****Hoogfeest van Allerheiligen 2012 (01.11.)****Cyclus B 1 Joh 3, 1-3
Mt 5, 1-12a
De Heiligen onder ons
Beste vrienden,
******Als jonge mensen in onze tijd echt van iemand begeesterd zijn, dan spreken ze over „een toffe kerel“. Zo een „toffe kerel“ belichaamt dan dikwijls juist datgene wat men zelf graag zou zijn, waar men zich toe geroepen voelt of waar men toch wel op zou willen lijken; De tegenpolen zijn de “losers”; de “johnny’s en de Marina’s” die door iedereen meewarig worden bekeken of waarmee men zelfs medelijden heeft; het leven van een “loser” zet zeker niet aan tot navolging. Maar: zo duidelijk is het verschil toch dikwijls niet – toch zeker niet in ons geloof! Want wie in onze ogen dikwijls als “loser” wordt aanzien, kan bij God soms tot de echte „toffe kerels“ worden gerekend. Ik vind het spijtig dat die Toffe kerels van de Kerk, die wij heiligen noemen, al allemaal gestorven zijn. Het is toch wel spijtig dat ge reeds dood moet zijn om tot de zogenoemde “eer der altaren” te worden verheven, zoals het in het theologische spraakgebruik wordt genoemd. Maar misschien moet ge met mensen inderdaad voorzichtig zijn, want die veranderen soms toch zo dikwijls van inzicht, jagen andere doelen na en kunnen het uiteindelijk helemaal verprutsen. Ik denk dat we allemaal uit eigen ervaring zeer goed weten hoe snel mensen in staat zijn om helemaal in tegenspraak te handelen met het beeld dat we ons reeds sinds jaren van hen hadden gevormd. Trouwens, zouden wij mensen, die er in onze ogen alles voor doen om tot “de eer der altaren” te worden verheven, echt sympathiek vinden?
Als we vandaag het feest van Allerheiligen vieren, dan zouden we toch wel zeer fout redeneren wanneer we er van zouden uitgaan dat dit feest alleen maar de som is van al de heiligen uit de heiligenkalender. Het is niet zoals bij een toneelstuk, waar op het einde alle acteurs nog eens naar voren komen om het applaus in ontvangst te nemen. Neen, het feest van Allerheiligen is van die aard dat we vandaag onze gelovige fantasie vrije teugel mogen laten zodat we in die hemelse verzameling van heiligen ook al diegenen kunnen ontdekken waarvan we nooit hadden kunnen denken dat ze er ook bij zouden horen. Dus mogen we vandaag ook aan al die naamloze grijze muizen denken die zich ook tussen de grote bekende heiligen ophouden.
En vandaag wil ook de aandacht vestigen op de heiligen onder ons. U heeft het goed gehoord. Er leefden en leven altijd ook heiligen in onze wereld. Want ze zijn hier, in onze wereld tot datgene geworden waar we ze nu voor vereren – tot heiligen. Maar eens gestorven en tot voorwerp van onze verering uitgeroepen, verworden ze meestal vlug tot beelden en figuren die dikwijls nog maar alleen een indruk van plaaster of vermolmd hout bij ons nalaten. We moeten toch onomwonden toegeven dat, juist de overdreven verering van die normale mensen die de heiligen tijdens hun leven toch allemaal waren, er toe leidde dat hun beeld werd vervormd, waardoor ze meer en meer van ons mensen vervreemdden. Achteraf bekeken hadden ze in onze ogen altijd al ideaal en vroom geleefd, hun geloof en hun hoop werden nooit in vraag gesteld en toen ze stierven veranderde hun lichaam en alles wat ze bezaten dikwijls automatisch in relikwieën. Ik ben blij dat de mensen van vandaag dat toch wat eerlijker en nuchterder bekijken. En als ik het evangelie van vandaag bekijk, dan voel ik aan dat die uitnodiging voor het gastmaal van alle Heiligen in de eerste plaats geldt voor iedereen die opgejaagd en uitgezogen wordt in deze wereld. Want Jezus heeft vooral diegenen zalig geprezen over wie wij heen kijken en die we links laten liggen.
Zijn er eigenlijk attributen aan dewelke ge een heilige kunt herkennen? Wat roept het begrip “heilig” bij ons op? Voor mij zijn heiligen in de eerste plaats gewone mensen zoals u en ik. Ook zij wisten dat wijn lekkerder is dan water en ook zij kenden momenten van ontgoocheling en vermoeidheid, zoals iedereen. Ook zij konden en kunnen droevig, geïrriteerd en arrogant reageren. In mijn ogen zijn heiligen mensen, die hun zonden hebben erkend en ondubbelzinnig voor Christus hebben gekozen. Het zijn voorbeelden van geloof en navolging, om het even of ze in mooie purperen gewaden of in lompen gehuld waren, of ze in paleizen of in lemen hutten hebben gewoond. Onder hen vindt ge schitterende theologen maar ook analfabeten, mystiekers en arbeiders, soldaten en oorlogsslachtoffers. Kortom, het zijn mensen zoals u en ik, en het kan soms echt nuttig zijn als we hen om raad vragen voor ons eigen leven. Deze heiligen, met hun soms moeilijke of tegendraadse levensgeschiedenis staan in elk geval veel dichter bij mij dan de heiligen met een verheerlijkte levenslegende, waar ge dan moet lezen dat hij s’avonds voor het slapengaan het portret van zijn moeder afdekte omdat zij hem niet naakt mocht zien; of die andere die als pasgeboren boreling op vrijdag de borst van zijn moeder weigerde omdat alles wat vleselijk was op vrijdag zondig was!!
Voor mij is elke mens in die mate heilig waarop hij in de liefde gelooft; ook al beseft hij misschien niet dat God liefde is. Maar ik ben er zeker van dat heilig zijn geen rooms-katholiek privilege is. Dat avontuur van het heilig worden begint veeleer daar, waar mensen de weg vinden naar de armen en behoeftigen, waar ze met verantwoordelijkheid en zonder enige aanmatiging de naastenliefde en de solidariteit beoefenen. Want wie naar heiligheid streeft mag niet op de anderen neerkijken, hij moet zich bukken en de dienaar van allen zijn. Jezus prijst al diegenen zalig, die arm zijn en niemand hebben die voor hen opkomt, die vervolgd worden en onder hun tegenstanders te lijden hebben, die om hun bestaan moeten vechten en zich zorgen moeten maken om de toekomst, die leven volgens hun geweten en gewoon dat doen wat zij als goed aanvoelen, en ook diegenen die in de ogen van de wereld zo onbeduidend zijn dat ze niet als voorbeeld kunnen genomen worden.
Je zou kunnen denken dat Jezus nu net al diegenen zalig prijst die niet “in” zijn. Maar voor Hem komt het erop aan om ons duidelijk te maken dat in zijn ogen die mensen heilig zijn wier denken, voelen en streven helemaal op het rijk Gods is gericht. Daarom zijn heilige mensen die mensen die het rijk Gods tot het middelpunt van hun leven maken. Ook al plaatsen ze zich door die houding misschien in het verdomhoekje. Ze zouden ook nooit op het idee komen om zich af te vragen of ze door hun houding ooit zalig of heilig zouden worden verklaard. Die praktijk van het zalig- of heilig verklaren komt toch eerder voort uit onze menselijke behoefte naar voorbeeldfiguren. Je kan het een beetje vergelijken met de Oscar uitreiking in Hollywood of de Nobelprijzen in Zweden en Noorwegen.
Daarom wil ik op deze dag van Allerheiligen al die mensen mee betrekken die dat verlangen nar het Rijk Gods tot het middelpunt van hun leven hebben gemaakt. Dat verlangen naar het Rijk Gods zou ik ook in ons willen wekken zodat we kunnen voelen dat ook wij ons op die weg bevinden. Wij, U en ik, maken deel uit van die grote gemeenschap van heiligen en als we dat weten kunnen wij allemaal, kleine heiligen die we zijn, de kracht vinden om die weg van het geloof verder te volgen en aan dat rijk Gods mee te werken.
Amen