4° Vasten C 2009- 2010
OPENINGSWOORD
Vandaag, broeders en zusters, op de vierde zondag van de 40-dagentijd stelt de evangelist Lucas ons de parabel voor van de “verloren zoon”
en evengoed de parabel van de barmhartige Vader.
Het is een gelijkenis over een God “een vader” die zo bezorgd is voor ons allen, dat Hij wacht op ons en geen vrede kan nemen, dat één van zijn kinderen verloren gaat. Hij wacht op ons en ziet ons reeds van in de verte
Zijn wij bereid om te breken met onze hoogmoed en
om onze kleinheid in te zien?
Mogen wij in deze eucharistieviering tot inzicht komen,
dat enkel bekering en verzoening tot God, ons nieuw leven kan schenken.
SCHULDBELIJDENIS
Vader, wij hebben misdaan tegen de hemel en tegen U.
Moge de barmhartige God ons omarmen,
ons in zijn liefde terug opnemen
en ons eenmaal thuis brengen in een eeuwig samenleven. Amen.
OPENINGSGEBED
Goede God,
wij hebben gezondigd en zijn verlamd;
wij hebben de macht niet om uit eigen kracht op te staan.
Wie immers kan verzoenen, dan Gij alleen.
Zie neer op ons geloof, wees voor ons een barmhartige Vader.
Wij vragen het U door Christus onze Heer.Amen.
4° Vasten C 2009- 2010
SCHULDBELIJDENIS
Onze hoogmoed is vaak groter is dan ons schuldbewustzijn.
Vergeef het ons; schenk ons uw barmhartigheid.
Wij zijn van God verwijderd
en vinden de kracht niet om in gebed tot God te komen.
Heer, ontferm U over ons.
Wij vinden ons vaak heel belangrijk
zoals de oudste zoon uit de parabel;
we kunnen zo moeilijk tot verzoening komen
tegenover God en onze medemens.
Vergeef het ons; Schenk ons uw barmhartigheid.
Heer, ontferm U over ons.
Wij halen allerlei argumenten aan om het delen van ons bezit
“als verloren geld” te beschouwen.
Als christenen worden wij opgeroepen
om “echt” broederlijk te delen
met kansarmen en noodlijdenden.
Schenk ons uw barmhartigheid.
Heer, ontferm u over ons.
VORMELING
Wanneer wij gesloten blijven
voor een verzoenend gebaar
en steeds onze eigen wil doordrijven.
Vergeef het ons;
Schenk ons uw barmhartigheid.
Heer, ontferm U over ons.
4° Vasten C 2009- 2010
In de 1° lezing horen we hoe het volk van God, na een lange en harde tocht
door de woestijn aankwamen in het – door God – beloofde land.
Dankbaar om wat ze van God hadden verkregen
vierden ze het paasfeest. Ook aan ons wordt het “beloofde land” toevertrouwd;
God vraagt van ons inzicht en bekering.
LEZING UIT HET BOEK JOZUA ( 5, 9a. 10-12)
Toen de Israëlieten na een zwerftocht van veertig jaar
de Jordaan waren overgestoken,
sprak de Heer tot Jozua:
“In Egypte werd Gij vernederd
en als slaven behandeld;
vandaag stel Ik daar voorgoed een einde aan.”
Terwijl de Israëlieten in Gilgal verbleven,
- in de vlakte van Jericho -
vierden zij het paasfeest
in de avond van de veertiende van die maand.
De volgende dag aten zij voor de allereerste keer
ongegist brood en geroosterd koren
dat van het land zelf afkomstig was,
en de dag daarop viel er geen manna meer.
Zij konden eten wat het land voortbracht.
voortaan kregen de Israëlieten geen manna meer.
Heel het eerste jaar leefden zij
van wat het land Kanaän opbracht.
4° Vasten C 2009 – 2010
VOORBEDEN
Bidden wij voor alwie in rijkdom een oppervlakkig leven leiden;
dat ze de genade mogen ontvangen
om ook de innerlijke rijkdom van het leven te ontdekken:
laten wij bidden:
Bidden wij voor de mensen met wie wij in deze veertig-dagentijd willen delen;
dat onze gave een delen en breken is vanuit het hart:
laten wij bidden:
Bidden wij voor hen die eenzaam
de weg van het kwaad zijn ingeslagen;
mogen zij bij liefdevolle mensen ervaren
dat vergiffenis schenken verwijst naar Gods barmhartigheid:
laten wij bidden:
2
VORMELING
Dat wij als toekomstige vormelingen ons
bewust zouden worden
van eigen fouten en tekorten;
Dat wij Gods hulp vragen
om alles terug goed te maken:
laten wij bidden:
4° Vasten C 2009- 2010
NA DE COMMUNIE
De barmhartige Vader,
een gekromd man met een gebroken hart,
versleten van het wachten;
blind van het wenen
en uitkijken dag en nacht
naar hem, die niet kwam.
Eindelijk ziet hij hem
van in de verte aankomen;
de oudste zoon, wrokkig
omdat hij zich misdeeld voelt..
Hij deed toch alles goed,
zoals het hoort;
en toch kreeg hij nog geen bokje
voor zijn vrienden.
De jongste zoon drukt zijn hart
tegen het kloppend hart vaderhart.
Hij is bereid alles te doen
om zich weer opgenomen te voelen.
Zijn enige zekerheid is:
VADER, IS LIEFDE !
De jongste zoon aanvaardt:
ik ben bemind.
Ik wordt opnieuw geboren..
Wat gaat er ondertussen
bij de oudste zoon om ?
Wat voelen wij bij dat verhaal?
Zijn wij als de jongste ?
of als de jongste?
4° Vasten C 2009-2010
VOORBEDEN
Broeders en zusters,
bidden wij tot God in vertrouwen, dat Hij ons steeds in liefde nabij is.
God onze Vader,
geef ons de levenshouding van Jezus, uw Zoon.
Toon ons uw barmhartigheid.,
niet omdat wij het hebben verdiend,
maar omdat Gij mild zijt aan vergeving.
Door Christus onze Heer. Amen.
GEBED OVER DE GAVEN
Heer,
vol vreugde bieden wij U deze gaven aan
waarmee Gij ons opnieuw doet leven.
Geef ons oog voor uw barmhartigheid
want Gij zijt steeds bereid om ons vergiffenis te schenken.
Amen.
SLOTGEBED
God, onze Vader,
wij danken U voor het levende brood
en de heilzame beker,
de overvloed van uw barmhartigheid,
zoals in de parabel van de verlozen zoon.
Schenk ons uw Heilige Geest;
laat uw woord ons hoopvol doen leven met elkaar;
dat wij op onze beurt aan anderen vergiffenis schenken.
Amen.
ZENDING
God is barmhartig; Hij wacht en ziet ons van in de verte.
Moge deze zin uit het evangelie een opdracht zijn voor ieder van ons
om innerlijk vernieuwd naar Pasen toe te leven.