Abraham geloofde de Heer (Gen. 15,6)

C-cyclus · Vasten · 2e zondag van de Vasten · paars

Vader Abraham, er wordt er van alles over hem verteld, zelfs dat hij niet bestaan heeft. Zelfs bij die laatste hypothese is hij interessant. Hoe zijn mensen erin gelukt verhalen te schrijven met zo een blijvende invloed! De bijbel reikt in Abraham een model aan voor elke gelovige.

Buitenbijbelse bronnen zijn er (haast) niet. Volgens de bijbel leefde hij in de 18° eeuw voor Christus en kwam hij uit Oer in Chaldea (ZJ 322). Johannes Paulus had een bedevaart gepland in aanloop naar het jaar 2000, maar de verwikkelingen in het Nabije Oosten met Irak lieten het niet toe.

De Bijbelse verhalen (Gen. 12-25) hebben doorheen de tijd veel bewerkingen ondergaan. Uiteenlopende tradities zijn samengebracht, bepaald door verhoudingen tussen stammen. Het werd een verhaal van patriarchen, waarvan Abraham de eerste is, opgevolgd door zijn zoon Isaak en zijn kleinzoon Jacob. De drie grote godsdiensten beroepen zich op Abraham. In de Open Deur, Taborastraat Brussel hing geruime tijd een affiche voor het raam met een voorstelling over de kinderen van Abraham. Een oecumenische stamboom, waar regelmatig om gevraagd wordt.

Joden, christenen en moslims hebben een gemeenschappelijke stamvader, al zeggen ze niet helemaal hetzelfde over hem. Elk jaar op de tweede zondag van de Vasten komt Abraham bij ons in de eerste lezing. Om die reden houdt de kerk in Zwitserland op die zondag een Dies Judaicus. Dit helpt om bewust te worden van de gemeenschappelijke banden tussen christenen en joden. Paulus sprak in dit verband over de knoestige olijfboom met oude en jonge enten (Rom.11,17). Anderzijds onderscheidt hij tussen de kinderen van Abraham naar het vlees en deze naar de geest. Wie dit door zijn leven kon bevestigen was kardinaal Lustiger (1926-2007), opgegroeid als belijdende Jood. Hij werd katholiek zonder zijn Joods geloof te verzaken. Bij zijn uitvaart in Parijs had het Joodse kaddisj gebed daarin een plaats.

De moslim beschouwt Abraham als de eerste moslim in de geschiedenis, de eerste monotheïst en het model van de gelovige. Met hem begint het bedevaarten naar Mekka. Van hem komen de voornaamste riten in de islam. Hij is volgens de Koran de echte stichter van het moslimgeloof. In die zin verschilt de Koran van het Oude en het Nieuwe testament. Daar is Abraham ‘het begin’, dat wacht op een vervolg en een vervulling. In het Eerste Testament wordt Israël een volk na de patriarchen, dankzij Mozes. De God van Abraham, Isaak en Jacob (Ex. 3, 6.15) openbaart zich als “YHWH, de HEER; uw God, die u uit Egypte, uit het slavernij, heeft weggeleid” (Ex. 20,2).

In het NT wordt de God van Abraham de Vader van Jezus Christus in wie alle beloften zich vervullen. Niets daarvan in de Koran, waar er nergens expliciet sprake is om een stap te zetten die verder reikt dan Abraham. Het is met deze patriarch dat het toppunt van het geloof in de enige God werd bereikt. De enige verdienste van de profeet Mohammed is dat hij terugvoerde tot de bronnen van de ene en enige God. Je moet niets toevoegen aan Abraham, niets wijzigen, niets aanvullen, want alles is in hem gegeven. De Koran benadrukt meer dan de joodse en christelijke tradities de verheven voorrang van Abraham op al wat volgt. Het volstaat terug te keren tot de zuiverheid van de oorsprong bij Abraham om de enige, ware God te vinden en het ene ware geloof. Dat is de grote verdienste van de profeet Mohammed (Jean Louis Ska, Abraham, Père de croyants différents in Lumière et Vie, 2005, n° 266, p. 55).

De verschillen tussen de drie godsdiensten zijn niet minimaal. Toenadering komt daarheen het dagelijks contact en de waardering om wie de andere is (Toon van Bijnen, Wegen tot ontmoeting, Halewijn, 2011). Abraham staat in Gen 12 aan een begin van een avontuur. Trek weg uit je land. Snijd de banden af met je verleden. Wat een risico. Hij vertrekt naar het onbekende met een zending. Hij krijgt Gods zegen. Zo velen zijn onderweg, laten have en goed achter (Carlos Meesters, Abraham en Sara, 1981). Geraken ze in het beloofde land? Abraham was 75 (!); wanneer hij (samen met anderen) zijn streek verliet. God wordt zijn verbondspartner. Hij belooft hem land en toekomst. De te materiële invulling hiervan heeft vele conflicten en spanningen veroorzaakt. De belofte van land en bezit, daarover en daardoor is al zo veel gestreden. Abraham bleef lang kinderloos. Van de belofte leek niets in huis te komen. Bij Hagar, zijn slavin, kreeg Abraham zijn zoon Ismaël; van Sara, zijn vrouw, kwam later Isaak. Als Abraham stierf, hebben de beide zonen hem begraven in de grot van Machpela, dicht bij Mamre (Gen. 25;9). Bij die twee zonen ligt de kiem van een langdurig conflict en ook een vonk van vrede (Shalom Ben Chorin, Die Erwählung Israels). De Palestijnse kwestie belast al tientallen jaren de vrede.

God, de soevereine, gaat met Abraham een verbond aan. Het is prachtig beschreven naar Oosterse gebruiken bij het afsluiten van contracten. Het verschilt van de vereiste ratificatie door parlementen en behoeft geen gouden pen. Het gebeurt in het unieke kader onder het uitspansel met de talrijke sterren. Wie ooit in de woestijn was, kan zich het heerlijk beschreven tafereel uit Genesis goed voorstellen.

Abraham geloofde en vertrouwde op de HEER en deze rekende hem dit toe als een rechtvaardige daad. Door zijn geloof werd Abraham een gerechte in de ogen van God. Hij werd daardoor zijn vriend. Vanuit dit vertrouwen van Abraham schreef Paulus in zijn brief aan de Romeinen dat wij vrijgesproken worden door te geloven (Rom. 3,28).

Zoeken in Preken Online