Ik ben vandaag zo vrolijk, zo vrolijk was ik nooit!" Geen lied voor alle dagen, maar toch. . .Door omstandigheden de weg kwijt, dat overkomt iedereen wel eens, in het wegverkeer en ook op het levenspad. Maar een gezonde mens beleeft evenzeer het tegendeel. Dat is niet alleen een kwestie van een goed humeur. Nee, voor een groot deel van ons leven kunnen we het zekere idee hebben dat we op koers liggen. Dan hoeven de omstandigheden niet eens zo fantastisch te zijn, nog lang niet alles voor de wind te gaan, maar de goede moed zit er in en gaat er niet zo maar uit.
Je hebt een ziekte opgelopen. Och, een hoop lotgenoten geneest ervan en je voelt de warmte van vrienden die meeleven. Je bent je baan kwijt geraakt, maar niet het vertrouwen in eigen kracht en kunde, want collega’s hebben dat erkend en wijzen terecht op de gunstige arbeidsmarkt. Zin in een studie, in het werk, in het leven, dat heeft veel, zo niet alles te maken met bemoediging van anderen. Sommige werkgevers zeggen wel eens: “Als je maar genoeg betaalt zijn ze tevreden”. Niets is minder waar dan dat. Goed betaald en nooit een woord van belangstelling, van erkenning, van waardering, die werknemer smeert ’m vandaag of morgen op zoek naar een werk- of leefplek die het gevoel geeft goed bezig te zijn.
Dat geldt natuurlijk ook voor de totale manier waarop we in het leven staan. Wie in goede harmonie verkeert met familie, vrienden, collega’s en buren, die weet dat hier de goede koers gevaren wordt. Wie naar vermogen aandacht en steun geeft aan kinderen die het moeilijk hebben, die weet dat dit een prima levenstaak is. Wie tijd en zorg geeft een gehandicapten, aan bejaarden of gewoon aan mensen vlakbij of wat verder weg, die weet op weg te zijn naar die betere wereld waar allen van dromen en sommigen iets voor doen om ze echt dichterbij te halen. Of we wel of niet goed bezig zijn dat weten we echt wel. Hoe we dat weten? Dat is niet omdat we via een stem uit de hemel of zo dat hebben gehoord. Of misschien toch wel, want dat bemoedigend woord van links of rechts, dat kan ons wel degelijk als een stem uit de hemel in de oren klinken. Dat geeft nieuwe kracht om er mee door te gaan en dat is soms extra nodig.
Christenen kunnen het in dit opzicht nog gemakkelijker hebben dan niet-christenen: Zij kunnen zich spiegelen aan de woorden en daden van Jezus van Nazareth. Omdat ze dat doen daarom heten christenen zo. Die woorden en daden zijn een extra stem uit de hemel.
Vandaag lezen we een verhaal van drie prominente eerste christenen die deze bemoediging hebben ervaren, Petrus, Johannes en Jacobus. Ze zouden het ook nog meer nodig hebben dan de anderen. Met het vernemen van die bemoediging stonden ze in de lijn van de oude profeten, Mozes en Elia en van Jezus zelf. Die stem uit de hemel, vanuit hun eigen overtuiging, van mede-christenen en van Jezus van Nazareth, daar hebben ze niet altijd, maar wel meestal oor naar gehouden en daarom hielden ze het vol.
Behalve dat luisteren naar die bemoedigingen, die stemmen uit de hemel, hebben we er nog een taak bij: Christenen dienen voor anderen die stem te zijn, vooral voor degene die de weg kwijt is geraakt, uit de koers, de moed verloren. Het kan niet vaak genoeg en ook niet algemeen genoeg waar zijn op onze levensweg: “Ik ben vandaag zo vrolijk, zo vrolijk was ik nooit.” Dat wens ik u en mijzelf toe.