Wat staan jullie daar toch naar de hemel te kijken? (2007)

C-cyclus · Paastijd · Olh hemelvaart · wit

Als je lukraak aan mensen zou vragen waar het op hemelvaarts­dag om gaat, dan is de kans groot dat je één van deze drie antwoorden te horen krijgt:\

  • hemelvaartsdag? Daar zit een mooi, lang weekend aan vast. Voor de rest… schouderopha­len.
  • ofwel krijg je een verhaal te horen dat veel weg heeft van een ballonvaart maar dan zonder ballon. Frons je dan even de wenk­brauwen, dan zit het er dik in dat het woord ‘mirakel’ uit de hoed wordt getoverd.
  • ofwel - en misschien erkennen velen onder u zich hierin - reageert men wat ongemak­kelijk. Ja, het is een kerkelijke hoogdag. Maar hoe het juist zit met dat ’ten hemel varen’… daarover houdt men zich voorzichtigheidshalve op de vlak­te.

Die derde groep bevindt zich in goed gezelschap. Want ook onze evangelist Lucas lijkt het allemaal niet zo goed te weten.

Lucas is de auteur van onze beide lezingen. De eerste was het begin van zijn tweede boek, geschreven ergens tussen het jaar 80 en 90, en dat wij kennen als ‘de Handelin­gen van de Aposte­len’. Onze evange­lielezing was het slot van zijn evange­lie dat hij tien jaar eerder schreef.
In dat evan­gelie schrijft hij we dat Jezus, op de dag dat Hij verrezen is, eerst verscheen aan de twee leerlingen van Em­maüs, daarna aan alle leerlingen en aan het einde van die verschij­ning leidde Hij hen tot in de buurt van Betanië waar Hij ten hemel werd opgeno­men. In zijn evangelie laat Lucas dus verrijzenis en hemel­vaart op dezelfde dag plaatsvinden.
Tien jaar later, in zijn tweede boek, situeert diezelfde Lucas de hemelvaart van Jezus 40 dagen ná Pasen! Op zijn minst vreemd.

Maar er zijn nog meer vreemde dingen.
Volgens Lucas werd Jezus “voor hun ogen omhooggehe­ven en een wolk onttrok Hem aan het gezicht”. De leerlingen stonden er dus op te kijken. Als je getuige mag zijn van zo’n evene­ment, dan denk ik dat je daar zó van onder de indruk bent dat dit beeld voor eeuwig en drie dagen op je netvlies gebrand staat, en dat je daar links en rechts, en zeker binnen je eigen kring, in geuren en kleuren over zult vertel­len. En toch lezen wij over dat imposante gebeuren niets bij Marcus, niets bij Mattheüs noch bij Johannes; en ook Paulus en de andere briefschrijvers uit het Nieuwe Testament schijnen nooit van een hemelvaart gehoord te hebben. Ze zeggen wel dat ‘Jezus is opgeno­men in de heerlijkheid van God [dat hopen wij van onze dierbare overledenen ook] en dat Hij zetelt aan zijn rech­terhand’ maar over het gebeuren zelf - dat omhooggeheven worden waar de leerlingen op stonden te kijken tot een wolk Hem aan het gezicht onttrok - daar lijkt niemand iets van te weten. Be­halve Lucas dan - die er zelf niet bij was, want hij behoorde niet tot de twaalf.

Het verhaal over de hemelvaart is dus niet te vinden op plaatsen waar je dat zou verwach­ten… wel waar je het niet zou verwachten, namelijk buiten het Nieuwe Testament en ook buiten de Bij­bel. Zo wordt in het Oude Testament bijvoorbeeld de pro­feet Elia in een wagen, getrokken door vurige paarden, ten hemel gevoerd (2 Kon. 2,11). Ook in oude Romeinse en Griekse geschriften staan verhalen over helden die ten hemel zijn gevaren: Her­acles onder andere, en Oedipoes en Romulus, en Alexan­der de Grote.

Wat kun je daar nu uit concluderen?\

  • Hemelvaartverhalen behoren tot een bepaald literair genre dat in een ver verleden alom bekend was, maar in onze tijd in onbruik is geraakt.
  • Hemelvaartverhalen zijn geen reportages, geen beschrijvin­gen van iets dat zus of zo gebeurd is, maar verhalen met een boodschap. Geen boodschap over de wijze waarop iemand de aarde heeft verlaten, maar een boodschap over de wijze waarop iemand op aarde heeft geleefd. Een hemelvaart kan alleen maar worden verteld over mensen met een zo hoogstaande levenswandel dat de nabestaanden vinden dat aan al dat goeds niet zomaar een einde mocht komen door een banale dood die het lot is van elke gewone sterveling.

Dit zet ons op het spoor van wat Lucas bedoelde met zijn hemel­vaartverhaal. Het is een aanschouwe­lijke voorstel­ling om duidelijk te maken hoe intiem de band was tussen de aardse Jezus en zijn Vader. Die band was zo intiem dat God Hem, na zijn aardse leven, helemaal in zijn heerlijk­heid heeft opge­nomen.
Niet met zijn verhaal, maar wel met de diepere boodschap van zijn verhaal zit Lucas op dezelfde lijn als zijn collega’s-evan­gelis­ten, op de lijn van Paulus en van de andere schrij­vers uit het Nieuwe Testa­ment.

De boodschap van de Hemelvaart is dus een variatie op het paas­thema. Want wat is de verrijze­nis anders dan dat God zijn hand uitsteekt en het leven van Jezus, over de dood heen, naar zich toehaalt. In zijn evangelie geeft Lucas aan die link tussen Hemelvaart en Pasen een extra klemtoon door die twee gebeurte­nissen op dezelfde dag te situeren. In zijn latere versie, die in de ‘Handelingen van de Apostelen’, legt hij een andere klemtoon zonder aan de boodschap zelf iets te veranderen: daar situeert Lucas zijn verhaal in de tradi­tie van het in de Bijbel mythische getal 40: 40 jaar Israël in de woestijn, 40 vastendagen van de profeet Elia, 40 vasten­dagen van Jezus, 40 dagen tussen Pasen en Hemelvaart.

Lucas heeft zijn tweede hemelvaartversie nog op een ander punt bijgewerkt. In tegenstel­ling tot zijn evangelieversie voert hij in de ‘Hande­lingen’ twee mannen in het wit ten tonele, die tot de leerlingen zeggen: “Jezus komt nog wel terug; sta daar niet zo werk­loos naar de hemel te staren”. Met andere woorden: ‘Heren leerlingen, ga nu maar zelf aan de slag!’. Jezus weg, betekent dus dat zijn volge­lingen hun verantwoorde­lijkheid moe­ten opnemen. Geen passief luisteren meer naar wat verkon­digd wordt, maar de handen uit de mouwen steken; zelf de verkondiging ter harte durven nemen. Iedereen - elk met zijn eigen moge­lijkheden en beperkt­heden - wordt gezonden om mee te werken aan de opbouw en uitbouw van de ge­loofsge­meen­schap, inclusief de eigen kerkgemeenschap.
Als wij af en toe op uw medewerking beroep doen om op een of andere manier het ge­loofsgebeuren in en om onze Witte Kerk mee te dragen, dan ligt dat dus helemaal in de lijn van de boodschap van Onze Lieve Heer Hemelvaart. Want vlak voor Hij omhoog werd ge­heven zei Jezus: “Wanneer de heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en mijn getuigen zijn”. Totdat Hij weder­komt is het de verantwoor­de­lijkheid van ons allemaal om samen kerk te zijn. De tijd van werkeloos staren naar de hemel, is voorbij.

Zoeken in Preken Online