Dag iedereen,
misschien een beetje vreemd dat ik jullie nu nog een homilie doorstuur die eigenlijk bedoeld was voor Allerheiligen laatstleden. De tekst is van de hand van Denise Hoedt, en werd inderdaad uitgesproken tijdens het Allerheiligenweekend hier in de Godelieveparochie te Roeselare. En ook deze tekst is mee het resultaat van het ‘preken-leerhuis’ dat we hier drie jaar lang elke maand met een aantal ’toesprekers’ en ‘predikanten’ hielden, een soort gestage ‘samen-scholing’ rond de zondagslezingen uit de liturgie voor de weken die volgden.
Ongelofelijk eigenlijk, hoe deze homilie goed veertien dagen later ineens nog meer actueel en veelzeggend, ja haast ‘profetisch’ wordt, gezien in het licht (?) van de gebeurtenissen van de laatste dagen in Parijs en hier te lande…
Misschien kunnen deze tekst en de bijgevoegde voorbeden ook op dit moment nog ergens van pas komen, of van dienst zijn bij een persoonlijke bezinning of meditatie bij de moeilijke realiteit van vandaag. Ik stuur ze dus maar door ‘met bijbelse terugwerkende kracht’, op hoop van zegen (en met de welwillende toelating van de predikante-van-dienst).
Met hartelijke groet - ‘Diversiteit verrijkt!’
geert dedecker
Dienst Diaconie bisdom Brugge
en ORBIT West-Vlaanderen
Allerheiligen 2015 - Godelieveparochie Roeselare - Denise Hoedt
Lezingen Apoc. 7, 2-4, 9-14 —- Mt. 5, 1-12a
De eerste lezing van dit Allerheiligenfeest is genomen uit het boek van de Openbaring of de Apocalyps, het afsluitend boek van de Bijbel. Het is een moeilijk toegankelijk boek, want geschreven in een heel symbolische taal, en vaak misbruikt door sekten om angst aan te jagen, bijvoorbeeld in verband met ‘het einde der tijden’. Het werd geschreven door de apostel Johannes, en is gericht aan de eerste zeven christelijke gemeenschappen in Klein-Azië, te midden de groeiende verdrukking en het martelaarschap van christenen in het Romeinse keizerrijk.
Het boek staat in de spanning tussen de realiteit van het vele kwaad in de wereld enerzijds - en het onverwoestbaar geloof in de overwinning van de Liefde anderzijds.
Het is een Boek dat troost én tegelijk een Boek dat oproept, ook gericht tot ons vandaag: hou vol en ga door, God heeft u nodig om het monster van het veelvormige kwaad in deze wereld te bestrijden. Want uiteindelijk zal het komen, dat Messiaanse rijk waarover Jezus het heeft in het evangelie van vandaag: een ‘zalige’, een ‘heilige’ werkelijkheid waar vrede is en recht wordt gedaan, een wereld van gelijkwaardigheid en menswaardig leven voor allen, een wereld naar Gods hart.
Homilie Allerheiligen 2015 Lezingen Apoc. 7, 2-4, 9-14 —- Mt. 5, 1-12a
Godelieve mensen,
vandaag vieren we Allerheiligen. Waar we op Pasen de Verrijzenis van Jezus vieren, is Allerheiligen zo een beetje het Verrijzenisfeest van ‘Jan-en-alleman’, van zovele doodgewone mensen, maar die dan toch een bijzonder, een ‘heilig’ leven hebben geleid. Een aantal daarvan kennen wij goed en ‘bij name’, - denken we maar aan Franciscus en Clara, aan Godelieve en de H. Rita en aan Theresia van Lisieux… - maar de meesten zijn ons onbekend.
Vanuit de beide lezingen van vandaag kunnen we misschien toch een beeld krijgen van hoe en wanneer je ‘heilig’ bent of wordt in Gods ogen…
In de eerste lezing uit de Apocalyps vertelt Johannes over een visioen, waarin een engel van God vanuit het Oosten komt en het kwaad verhindert om schade toe te brengen aan de wereld. Die engel tekent de dienstknechten van God met het zegel van de Levende: het zijn er 144 000, komend uit de twaalf stammen van Israël, en verder zijn er nog ontelbaar velen uit alle hoeken van de wereld. Zij zijn gekleed in witte gewaden, en zij zingen de lof van God en van het Lam. Als Johannes vraagt van waar toch die velen in hun witte gewaden komen, krijgt hij als antwoord: ‘Het zijn allen die komen uit de grote verdrukking, en zij hebben hun gewaden wit gewassen in het bloed van het Lam’…
Een vreemd verhaal, of toch niet?
We weten het allemaal - je moet het maar eens proberen: een bloed- of wijnvlek uitwassen uit een wit T-shirt of een witte bloes. Wellicht zal je lang mogen proberen, èn het zal bovendien niet lukken..!
We moeten dus dieper graven om te begrijpen wat hier vanuit Bijbelse boodschap wordt verteld. Het beeld van het witwassen in bloed, staat tegenover onze ervaring dat bloed altijd roept om méér bloed. Wanneer bloedvergieten eenmaal begint, dan houdt de spiraal van geweld niet meer op: elke dag vertelt de krant ons dat… Wraak en weerwraak kleuren de aarde rood, altijd opnieuw en in allerlei vormen. ‘Oog om oog maakt op de duur de hele wereld blind’ stond ooit op de stoep geschilderd in New York, vlak na de aanslag op de Twin Towers op Nine Eleven. Het is een uitspraak van Mahatma Gandhi. Johannes verwijst in ons fragment uit het boek van de Openbaring naar Hem die ooit die spiraal doorbroken heeft, Hij die geweld met Liefde heeft beantwoord: Jezus van Nazareth. Hij is het Lam Gods. Hij heeft de tegenbeweging in gang gezet die vrede plaatst tegenover geweld, die gerechtigheid brengt in een wereld vol onrecht, vergeving en liefde tegenover vergelding en haat. Jezus heeft getoond hoe dat onmogelijke moest en kon, toen hij op Zijn laatste avondmaal zijn bovenkleed uitdeed, en dan een witlinnen doek aantrok om de voeten van zijn leerlingen te wassen, en hen leerde: ‘ Zo moeten jullie dat nu verder doen’…
En in dat getrokken spoor van Jezus volgen die ontelbaren, die ‘hun kleren wit wassen in het bloed van het Lam’. Dit wil zeggen: al die mensen die – in alle tijden en op alle plaatsen ter wereld - vrede brengen waar haat is, troosten waar verdriet is, zacht én moedig volharden in kleine tekenen van goedheid; zij die armen tot hun recht brengen, die vervolging en uitsluiting mee ondergaan uit solidariteit met de armsten, zij die luisteren en bemoedigen waar iemand niet gehoord wordt, die zorgen voor wie aan zijn lot wordt overgelaten en alle uitzicht verliest, zij die zo opstandig leven tègen de dood in..
Wie is dus ‘zalig’ of ‘heilig’ in Gods ogen? Het zijn zij die ‘komen uit de grote verdrukking’. Zij die Gods droom hebben gelééfd, zij die met hun besmeurde of versleten mantels, hun verpleegschorten en doktersjassen vol (kogel)gaten en (bloed)vlekken en scheuren, uiteindelijk wanhopig en tegelijk vastberaden die witte mantel van de vrede, van de liefde en het recht hebben omgeslagen…
En nee, deze heiligen waren geen mensen zonder zonden, of met uitzonderlijke prestaties of de diepste vroomheid… Toen de latere heilige Franciscus zijn rijke mantel voor de voeten van de bisschop gooide om voorgoed de monnikspij te omgorden, had hij al één en ander op zijn kerfstok wat echt niet zo netjes was. De kleine Theresia van Lisieux stierf in de grootste godsverlatenheid en vertwijfeling, maar ze kon de hemel binnengaan omwille van de Liefde die haar nooit verlaten had… Toen Mgr. Romero - dit jaar zalig verklaard door onze paus - in El Salvador stierf onder de kogels die zijn witte priesterkleed bloedrood kleurden, had hij al een hele tijd een diepe bekering doorgemaakt die hem leidde naar zijn keuze voor de God van de armen…
Goede mensen, de Nederlandse schrijver Toon Tellegen schreef een klein gedicht over ‘heiligen’. Het is hoopgevend, want het vertelt over de heiligen van alle dag die wij dus ook kunnen ontmoeten, of misschien ooit zelf kunnen worden, wie weet… Het gaat zo:
“Er lopen heiligen op straat.
Ze zijn te herkennen aan hun onopvallendheid,
aan hun onzichtbare mantels van een oneindige kostbaarheid,
en vooral aan hun verdriet.
Als we ze tegenkomen, lopen we ze voorbij.
Als we omkijken, zien we dat ze zich los maken van andere mensen,
hun pas versnellen, en zijstraten inslaan.
Overal staan mensen nu stil en kijken om.
We moeten nu misschien zelf een zijstraat inslaan,
maar we durven niet,
en zo raken we steeds verder van huis….“

Heiligen vandaag: te midden het gewone leven zijn ze onopvallend. Maar er gaat iets oneindigs kostbaars van hen uit. Ze zijn te herkennen aan hun verdriet. Want ze sluiten de ogen niet voor de ellende van de wereld. De cultuur waarin we leven doet dat zoveel liever wel. Die heiligen wéten dat er nog een ànder verhaal te vertellen valt dan dat wat je ziet in de grote winkelstraten vol dure spullen, lekker eten of groot lawaai. Ze maken zich daarvan los en slaan de stille zijstraten in, daar waar de armen wonen of de zieken, de eenzamen en de hopelozen, zij die niet kunnen en mogen meedraaien in de carrousel van altijd méér…
Die heiligen met hun verdriet, zij hebben een onzichtbare witte mantel om, het is de mantel van de hoop en van de tederheid, de mantel van de liefde en het recht. Zij trekken ons onweerstaanbaar mee de zijstraten in, daar waar een ander, échter leven vroeg of laat toch doorbreekt, een leven dat hemels is en waar we allen thuis mogen komen, ooit. Durven wij met hen meegaan? Zo moge het zijn.
Litanie en zegenwens
Gij God van ons leven Gij God van de aarde Gij zijt niet boven de wolken maar op de stoep van de straat Gij woont niet buiten de wereld maar er midden in Gij ons vlees en ons bloed Gij been van mijn been Gij mens Gij broeder en zuster Gij vader en moeder Gij schreiend kind Gij falende mens
“Ga tot het einde der aarde tot het uiterste daar zal liefde zijn. Ga.”
Gij vluchteling langs de straten van de wereld Gij uit het land verdreven jongere Gij verkracht meisje Gij geschonden vrouw Gij dronken man Gij verwaarloosde bejaarde Gij uitgelachen vrouw Gij van honger wenend kind Gij naamloze vreemdeling Gij schuldige nalatige Gij dakloze Gij drugverslaafde Gij werkloze Gij geslagen man Gij gefolterde vrouw Gij offer van de machtigen Gij gedode mens
“Ga tot het einde der aarde tot het uiterste daar zal liefde zijn. Ga.”
Gij wonderbare mens Gij zachte hand Gij stralende lach Gij lichtend gelaat Gij goed hart Gij mijn vriend en mijn vriendin Gij alles in allen Gij alles in iedereen Gij onze bevrijder Gij God van ons leven Gij God van de aarde.
Wees gezegend. Zegen en bewaar ons op wegen van vrede…
“Ga tot het einde der aarde tot het uiterste daar zal liefde zijn. Ga.”
Voorbeden - 1
-Zegen, God, de eenvoudigen van hart,
mensen zonder pretentie,
onbevangen genoeg om het leven te waarderen als een gave, als een wonder.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, de treurenden,
mensen die steeds opnieuw geconfronteerd worden
met de keerzijde van ons mensenbestaan,
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, de zachtmoedigen,
mensen die steeds weer het goede in anderen weten wakker te roepen.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, die hongeren en dorsten naar gerechtigheid,
en zich blijven inzetten voor een leefbare wereld voor allen.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, de barmhartigen,
mensen die vergeving kunnen schenken,
die de weg naar de ander openhouden en nieuwe kansen geven.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, de zuiveren van hart,
mensen recht door zee, eerlijk en zonder bijbedoelingen.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, de vredestichters,
mensen die mild zijn in hun oordeel,
die anderen niet afbreken maar altijd trachten op te bouwen.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen hen, God, die met een scheef oog bekeken worden
omdat ze durven opkomen voor gastvrijheid die niet selectief is,
omdat zij voor de rechten van de zwakkeren door het vuur durven gaan.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen hen, God, die betwijfelen of er nog leven is na de dood.
Laat hen mensen ontmoeten die rust en zekerheid uitstralen,
omdat zij geloven dat Gij een God van levenden zijt.
Laten wij voor hen bidden…
-Zegen, God, onze doden die niet uit ons leven zijn verdwenen.
Omkleed hen met de stralendwitte mantel van uw warme liefde.
Laten wij voor hen bidden…
Voorbeden - 2
Laat ons bidden
Voor hen die – in het spoor van Franciscus-
zich inzetten voor een leefbaar en gezond milieu,
zodat ook onze kinderen en kleinkinderen nog toekomst hebben,
Laat ons bidden
voor hen die in het spoor van pater Damiaan
hun zieke medemensen verzorgen en genezen,
voor hen die in het spoor van Mgr. Romero
opkomen voor recht en gerechtigheid voor de armste rechtelozen,
laat ons bidden
voor hen die in het spoor van de monniken van Thibirine
aanwezig blijven op gevaar van eigen leven te midden geweld en oorlog:
missionarissen en ontwikkelingshelpers, hulpverleners van dokters van de wereld, van Artsen zonder grenzen, van Rode Kruis of Caritas, en andere…
laat ons bidden
voor de eenvoudige heiligen van alle dag
die in de stille zijstraten van onze eigen leefwereld
een hoopvol leven mogelijk maken voor vluchtelingen en asielzoekers,
en voor al wie in de marge wordt geduwd
van een harteloze en cynische welvaartseconomie,
laat ons bidden
om de geest van Jezus’ zaligsprekingen
waardoor een nieuwe wereld komen kan,
het Rijk Gods.