Heilige Familie – jaar C

C-cyclus · Kersttijd · Heilige familie · wit

Homilie op Kerstdag 2012: Concerto in de kerststal voor eenzame mensen!

In 2003 schreef Kard. Danneels een kerstbrochure “Over de eenzaamheid”. Ze is nog altijd actueel, want meer dan ooit legt ze de vinger op een verborgen wonde in onze welvaartsmaatschappij. Op 11 december l.l. las ik op de frontpagina van De Standaard dat een kwart van de Belgen zich eenzaam voelen.

In de zomer van dat jaar werden we schrijnend ermee geconfronteerd. Toen bleek dat in Frankrijk 15.000 mensen stierven, helemaal alleen. Niemand van de familie had het opgemerkt of had het willen weten. 57 mensen, die niemand van de familie had opgeëist, werden op één dag samen begraven in “le carré des indigents”, zeg maar de vergeethoek van een kerkhof. Alleen de president van de republiek was samen met de eerste minister gekomen om de leegte rondom de doden wat op te vullen. En, als het regent in Parijs, druppelt het in Brussel. Ik heb het eens meegemaakt in een uitvaartdienst van een oude man in de Sint-Pieterskerk. Er waren juist geteld 2 aanwezigen: de aalmoezenier en een personeelslid van het rusthuis. En dan stel je jezelf de vraag: Hoe eenzaam heeft die man geleefd voor zijn overlijden?

De grote kwaal van onze tijd is wellicht de eenzaamheid. De pijn van het alleen zijn wordt sterk gevoeld in deze kerstdagen. Het knallen van de kurken en het vuurwerk op het scherm, straks bij de overgang van oud naar nieuw, maakt mensen die alleen zijn nog verdrietiger.

Dat verdriet om het alleen zijn knaagt niet alleen bij mensen die solo door het leven gaan: mensen die hun partner of een dierbare in het voorbije jaar verloren hebben en dit jaar voor de eerste keer Kerstmis vieren zonder hem of haar, zonder hun zoon of dochter; ongewild celibatairen, echtgescheidenen, zieken, bejaarden… Alleen zijn tref je evenzeer aan binnen echtparen: omdat ze elkaar affectief niet vinden, omdat ze elkaar overvragen of elkaar niet nemen zoals ze zijn… Ook in vele families is er vereenzaming: ouders van wie getrouwde kinderen nooit meer naar huis komen omwille van een ongepast woord, een financiële regeling…; grootouders die alle contact met hun lieve kleinkinderen missen. Geen bezoekje, zelfs geen kaartje met Kerstdag en Nieuwjaar. Er zitten er hier ongetwijfeld in de kerk die precies daarom zoveel verdriet kennen in deze dagen.

Nog nooit zijn er zoveel mogelijkheden geweest tot contact en communicatie (telefoon, fax, e-mail, chatbox, internet…), nog nooit was de mobiliteit zo groot en nog nooit is er zoveel eenzaamheid geweest.

Voldoende redenen voor vele eenzame mensen om zich los te maken van het kerstvertier in de feeëriek verlichte straten en van de cadeautjes en goed voorziene spijskaarten thuis om in de kerk even te mijmeren bij de kerststal.

Daar tref je schapen aan. Een schaap is een kuddedier. Schapen lopen achter elkaar aan, zoeken elkaar op en warmen zich aan elkaar. Schapen hebben een sterke boodschap voor onze harde en kille maatschappij. Zij leren ons dat we elkaar niet voorbij mogen lopen, dat we ons aan elkaar moeten warmen.

Warmen, dat kon zich het Kind in de stal aan de os en de ezel. Vele mensen voelen zich eenzaam omdat ze een zware kar moeten trekken. Ik wens hen de sterkte toe van een os, kracht naar kruis. Sommige mensen die zich onbaatzuchtig inzetten voor een betere wereld en Jezus’ boodschap van menslievendheid onverkort proberen te beleven, voelen zich geïsoleerd en vereenzaamd. Ik wens hen de koppigheid van de ezel.

Kijkend naar de arme herders bij hun schapen kun je leren dat je elkaar in een familie of buurt bijeen moet houden, geborgenheid bieden en op zoek gaan naar wie verloren loopt.

Als je je eenzaam voelt omdat je niet begrijpt wat er je te wachten staat, kijk dan even naar Jozef en Maria. Jozef leert je in alle bescheidenheid trouw te blijven aan je verantwoordelijkheid, ook al snap je niet altijd waarheen die trouw je leiden zal; hij leert je te leven met onzekerheden en opgewassen te zijn tegen teleurstellingen. Van Maria kun je leren gelovig te beamen wat je overkomt. Zelfs de Beatles zongen over haar: “Als alles donker is… Mother Mary comes to me, speaking words of wisdom… Let it be.” “Mij geschiede naar uw woord.”

Vooral het Kindje, in doeken gewikkeld, komt uit de doeken doen dat je voor anderen een zegen kan zijn als je met wijdopen armen en open handen leeft, als je elkeen neemt en waardeert zoals die is, als je niemand isoleert, als je toegankelijk bent voor iedereen.

Boven de stal vertelt de engel wat het Kerstekind ons komt vragen, namelijk dat wij met veel goede wil engelen van mensen zouden worden, boodschappers van goed nieuws in onze miseriezwangere wereld: niet doof of blind voor wat anderen beroert.

Het zou mooi zijn in deze dagen, als je je eenzaam voelt, lieve mensen te mogen ontmoeten die je nabijheid en geborgenheid bieden. Het zou mooi zijn als je zelf de eenzame mensen in je omgeving wat warmte biedt. Zoek die vereenzaamde mensen niet te ver. Elkeen kent wel een eenzame vader of moeder, zoon of dochter, broer of zus in eigen familie, iemand in zijn werkkring of buurt die wacht op een woord of een gebaar van begrip en medeleven.

Dan voelt al wie eenzaam is in die menslievende mensen, net als in het Kerstekind, Gods menslievendheid. Dan verschijnt Gods menslievendheid in elk van ons. Dan wordt het in de kerststal een concerto voor eenzame mensen. Zalig is dat!

Ik wens elkeen van harte een vredig en Zalig Kerstfeest.

Gab. Buyse, pastoor-deken em. Tielt


Homilie op het Feest van de H. Familie

Tielt, 30 december 2012

Op de uitnodiging voor de viering van het gouden huwelijksjubileum van ons vorstenpaar in 2009 stond te lezen: “De mooiste reis op aarde is de reis naar elkaar toe.”

Ik vermoed dat alle mensen die trouwen dromen dat hun huwelijk de mooiste reis op aarde zal worden: een onverwoestbaar stukje paradijs. En toch wordt het huwelijk soms geen stukje paradijs, maar een paradijs in stukjes.

Daarom zou ik graag enkele wegwijzers willen aanreiken voor een gelukkig huwelijk.

Ik zal het doen aan de hand van een sprookje, namelijk dat diepzinnige sprookje “Le Petit Prince” van de Franse schrijver Saint-Exupéry.

Het verhaal is eenvoudig, zoals in elk sprookje.

Dat prinsje komt gevlogen uit zijn planeet B 612, - sommigen zeggen dat je daarin een symbolische betekenis moet zien als “la planète bien sise et douce”, - het ontdekt hier op aarde een mooie roos, waarvan het denkt dat ze uniek is, maar raakt heel vlug diep ontgoocheld bij het zien van 5000 gelijkaardige rozen in een tuin. Een tragische vaststelling! Totdat het prinsje de vos ontmoet, een heel slim beest. Die zal aan het prinsje uitleggen niet alleen hoe een roos uniek wordt tussen de vele andere rozen, maar ook hoe een mens voor een ander uniek wordt en blijft, zoals we het zingen in het liedje “Zoals de mijne is er maar ene.” Je moet, zo zegt de vos, elkaar “tam maken” (in het Frans “apprivoiser”), wat in feite betekent: “een band van vriendschap scheppen.”

Dat onderstelt drie voorwaarden. Je kunt ze zo goed toepassen op de opbouw can een goede huwelijksrelatie.

Eerste voorwaarde: “Je moet veel geduld hebben”, zegt de vos aan het prinsje. “Eerst moet je wat ver gaan zitten, maar dan mag je lek dag wart dichterbij komen.”

Sommige jonge mensen doen het op onze dagen net andersom. Ze lijden aan de microgolfkwaal of de computerkwaal: alles moet vlug gaan. Ze zitten heel vlug dicht bij elkaar en even vlug weer ver uit elkaar. Ze missen het geduld om rustig naar elkaar toe te groeien. Ze vergeten dat de mooiste bomen altijd het traagst groeien.

Elkaar leren kennen en waarderen zoals je bent, dat is een hele opgave: elkaar graag zien en toch jezelf blijven. Liefhebben is meer lief dan hebben en kunnen zeggen: “Zoals je bent, - en niet zoals ik je droom, - zo zie ik je graag. Herman De Coninck verwoordde het raak: “Vroeger hiel dik alleen van je ogen,

Nu ook van de kraaienpootjes ernaast.”

Probeer daarom elkaar niet te overvragen of te veranderen. Een vrouw heeft geschreven: “De meeste getrouwde vrouwen proberen hun man te veranderen en, als ze hem veranderd hebben, vinden ze hem niet meer leuk.”

De kunst is elkaar leuk te vinden zoals je bent. Dat vergt respect en geduld. Geduld lost meestal veel op. Overhaasting maakt veel onherstelbaar kapot.

De tweede voorwaarde voor echte vriendschap en tevens voor een goede relatie is: “Kunnen zwijgen”. “Ik zal je bekijken uit de hoek van mijn oog en je mag niets zeggen”, zegt de vos aan het prinsje. Dat lijkt een uitzonderlijke raad. Ofschoon! Luisterbereidheid, de innerlijk ontvankelijkheid om te vernemen wat je partner wil of denkt, de kunst van het zwijgen is zo belangrijk.

Een impulsieve vrouw vloog eens hard uit tegen haar man. Maar die man zweeg. Heel vervelend: je kwaad maken op iemand die niet reageert. Maar plots zei die vrouw: “Man, heb je niet gehoord wat ik gezegd heb?” Waarop de man antwoordde: “Neen! Maar je moet het toch niet herhalen.”

Aan Franciscus van Sales vroeg een vrouw: “Wat moet je doen om heilig te worden,” Waarop de minzame heilige antwoordde: “Gelieve de deuren zacht te sluiten.” Een goed raad voor alle gehuwden: de deuren nooit hard toeslaan omwille van een misplaatst woord of en kwetsend gebaar. Dan zal je nooit een nieuwe dag beginnen met de scheven van gisteren. Vergevingsgezindheid is de toetssteen van de liefde.

De derde voorwaarde voor een unieke vriendschap en voor een geode relatie zijn de attenties: “Il faut des rites”, zegt de vos aan het prinsje en legt uit wat dat betekent, namelijk: “ervoor zorgen dat de ene dag verschilt van de andere dagen, het ene uur van de andere eren. Ik zou dat vertalen door ons Nederlandse woord “attenties”.

Onze maatschappij is vrij hard. Dat is in. Het is een modetrend. Zelfs de blik van de mannequins op de catwalk is stoer en kil. Ook in sommige relaties is er weinig tederheid.

Liefde moet tastbaar worden in de vele kleine attenties van elke dag: een vriendelijk woord, een lief gebaar of een woordloos knusjes samenzijn. Je moet er tijd voor maken.

Gehuwden die op die doen wat de vos zei aan het prinsje, zullen veel vreugde kennen samen. En vreugde is altijd mededeelzaam: Ze deint uit in dankbaarheid en bekommernis voor de mensen met wie ze samen leven of voor wie ze verantwoordelijk zijn.

Gehuwden die zo leven kennen een bloemige relatie. Maar daarbij mogen ze niet vergeten dat je bloemen wel kunt zaaien of planten, begieten en bemesten, maar dat de groei en de bloei de mens overstijgt. De natuur maakt de mens nederig: nederigheid, onmisbare humus voor elke religiositeit. Aan de opbouw van een geode relatie moeten gehuwden elke dag werken. Het is een zware opgave die ze niet alleen aankunnen. Terecht trouwen mensen in de kerk en bidden ze geregeld dat God hen zou bijstaan om van hun relatie een tukje paradijs te maken: een mooie reis naar elkaar toe.

Dat wensen we vandaag, op dit feest van de H. Familie, aan alle gehuwden.

G. Buyse, pastoor-deken em. Tielt

Zoeken in Preken Online