevrez cette pierre blanche de toute façon. La vie “éternelle”, la vie dans l’abondance, ce n’est pas un billet de loterie. Ce n’est pas une question d’ une chance des centaines de milliers… Vous n’avez même pas besoin de l’attraper comme un aveugle dans un sac sombre. Vous l’obtenez gratuitement. Avec un nom écrit dessus, tout neuf - un nom que personne ne connaît sauf toi qui le reçois. Et Celui qui vous le donne, bien sûr. Ce nom, contrairement à votre nom connu sur terre, reflète exactement qui vous êtes. Apparemment, seul le Ciel le sait. Même si vous errez et vagabondez ici à travers le monde, si vous faites ou vous avez fait des choses stupides, si vous jetez en vente votre bonne réputation… Le Ciel, Dieu lui-même, garde dans une base de données secrète la marque de ce que vous êtes vraiment. Ce nom est inaliénable et indélébile. Vous pouvez être sûr: une pierre blanche vous attend à la porte du paradis…















Herinnering is een boeketje vergeet-me-nietjes,
een medicijn tegen het vergeten…
Op zaterdag 30 oktober is er – zoals gewoonlijk vlak voor Allerheiligen – de hele dag een tentactie vanwege Thuisfront.be aan de ingang van de gevangenis PCB in Brugge. Deze keer – na méér dan anderhalf jaar wachten – mag het eindelijk weer met de grote tent, met stoelen en tafels en een tas koffie die klaar staat voor de bezoekers, een ‘potje troost’…
Na afloop van het bezoek krijgt iedereen een kleine attentie mee naar huis: een kaartje in handgeschept papier met zaadjes erin van vergeet-me-nietjes. Misschien lukt het om dat kaartje een beetje in goeie potgrond te steken, en
- wie weet - komen er vroeg of laat échte vergeet-me-nietjes uit tevoorschijn.
Ook het kaartje met de namen van de overleden dat aan de aanwezigen in de vieringen ‘binnen’ wordt meegegeven, is versierd met zulke vergeet-mij-nietjes.


Dichters en denkers zeggen ons:
het zuiverste, het warmste van elke mens,
dat blijft bewaard.
Wat wij ooit aan goeds hebben gedaan –
misschien dat niemand anders het weet dan wijzelf –
dat blijft bewaard.
Niets gaat verloren van wat wij voor bloemen en planten doen.
Onze liefde voor de huisdieren, voor de vogels in de tuin of op het balkon,
onze geestdrift voor een rechtvaardiger wereld…
al die kleine en grote engagementen van ons leven zijn niet verloren.
(naar H. Oosterhuis)
Lieve mensen,
wij hebben van de hemel geen sluitend en keihard bewijs,
maar waar onze overledenen nu zijn,
daar groeien en bloeien zeker veel vergeet-me-nietjes.
In Gods tijdloos Heden,
in de nieuwe tuin van Eden,
dat paradijs vol Eeuwig Leven,
beleven onze overledenen nu Gods vreugde voluit,
en ze begroeten er
De Bron en de Zon van elk bestaan,
De Liefde zelf, Begin en Einde
van hoe mensen voor elkaar bestaan…
Daar mogen we vast op rekenen.

Nos souvenirs, c’ est comme un bouquet de myosotis,
un médicament contre l’oubli…
Les poètes et les penseurs nous le disent:
le plus pur, le plus chaleureux de chaque être humain,
sera préservé pour toujours.
Quel bien nous avons fait -
peut-être que personne d’autre que nous ne le sait -
il est préservé.
Rien de ce que nous faisons pour les fleurs et les plantes n’est perdu.
Notre amour pour les animaux domestiques, pour les oiseaux dans le jardin ou sur le balcon,
notre enthousiasme pour un monde plus juste…
Tous ces petits et ces grands engagements de notre vie ne sont pas perdus.
(d’après H. Oosterhuis)
Chers amis,
nous n’avons aucune preuve concluante et solide du paradis,
mais sûrement slà où nos défunts sont maintenant,
de nombreux myosotis y poussent et s’épanouissent.
Dans le présent intemporel de Dieu,
dans le nouveau jardin d’Eden,
ce paradis plein de vie éternelle,
nos défunts connaissent maintenant la joie de Dieu
dans toute sa plénitude, et ils y saluent
La Source et Le Soleil de toute existence,
le début et la fin de la façon dont
les gens existent les uns pour les autres…
Nous pouvons sûrement compter sur cela.

Our memory is like a bouquet of forget-me-nots,
a medicine against forgetting…
All the poets and philosophers tell us:
the purest, the warmest part of every human being,
that is preserved.
What good we ever have done -
maybe nobody knows it but ourselves -
that remains preserved.
Nothing of what we do for flowers and plants is lost.
Our love for the pets, for the birds in the garden or on the balcony,
our enthusiasm for a fairer world…
All those small and big commitments of our life are not lost.
(after H. Oosterhuis)
Dear people,
we have no no conclusive or rock-solid proof of heaven,
but where our departed are now,
there are certainly a lot of forget-me-nots growing and blossoming.
In God’s timeless Present,
in the new garden of Eden,
that paradise full of love and live,
our departed now experience God’s joy to the full,
and they greet The Source and The Sun of all existence,
the Beginning and the End
of how people exist for each other…
We can surely count on that.

geert dedecker