Pinksteren C - 2007

C-cyclus · Paastijd · Pinksteren · rood

U kent ze ongetwijfeld ook: die reclamespotjes waarin konijntjes goed van katoen geven, hetzij in een loopwedstrijd, hetzij in bergbeklimmen en dan is er dan ene konijntje dat net nog iets verder geraakt dan de andere. De uitleg is voor de hand liggend: dat ene konijntje heeft een batterij van dat bepaald merk en dat is natuurlijk een merk dat langer meegaat dan de andere. Het is misschien op het randje van heiligschennis, maar dit reclamespotje doet mij altijd denken aan de heilige Geest. Stel dat wij allemaal voorzien zijn van batterijen, de ene al wat beter dan de andere. Is het dan zo moeilijk ons in te beelden dat de heilige Geest er net voor zorgt dat wij het ietsje langer kunnen volhouden? Menselijk gezien was de batterij van de leerlingen op na de verschrikkingen die gebeurden met hun leidsman. Het vuur was er uit, het enige wat nog overbleef was angstig onderduiken, mijmerend aan hoe goed het geweest was. En dan, “out of the blue” (bijna letterlijk), komt het inzicht dat dit alles moest gebeuren. Het is een inzicht dat ingegeven is door Iemand anders. Eens begeesterd vliegen deuren en ramen weer open en wordt luidkeels van de daken geschreeuwd dat Jezus verrezen is. Het vuur dat opnieuw ontstoken is in het hart van de leerlingen is zo hevig dat het uitslaat in tongen van vuur. Een formidastisch verhaal van hoe de Geest als wind van verandering nieuw leven kan opwekken in door angst getergde mensen. Hoe mooi het verhaal ook mogen wezen dat we in Handelingen vinden, het enthousiasme dat uit dit verhaal druipt vinden we niet terug in het evangelie. Men spreekt er daar ook wel over dat de leerlingen de heilige Geest ontvangen, maar dan in een heel ander verhaal. Het verhaal dat we dit jaar lezen vinden we bij Johannes.

We zitten opnieuw in de gesprekken die Jezus voert met Zijn leerlingen, net voor Hij gaat lijden. Hij vraagt Zijn leerlingen Zijn geboden te onderhouden, tenminste als ze Hem liefhebben. Dat laatste is cruciaal om het goed te begrijpen: wanneer men iemand liefheeft, dan zal men proberen te leven zoals die persoon dat wil. Dat is geen kwestie van je eigen identiteit opgeven, neen, dat is gewoon liefhebben. De wegwijzers die we van God en Jezus meekregen tonen ons een weg van liefde jegens God en elkaar die zich uit in eerbied en respect voor God en de andere en diens bezittingen. Als we proberen zo te leven, dan zal God altijd bij ons aanwezig zijn door Zijn heilige Geest. Hij zal ons de bril van het geloof aanreiken om het leven op een andere, diepere manier te lezen dan de maatschappijbril die niet verder kan kijken dan presteren en consumeren.

Maar waar zit die heilige Geest anno 2007? Zelfs na meer dan tweeduizend jaar is Hij nog altijd onzichtbaar en nog altijd werkt Hij enkel als mensen Jezus liefhebben. Je kan nooit iemand helpen die geen hulp wil. Ook God breekt niet binnen in ons leven, Hij klopt aan de deur. En het rare van die deur van ons hart is dat ze enkel van binnen kan geopend worden. God kan dus ook niet anders dan wachten tot wij opendoen. Eens wij ons hart geopend hebben voor Jezus, zal de Geest zijn werk doen. Hij laat ons op een andere manier naar het leven kijken, geeft ons net dat duwtje in de rug om verder te kunnen gaan dan wat gewoon menselijk kan. Wie echt zijn hart opent voor God en Jezus, zal constateren dat de Geest ook vandaag nog je hart in vuur en vlam kan zetten. Dat vuur wordt gevoed door liefde, het is liefde die wij geloof noemen en die ons in staat stelt bergen te verzetten.

Het is die Geest die troost brengt als het leven (te) hard is en ons geestelijk reanimeert door ons nieuw leven in te blazen, die ons leert relativeren als de Kerk regels maakt die meer getuigen van kleinmenselijkheid dan van Gods onvoorwaardelijke liefde, die ons inspireert om te getuigen van het Blijde Nieuws dat in ons hart opflakkert, die ons wakker schudt als onrecht geschiedt, …

Allemaal mooi, maar soms vraagt een mens zich af waar die Geest is, soms lijkt het alsof dat klein vlammetje van geloof gedoofd is. Het komt er dan op aan je niet af te sluiten, zoals de bange leerlingen, maar je hart te openen of op zijn minst toe te laten dat mensen die door naastenliefde je medemensen geworden zijn, te laten proberen een nieuwe opening te maken door te blijven houden van, door te blijven geloven. Ik weet dat niet eenvoudig is, ik kan dan ook niet anders dan op deze dag van Pinksteren dankbaar te zijn voor de vele mensen die het vuur bij mij brandend gehouden hebben, ook al hebben stormen in mijn leven het wel eens uitgeblazen. Ik dank de Geest dat Hij blijft proberen te werken in mij, dat Hij mij doet bidden en werken. Aan ieder van u een zalig Pinksterfeest!

Zoeken in Preken Online